Besluitenlijst - Gemeenteraad

Van 15 DECEMBER 2025

Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

1. Goedkeuring notulen en zittingsverslag gemeenteraad van 24 november 2025.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraadszitting van 24 november 2025 worden aan de gemeenteraad voorgelegd. 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd deze notulen en het zittingsverslag goed te keuren.

Juridisch kader

       Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraad van 24 november 2025 goed.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

2. Vaststelling aanpassing meerjarenplan 2020-2025 lokaal bestuur Kapellen: herziening 7: aanpassing kredieten 2025.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Lokaal bestuur Kapellen maakte een meerjarenplan 2020-2025 op. Het ontwerp van dit meerjarenplan werd vastgesteld op de raad van 29 januari 2020. Nu vindt een herziening van het meerjarenplan voor dienstjaar 2025 plaats.

De gemeenteraad stelt het deel van het meerjarenplan herziening 7 kredieten 2025 van lokaal bestuur Kapellen vast.

Budgettair resultaat

2020

2021

2022

2023

2024

2025

I. Exploitatiesaldo

5.617.078

4.629.420

2.707.702

7.786.299

4.931.973

4.356.817

a. Ontvangsten

33.232.030

34.035.545

35.265.058

42.584.566

41.454.829

43.624.894

b. Uitgaven

27.614.951

29.406.126

32.557.356

34.798.268

36.522.856

39.268.077

II. Investeringssaldo

-6.286.586

2.014.952

-150.252

-3.458.531

7.053.624

-8.841.487

a. Ontvangsten

3.658.095

8.670.866

2.584.321

396.487

11.402.875

828.958

b. Uitgaven

9.944.681

6.655.914

2.734.573

3.855.017

4.349.252

9.670.445

III. Saldo exploitatie en investeringen

-669.507

6.644.372

2.557.450

4.327.768

11.985.597

-4.484.670

IV. Financieringssaldo

-3.193.273

-9.246.189

278.567

-3.524.061

-11.080.469

718.705

a. Ontvangsten

84.167

85.747

6.155.665

518.870

1.232.132

5.150.178

b. Uitgaven

3.277.440

9.331.936

5.877.098

4.042.931

12.312.601

4.431.473

V. Budg. resul. bj

-3.862.780

-2.601.817

2.836.017

803.707

905.127

-3.765.965

VI. Gecum. budg. resul. vorig bj

13.134.987

9.268.641

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.215.241

VII. Gecum. budg. resul.

9.272.207

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.211.676

7.449.276

IX. Beschikb. budg. resul.

9.272.207

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.211.676

7.449.276

Juridisch kader

       Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017

       Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

       Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot aanstelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

       Omzendbrief KB/ABB/2019/4 van 3 mei 2019 aangaande de strategische meerjarenplannen 2020-2025 lokale en provinciale besturen

       Gemeenteraadsbeslissing van 29 januari 2020 betreffende de goedkeuring meerjarenplan 2020-2025 lokaal bestuur Kapellen

       Besluiten gemeenteraad van heden betreffende de goedkeuring van de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 - herziening 7 deel OCMW en de vaststelling van het meerjarenplan 2020-2025 - herziening 7 deel gemeente

Financiële gevolgen

Het beschikbaar budgettair resultaat is positief in alle dienstjaren alsook de autofinancieringsmarge in 2025.

Besluit

STEMMING :

20 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Vital Lambert (N-VA), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD), Jan De Block (Open VLD) en Sophie Dieltiens (N-VA).
3 onthoudingen: Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad stelt de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025, herziening 7 van het lokaal bestuur Kapellen vast.

Budgettair resultaat

2020

2021

2022

2023

2024

2025

I. Exploitatiesaldo

5.617.078

4.629.420

2.707.702

7.786.299

4.931.973

4.356.817

a. Ontvangsten

33.232.030

34.035.545

35.265.058

42.584.566

41.454.829

43.624.894

b. Uitgaven

27.614.951

29.406.126

32.557.356

34.798.268

36.522.856

39.268.077

II. Investeringssaldo

-6.286.586

2.014.952

-150.252

-3.458.531

7.053.624

-8.841.487

a. Ontvangsten

3.658.095

8.670.866

2.584.321

396.487

11.402.875

828.958

b. Uitgaven

9.944.681

6.655.914

2.734.573

3.855.017

4.349.252

9.670.445

III. Saldo exploitatie en investeringen

-669.507

6.644.372

2.557.450

4.327.768

11.985.597

-4.484.670

IV. Financieringssaldo

-3.193.273

-9.246.189

278.567

-3.524.061

-11.080.469

718.705

a. Ontvangsten

84.167

85.747

6.155.665

518.870

1.232.132

5.150.178

b. Uitgaven

3.277.440

9.331.936

5.877.098

4.042.931

12.312.601

4.431.473

V. Budg. resul. bj

-3.862.780

-2.601.817

2.836.017

803.707

905.127

-3.765.965

VI. Gecum. budg. resul. vorig bj

13.134.987

9.268.641

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.215.241

VII. Gecum. budg. resul.

9.272.207

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.211.676

7.449.276

IX. Beschikb. budg. resul.

9.272.207

6.666.825

9.502.842

10.306.549

11.211.676

7.449.276

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

3. MJP2026-2031 deel OCMW en beginkrediet 2026.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De raad voor maatschappelijk welzijn heeft de financiële nota (financieel doelstellingenplan, staat van het financieel evenwicht en overzicht van de kredieten) meerjarenplan 2026-2031 deel OCMW vastgesteld.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het meerjarenplan 2026-2031 deel OCMW goed te keuren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1: beleidsrapporten, artikel 249- 256

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ministerieel besluit van 26 juni 2018, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025  betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Bestuursakkoord 2025-2030, ter kennisgeving voorgelegd in zitting van 20 januari 2025 aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van heden betreffende de vaststelling van het meerjarenplan 2029-2031 financiële nota deel OCMW

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ontwerp meerjarenplan 2026-2031

Financiële gevolgen

Het meerjarenplan deel OCMW  is het financieel sluitstuk van alle budgettaire vooruitzichten over de periode 2026-2031.

Het beschikbaar budgettair resultaat van het lokaal bestuur Kapellen, geconsolideerd OCMW en gemeente, is positief in alle dienstjaren alsook de autofinancieringsmarge.

Besluit

STEMMING :

16 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD) en Jan De Block (Open VLD).
7 onthoudingen: Vital Lambert (N-VA), Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Sophie Dieltiens (N-VA) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het deel van het meerjarenplan 2026-2032 en het beginkrediet 2026 deel OCMW goed.

Budgettair resultaat

2026

2027

2028

2029

2030

2031

I. Exploitatiesaldo

-3.165.231

-3.209.459

-3.261.798

-3.345.207

-3.402.255

-3.480.629

a. Ontvangsten

5.496.280

5.687.949

5.684.857

5.730.448

5.745.545

5.824.282

b. Uitgaven

8.661.512

8.897.408

8.946.654

9.075.654

9.147.800

9.304.911

II. Investeringssaldo

-324.000

-41.000

-18.000

-18.000

-18.000

-18.000

a. Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

b. Uitgaven

324.000

41.000

18.000

18.000

18.000

18.000

III. Saldo exploitatie en inv

-3.489.231

-3.250.459

-3.279.798

-3.363.207

-3.420.255

-3.498.629

IV. Financieringssaldo

-37.899

-39.588

0

0

0

0

a. Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

b. Uitgaven

37.899

39.588

0

0

0

0

V. Budg res boekjaar

-3.527.131

-3.290.047

-3.279.798

-3.363.207

-3.420.255

-3.498.629

VI. Gecumbudg res vorig jaar

-2.598.378

-3.440.947

-4.046.432

-4.641.667

-5.320.312

-6.056.005

VII. Gecumuleerd budg res

-6.125.509

-6.730.994

-7.326.229

-8.004.874

-8.740.567

-9.554.634

 

III. AFM

-3.203.131

-3.249.047

-3.261.798

-3.345.207

-3.402.255

-3.480.629

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

4. Vaststelling_MJP2026-2031 deel gemeente Kapellen en beginkrediet 2026.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Dit meerjarenplan beschrijft de strategische koers en beleidskeuzes van het lokaal bestuur - deel gemeente - voor de periode 2026–2031.

In het meerjarenplan geeft het lokaal bestuur de doelstellingen van het beleid weer en de acties die het zal ondernemen om deze te bereiken. Er staat ook beschreven hoe de budgetten verdeeld worden om deze doelstellingen te kunnen realiseren.

Het meerjarenplan wordt opgemaakt in het  eerste jaar van een bestuursperiode en loopt daarom vanaf het tweede jaar van de huidige legislatuur tot en met het eerste jaar van de volgende legislatuur.

Het meerjarenplan vormt de planningsfase van de zogenaamde beleidscyclus. De opmaak ervan is het resultaat van intensief samenwerken tussen bestuur en administratie. Een meerjarenplan en begroting opmaken is immers een complexe oefening.

De start van dit project werd gevormd door een omgevingsanalyse en een inspiratienota vanuit het management.

Het bestuursakkoord was de basis voor de verdere opmaak. Het meerjarenplan vertaalt de beleidslijnen en thema’s hiervan in beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties en welke middelen hiervoor kunnen ingezet worden.

Het voorgelegde meerjarenplan 2026-2031 betreft het deel financiële nota deel gemeente binnen het lokaal bestuur.

De financiële nota bevat volgende documenten

  1. financieel doelstellingenplan van de gemeente
  2. staat van het financieel evenwicht van de gemeente (schema M2)
  3. overzicht van de kredieten

 Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het meerjarenplan deel gemeente vast te stellen

Juridisch kader

       Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1: beleidsrapporten, artikel 249- 256

       Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023

       Ministerieel besluit van 26 juni 2018, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

       Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025  betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

       Brief van mevrouw Hilde Crevits, Vlaams Minister, van 7 oktober 2025, betreffende de verwerking van de laatste ramingen in de meerjarenplannen 2026-2031

       Alle herziene retributie- en belastingreglementen en tarieven ingaande vanaf 2026 tot en met 31 december 2031, vastgesteld in de gemeenteraadszittingen van 13 oktober en 24 november 2025

       Besluiten gemeenteraad van 24 november 2025 aangaande de goedgekeurde dotaties aan de Brandweerzone Rand en lokale politiezone Noord voor boekjaar 2026

       Besluiten gemeenteraad en raad van bestuur van heden betreffende de toekenning van prijssubsidies aan het AGB

       Bestuursakkoord 2025-2030, ter kennisgeving voorgelegd in zitting van 20 januari 2025 aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn

       Ontwerp meerjarenplan 2026-2031

Financiële gevolgen

Het meerjarenplan is het financieel sluitstuk van alle budgettaire vooruitzichten over de periode 2026-2031.

Het beschikbaar budgettair resultaat is positief in alle dienstjaren alsook de autofinancieringsmarge.

Besluit

STEMMING :

16 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD) en Jan De Block (Open VLD).
7 onthoudingen: Vital Lambert (N-VA), Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Sophie Dieltiens (N-VA) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad stelt het deel van het meerjarenplan 2026-2031 en het beginkrediet 2026 deel gemeente Kapellen vast.

Budgettair resultaat

2026

2027

2028

2029

2030

2031

I. Exploitatiesaldo

6.415.824

5.935.170

6.212.191

6.563.040

8.244.648

7.043.789

a. Ontvangsten

39.835.969

39.880.985

40.899.450

41.986.580

44.479.452

43.854.451

b. Uitgaven

33.420.145

33.945.816

34.687.259

35.423.541

36.234.804

36.810.662

II. Investeringssaldo

-3.842.846

-7.149.036

-2.689.201

-4.823.398

-3.311.606

-3.196.838

a. Ontvangsten

2.593.419

404.848

2.379.631

44.848

44.848

44.848

b. Uitgaven

6.436.265

7.553.884

5.068.832

4.868.246

3.356.454

3.241.686

III. Saldo exploitatie en inv

2.572.978

-1.213.866

3.522.990

1.739.642

4.933.042

3.846.951

IV. Financieringssaldo

-2.733.092

1.366.305

-295.678

1.576.072

-1.468.608

-3.208

a. Ontvangsten

1.761.016

5.596.176

3.811.679

5.367.231

4.044.721

3.504.106

b. Uitgaven

4.494.108

4.229.871

4.107.357

3.791.158

5.513.329

3.507.314

V. Budg res boekjaar

-160.114

152.439

3.227.312

3.315.714

3.464.434

3.843.743

VI. Gecum budg res vorig jaar

10.047.654

7.202.978

4.670.855

5.213.605

5.844.757

6.624.628

VII. Gecumbudg res

9.887.540

7.355.417

7.898.167

8.529.319

9.309.190

10.468.372

 

 

 

 

 

 

 

III. AFM

3.663.759

3.285.822

3.360.912

3.492.597

3.457.317

4.158.626

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

5. Vaststelling meerjarenplan 2026-2031 en beginkrediet 2026 lokaal bestuur Kapellen  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Dit meerjarenplan beschrijft de strategische koers en beleidskeuzes van het lokaal bestuur voor de periode 2026–2031.

In het meerjarenplan geeft het lokaal bestuur de doelstellingen van het beleid weer en de acties die het zal ondernemen om deze te bereiken. Er staat ook beschreven hoe de budgetten verdeeld worden om deze doelstellingen te kunnen realiseren.

Het meerjarenplan wordt opgemaakt in het  eerste jaar van een bestuursperiode en loopt daarom vanaf het tweede jaar van de huidige legislatuur tot en met het eerste jaar van de volgende legislatuur.

Het meerjarenplan vormt de planningsfase van de zogenaamde beleidscyclus. De opmaak ervan is het resultaat van intensief samenwerken tussen bestuur en administratie. Een meerjarenplan en begroting opmaken is immers een complexe oefening.

De start van dit project werd gevormd door een omgevingsanalyse en een inspiratienota vanuit het management.

Het bestuursakkoord was de basis voor de verdere opmaak. Het meerjarenplan vertaalt de beleidslijnen en thema’s hiervan in beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties en welke middelen hiervoor kunnen ingezet worden.

De gemeenteraad heeft het meerjarenplan 2026-2031 financiële nota deel OCMW goedgekeurd en de financiële nota deel gemeente vastgesteld.

Het voorgelegde meerjarenplan 2026-2031 betreft het geconsolideerde meerjarenplan 2026-2031 van het lokaal bestuur Kapellen.

Dit meerjarenplan bestaat uit 3 delen:

  1. Een strategische nota
  2. Een financiële nota &
  3. De toelichting, aangevuld  met documentatie

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het meerjarenplan 2026-2031 vast stellen.

Juridisch kader

       Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1: beleidsrapporten, artikel 249- 256

       Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023

       Ministerieel besluit van 26 juni 2018, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

       Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025  betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

       Brief van mevrouw Hilde Crevits, Vlaams Minister, van 7 oktober 2025, betreffende de verwerking van de laatste ramingen in de meerjarenplannen 2026-2031

       Alle herziene retributie- en belastingreglementen en tarieven ingaande vanaf 2026 tot en met 31 december 2031, vastgesteld in de gemeenteraadszittingen van 13 oktober en 24 november 2025

       Besluiten gemeenteraad en raad van bestuur van heden betreffende de toekenning van prijssubsidies aan het AGB

       Besluiten gemeenteraad van 24 november 2025 aangaande de goedgekeurde dotaties aan de Brandweerzone Rand en lokale politiezone Noord voor boekjaar 2026

       Bestuursakkoord 2025-2030, ter kennisgeving voorgelegd in zitting van 20 januari 2025 aan de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn

       Besluiten gemeenteraad van heden betreffende de goedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031 financiële nota deel OCMW en de vaststelling van de financiële nota deel gemeente

       Ontwerp meerjarenplan 2026-2031

Financiële gevolgen

Het meerjarenplan is het financieel sluitstuk van alle budgettaire vooruitzichten over de periode 2026-2031.

Het geconsolideerd beschikbaar  budgettair resultaat van het lokaal bestuur is positief voor alle dienstjaren alsook de autofinancieringsmarge.

Besluit

STEMMING :

16 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD) en Jan De Block (Open VLD).
7 onthoudingen: Vital Lambert (N-VA), Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Sophie Dieltiens (N-VA) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad stelt het meerjarenplan vast bestaande uit 3 delen

  1. Een strategische nota
  2. Een financiële nota &
  3. De toelichting, aangevuld  met documentatie

 

Artikel 2

De geconsolideerde financiële nota van het meerjarenplan 2026-2031 en het beginkrediet 2026 van het lokaal bestuur wordt vastgesteld

Budgettair resultaat

2026

2027

2028

2029

2030

2031

I. Exploitatiesaldo

3.250.593

2.725.711

2.950.393

3.217.833

4.842.393

3.563.160

a. Ontvangsten

45.332.249

45.568.934

46.584.307

47.717.028

50.224.997

49.678.733

b. Uitgaven

42.081.657

42.843.224

43.633.913

44.499.195

45.382.604

46.115.573

II. Investeringssaldo

-4.166.846

-7.190.036

-2.707.201

-4.841.398

-3.329.606

-3.214.838

a. Ontvangsten

2.593.419

404.848

2.379.631

44.848

44.848

44.848

b. Uitgaven

6.760.265

7.594.884

5.086.832

4.886.246

3.374.454

3.259.686

III. Saldo exploitatie en inv

-916.253

-4.464.325

243.192

-1.623.565

1.512.787

348.322

IV. Financieringssaldo

-2.770.992

1.326.717

-295.678

1.576.072

-1.468.608

-3.208

a. Ontvangsten

1.761.016

5.596.176

3.811.679

5.367.231

4.044.721

3.504.106

b. Uitgaven

4.532.008

4.269.459

4.107.357

3.791.158

5.513.329

3.507.314

V. Budg res boekjaar

-3.687.245

-3.137.608

-52.486

-47.493

44.179

345.114

VI. Gecu mbudg res vorig jaar

7.449.276

3.762.031

624.423

571.937

524.445

568.623

VII. Gecum budg res

3.762.031

624.423

571.937

524.445

568.623

913.738

 

 

 

 

 

 

 

III. AFM

460.629

36.775

99.114

147.390

55.062

677.997

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

6. Vaststelling opdrachten van dagelijks bestuur.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

In beginsel is de gemeenteraad bevoegd voor de vaststelling van de wijze waarop de opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten worden toegewezen en het vaststellen van de voorwaarden van de opdracht.

Een uitzondering hierop, zijn de opdrachten van dagelijks bestuur. Deze opdrachten vallen rechtstreeks onder de bevoegdheid van het college van burgemeester en schepenen (met mogelijkheid van delegatie aan de algemeen directeur).

Het is aan de gemeenteraad om te bepalen wat onder het begrip dagelijks bestuur moet worden verstaan.

De laatste vaststelling van het begrip dagelijks bestuur dateert van 2022. Het is aangewezen om dit opnieuw vast te leggen bij het voorleggen van het meerjarenplan 2026-2031.

Overheidsopdrachten:

Het dagelijks bestuur in het kader van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten wordt vastgelegd als volgt:

- de overheidsopdrachten voor uitgaven binnen het exploitatiebudget waarvan het bedrag het vastgestelde grensbedrag (zoals bepaald in de wet inzake overheidsopdrachten) niet overschrijdt. Vanaf 1 januari 2026 is dit bedrag vastgelegd op 140.000 euro, zonder BTW (art. 42, § 1, 1°, a) Wet Overheidsopdrachten), maar wordt tweejaarlijks aangepast. Het begrip dagelijks bestuur zal evolueren met de aanpassing van dit bedrag binnen de wetgeving op overheidsopdrachten.

- de overheidsopdrachten voor uitgaven binnen het investeringsbudget waarvan het bedrag het vastgestelde grensbedrag (zoals bepaald in de wet inzake overheidsopdrachten) niet overschrijdt. Vanaf 1 januari 2026 is dit bedrag vastgelegd op 140.000 euro, zonder BTW (art. 42, § 1, 1°, a) Wet Overheidsopdrachten), maar wordt tweejaarlijks aangepast. Het begrip dagelijks bestuur zal evolueren met de aanpassing van dit bedrag binnen de wetgeving op overheidsopdrachten.

- wijzigingen aan overeenkomsten van opdrachten voor werken, leveringen en diensten die nodig geacht worden bij de uitvoering van de opdracht, in zover hierbij geen afbreuk wordt gedaan aan de essentiële bepalingen en voorwaarden van de opdracht en in zoverre hieruit geen bijkomende uitgaven van meer dan 20% van het gunningsbedrag voortkomen.

Leningen:

Het dagelijks bestuur in het kader van leningen wordt vastgesteld als volgt:

- de bevoegdheid voor het aangaan van leningen of het nemen van besluiten waarbij de financiële lasten van de opgenomen leningen worden herschikt door die lasten te spreiden over een kortere of gelijke periode.

Visumbepaling:

De financieel directeur onderzoekt de wettigheid en regelmatigheid van die voorgenomen verbintenissen in het kader van zijn opdracht. Hij verleent zijn visum, als uit dat onderzoek de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwaarden koppelen aan zijn visum. Als de financieel directeur weigert zijn visum te verlenen, of als hij er voorwaarden aan koppelt, motiveert hij dat.

De gemeenteraad bepaalt de nadere voorwaarden waaronder de financieel directeur de controle uitoefent. De gemeenteraad kan bepaalde categorieën van verrichtingen uitsluiten van de visumverplichting.

Het dagelijks bestuur in het kader van de visumbepaling wordt vastgesteld als volgt:

- alle verrichtingen van dagelijks bestuur van minder dan 5000 euro, exclusief BTW worden vrijgesteld van de visumverplichting.

- de financieel directeur beschikt voor de uitoefening van zijn visumverplichting over een termijn van 20 kalenderdagen. Deze termijn vangt aan op het moment waarop het laatst ontbrekende stuk van het betreffende dossier aan de financieel beheerder wordt overgemaakt. Het dossier dat ter visering wordt voorgelegd bevat een inventaris van alle stukken die deel uitmaken van het dossier.  Het visum blijkt uit een verklaring van de financieel directeur in het gehanteerde softwaresysteem.

- het visum wordt bij overheidsopdrachten principieel gegeven voordat de budgethouder de opdracht gunt. Het visum wordt in ieder geval uiterlijk gegeven voor de verbintenis ontstaat. Indien de beslissing anders genomen wordt dan zoals voorgenomen op het moment van visering, dan vervalt het eerste visum en dient het dossier terug ter visering voorgelegd te worden aan de financieel beheerder voor de verbintenis definitief ontstaat.

- bij een visum geeft de financieel directeur een motivering.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016, artikel 42 betreffende drempelbedragen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad en artikel 266 betreffende het visum

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             gemeenteraadsbeslissing van 16 mei 2022 betreffende de vaststelling van het begrip dagelijks bestuur

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad stelt het dagelijks bestuur in het kader van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten vast als volgt:

- de overheidsopdrachten voor uitgaven binnen het exploitatiebudget waarvan het bedrag het vastgestelde grensbedrag (zoals bepaald in de wet inzake overheidsopdrachten) niet overschrijdt. Vanaf 1 januari 2022 is dit bedrag vastgelegd op 140.000 euro, zonder BTW (art. 42, § 1, 1°, a) Wet Overheidsopdrachten), maar wordt tweejaarlijks aangepast. Het begrip dagelijks bestuur zal evolueren met de aanpassing van dit bedrag binnen de wetgeving op overheidsopdrachten.

- de overheidsopdrachten voor uitgaven binnen het investeringsbudget waarvan het bedrag het vastgestelde grensbedrag (zoals bepaald in de wet inzake overheidsopdrachten) niet overschrijdt. Vanaf 1 januari 2022 is dit bedrag vastgelegd op 140.000 euro, zonder BTW (art. 42, § 1, 1°, a) Wet Overheidsopdrachten), maar wordt tweejaarlijks aangepast. Het begrip dagelijks bestuur zal evolueren met de aanpassing van dit bedrag binnen de wetgeving op overheidsopdrachten.

- wijzigingen aan overeenkomsten van opdrachten voor werken, leveringen en diensten die nodig geacht worden bij de uitvoering van de opdracht, in zover hierbij geen afbreuk wordt gedaan aan de essentiële bepalingen en voorwaarden van de opdracht en in zoverre hieruit geen bijkomende uitgaven van meer dan 20% van het gunningsbedrag voortkomen.

Artikel 2

De gemeenteraad stelt het dagelijks bestuur in het kader van leningen vast als volgt:

De bevoegdheid voor het aangaan van leningen of het nemen van besluiten waarbij de financiële lasten van de opgenomen leningen worden herschikt door die lasten te spreiden over een kortere of gelijke periode.

Artikel 3

De gemeenteraad stelt het dagelijks bestuur in het kader van visumbepaling vast als volgt:

- alle verrichtingen van dagelijks bestuur van minder dan 5000 euro, exclusief BTW worden vrijgesteld van de visumverplichting.

- de financieel directeur beschikt voor de uitoefening van zijn visumverplichting over een termijn van 20 kalenderdagen. Deze termijn vangt aan op het moment waarop het laatst ontbrekende stuk van het betreffende dossier aan de financieel beheerder wordt overgemaakt. Het dossier dat ter visering wordt voorgelegd bevat een inventaris van alle stukken die deel uitmaken van het dossier.  Het visum blijkt uit een verklaring van de financieel directeur in het gehanteerde softwaresysteem.

- het visum wordt bij overheidsopdrachten principieel gegeven voordat de budgethouder de opdracht gunt. Het visum wordt in ieder geval uiterlijk gegeven voor de verbintenis ontstaat. Indien de beslissing anders genomen wordt dan zoals voorgenomen op het moment van visering, dan vervalt het eerste visum en dient het dossier terug ter visering voorgelegd te worden aan de financieel beheerder voor de verbintenis definitief ontstaat.

- bij een visum geeft de financieel directeur een motivering.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

7. Lijst nominatieve overheidsopdrachten.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het is nodig om de aanbestedingsprocedures in lijn te krijgen met het decreet. Daarnaast is het wenselijk om een snelle en vlotte werking voor overheidsopdrachten te garanderen.

In regel is de gemeenteraad bevoegd voor het opstarten van alle overheidsopdrachten (d.i. het bepalen van de plaatsingsprocedure en de lastvoorwaarden), tenzij het een opdracht betreft

                                                                                                                                                                                                                                                                                        die vervat zit onder de voorwaarden van het dagelijks bestuur

                                                                                                                                                                                                                                                                                        waarvoor de raad zijn bevoegdheid aan het college heeft gedelegeerd

Die delegatie moet geformaliseerd worden in een apart raadsbesluit. Daarom is het aangewezen een lijst van te delegeren overheidsopdrachten door de raad te laten goedkeuren.

Het besluit zal zijn als volgt:

Het decreet lokaal bestuur bepaalt dat de raad bevoegd is voor het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij de opdracht past binnen het begrip dagelijks bestuur of wanneer de raad de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden voor die overheidsopdracht nominatief aan het college van burgemeester en schepenen heeft toevertrouwd.

Met het oog op een efficiënte en vlotte verwerking van de plaatsing van overheidsopdrachten is het aangewezen om het vaststellen van de plaatsingsprocedure en van de voorwaarden van bepaalde opdrachten nominatief toe te vertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2027

Financiële gevolgen

De kredieten voor deze nominatieve subsidies zijn voorzien in het meerjarenplan 2026-2031. Zo niet, moeten deze voorzien worden in aanpassing meerjarenplan.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

Het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het bepalen van de voorwaarden voor volgende opdrachten wordt nominatief toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen:

       Heraanleg Klinkaardstraat (openbare verlichting, voet- en fietspad)

       Ontwikkelingsproject Kapellen

       Onderhoudscontracten voor groen (maaien bermen, onderhoud plantsoenen en hagen, onkruidbeheersing)

       ICT: SaaS (licenties, hosting, onderhoudscontracten)

       Vernieuwen en opwaardering voet- en fietspaden en rijwegen

       Onderhoudscontracten gemeentelijk patrimonium (schoonmaak en glaswas, alarminstallaties en beveiliging, technisch beheer)

       Dorpskernvernieuwing

       Privé-uitbater buitenschoolse kinderopvang

       Aankoop tractor via leasing

       Aankoop drank voor gemeente, OCMW, AGB

       Uitbating ijspiste

       Zomeroptredens in het park

       Overlagingswerken rijwegen

       Wegmarkeringen en verkeersmaatregelen (IPM + mobiliteitsplan)

       Dorpskernvernieuwing en Dorpsplein

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

8. Evaluatieverslag autonoom gemeentebedrijf APB Mercator Kapellen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het Decreet over het lokaal bestuur (DLB) legt aan ieder extern verzelfstandigd agentschap de verplichting op om in het eerste jaar van de legislatuur een evaluatieverslag voor te leggen aan de gemeenteraad, over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan.

Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de gemeenteraad zich binnen drie maanden uitspreekt.

Onze externe consultants hebben APB Mercator begeleid met de opmaak van  een boekhoudkundig-financiële analyse (Moore) en een juridische analyse (GD&A) met evaluatiecriteria tot verzelfstandiging, juridisch, financieel en fiscaal kader en een slotevaluatie van de verzelfstandiging.

De raad van bestuur van APB Mercator heeft het evaluatieverslag vastgesteld in zitting van heden.

Het evaluatieverslag dat tevens ook een evaluatie van de verzelfstandiging omvat, wordt nu ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd .

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 21 december 2021 betreffende de oprichting van APB Mercator en vaststelling van haar statuten

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 4  juli 2022 betreffende de beheersovereenkomst tussen de gemeente en Mercator APB Kapellen 

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Het Decreet over het lokaal bestuur (DLB) legt aan ieder extern verzelfstandigd agentschap de verplichting op om in het eerste jaar van de legislatuur een evaluatieverslag voor te leggen aan de gemeenteraad. Art. 227, derde lid DLB bepaalt:

 “Elk gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap legt in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraden een evaluatieverslag voor aan de gemeenteraad over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan. Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de gemeenteraad zich binnen drie maanden uitspreekt.”

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Besluit van de raad van bestuur van APB Mercator van heden betreffende de vaststelling van het evaluatieverslag van APB Mercator over de voorbije bestuursperiode

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Het decreet lokaal bestuur inzonderheid artikel 234, §3,  verlenging beheersovereenkomst

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het evaluatieverslag van het autonoom gemeentebedrijf APB Mercator goed zoals het werd vastgesteld door de raad van bestuur van APB Mercator.

KAPELLEN MERCATOR AGB – decretaal evaluatieverslag

  1.                                                                                                                                                                                                                                                                                    INLEIDING

Hoewel het AGB een jaar de tijd heeft voor het opstellen van het evaluatieverslag, is het aangewezen dat de evaluatie voorafgaat aan de nieuwe beheersovereenkomst. Het is immers pas zinvol om na een positieve evaluatie een nieuwe beheersovereenkomst te sluiten. Bovendien bestaat de mogelijkheid dat de evaluatie elementen oplevert, die in de nieuwe beheersovereenkomst moeten worden meegenomen.

De beheersovereenkomst regelt volgens de Memorie van Toelichting bij voorkeur de volgende aangelegenheden:

                 de concretisering van de wijze waarop het agentschap zijn taken moet vervullen en van de doelstellingen ervan;

                 de toekenning van middelen voor de eigen werking en de uitvoering van de doelstellingen van het autonoom gemeentebedrijf;

                 binnen de perken en overeenkomstig de toekenningsvoorwaarden, bepaald door de Vlaamse Regering, het presentiegeld en de andere vergoedingen die in het kader van de bestuurlijke werking van het autonoom gemeentebedrijf worden toegekend;

                 de voorwaarden waaronder eigen inkomsten of andere financieringen mogen worden verworven en aangewend;

                 de wijze waarop de tarieven voor de geleverde prestaties door de raad van bestuur vastgesteld en berekend worden;

                 de gedragsregels inzake dienstverlening door het autonoom gemeentebedrijf;

                 de voorwaarden waaronder het autonoom gemeentebedrijf andere personen kan oprichten, erin kan deelnemen of zich erin kan laten vertegenwoordigen;

                 de informatieverstrekking door het autonoom gemeentebedrijf aan de gemeente;

                 de wijze waarop het autonoom gemeentebedrijf de organisatiebeheersing regelt, waaronder de regels voor het aangaan van verbintenissen, de kredietbewaking, de wetmatigheidscontrole en de ondertekening van de girale betalingsorders, overeenkomstig artikel 219;

                 wanneer de opvolgingsrapportering, vermeld in artikel 263, aan de gemeenteraad moet worden voorgelegd;

                 de maatregelen bij niet-naleving door een partij van haar verbintenissen uit hoofde van de beheersovereenkomst en de bepalingen inzake beslechting van geschillen die rijzen bij de uitvoering van de beheersovereenkomst;

                 de omstandigheden waarin en de wijze waarop de beheersovereenkomst kan worden verlengd, gewijzigd, geschorst en ontbonden.

 

Het DLB laat de inhoudelijke invulling over aan de besturen.

  1.             ACTIVITEITEN VAN HET AGB

Het AGB exploiteert vandaag parkeerinfrastructuur.

  1.             EVALUATIE CRITERIA TOT VERZELFSTANDIGING

Zoals voorzien in artikel 231 DLB, diende bij de oprichting van het AGB een afweging te worden gemaakt van de voor- en nadelen van externe verzelfstandiging met inbegrip van de motivering dat beheer binnen de rechtspersoonlijkheid van de gemeente niet dezelfde voordelen kan bieden. Vandaag blijkt dat er nog steeds belangrijke motieven aanwezig zijn om de verzelfstandiging te behouden.

3.1. Motieven oprichting

De oprichting van het autonoom parkeerbedrijf Mercator in Kapellen is het resultaat van een analyse van de noden en uitdagingen waarmee de gemeente geconfronteerd wordt op het vlak van parkeerbeleid en mobiliteit. De voornaamste motieven voor deze oprichting zijn terug te voeren op de nood aan een efficiëntere, flexibelere en meer klantgerichte aanpak van het parkeerbeheer, die binnen de klassieke gemeentelijke structuren moeilijk te realiseren is. Door te kiezen voor een AGB, kan Kapellen profiteren van een grotere autonomie en slagkracht in de uitvoering van haar parkeerbeleid. Dit vertaalt zich in snellere besluitvorming, een meer bedrijfsmatige werking en de mogelijkheid om sneller in te spelen op veranderende omstandigheden en behoeften van burgers, handelaars en bezoekers.

Bij de afweging van de voor- en nadelen van externe verzelfstandiging werd vastgesteld dat de voordelen opwegen tegen de potentiële nadelen. Enerzijds biedt een autonoom gemeentebedrijf de mogelijkheid om een eigen financieel beleid te voeren, waarbij inkomsten uit parkeergelden rechtstreeks kunnen worden ingezet voor de verdere ontwikkeling en het onderhoud van de parkeerinfrastructuur. Dit creëert niet alleen meer financiële ruimte, maar zorgt er ook voor dat de middelen doelgericht en transparant worden aangewend. Anderzijds maakt de externe verzelfstandiging het mogelijk om samenwerkingsverbanden met private en semi-private partners aan te gaan, wat de realisatie van innovatieve projecten en investeringen in de hand werkt. De flexibele beheersstructuur van het AGB laat toe om sneller te schakelen en adequaat te reageren op marktontwikkelingen, zonder de remmende werking van langdurige gemeentelijke procedures.

Uiteraard werden ook de mogelijke nadelen van externe verzelfstandiging in overweging genomen, zoals het risico op een democratisch deficit en de bijkomende administratieve lasten. Om deze risico’s te mitigeren, werd voorzien in een duidelijke beheersovereenkomst tussen de gemeente en het autonoom parkeerbedrijf, met heldere afspraken over rapportering, controle en de afbakening van bevoegdheden. De gemeenteraad behoudt zo de regierol en het toezicht op de strategische keuzes, terwijl het AGB de operationele uitvoering op zich neemt. De oprichting van het autonoom parkeerbedrijf Mercator is aldus een weloverwogen keuze, die de gemeente Kapellen in staat stelt om haar parkeerbeleid toekomstgericht, efficiënt en in het belang van alle betrokkenen te organiseren.

 

3.2. Alternatieven

 

Het onderbrengen van deze activiteiten binnen de gemeente of binnen het AGB kapellen is niet aangewezen gelet op de specialiteit van een parking-exploitatie.

 

  1.             CONTINUITEIT

4.1. Juridisch kader

4.1.1. Decreet over het lokaal bestuur

Art. 227, tweede lid DLB bepaalt met ingang van 8 april 2023 dat het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering dient af te sluiten.

Art. 235, §4, derde lid DLB is met ingang van 8 april 2023 opgeheven. Deze bepaling hield in dat de gemeenteraad jaarlijks beslist over de aan de bestuurders te verlenen kwijting, na goedkeuring van de rekeningen en dat die kwijting alleen rechtsgeldig is als de ware toestand van het autonoom gemeentebedrijf niet wordt verborgen door enige weglating of onjuiste opgave in de rekeningen of in de rapportering over de uitvoering van de beheersovereenkomst.

Art. 239 werd met ingang van 8 april 2023 uitgebreid met een vierde lid, dat bepaalt dat art. 185/1 DLB van toepassing is bij de overdracht van personeel. De overdracht moet worden vastgelegd in de rechtspositieregeling van het personeel en goedgekeurd door het bevoegde orgaan van de ontvangende instantie. Personeelsleden behouden hun dienstverband, graad, anciënniteit, prestatieregeling, salarisschaal en rechten en verplichtingen na de overdracht. De overdracht kan geen reden voor ontslag zijn. De Vlaamse Regering kan verdere minimale waarborgen vaststellen. Dit geldt zowel voor overdrachten tussen gemeenten en aanverwante instanties als voor overdrachten aan externe agentschappen en verenigingen.

Art. 241, eerste lid DLB werd met ingang van 14 augustus 2021 aangepast in die zin dat naast hoofdstuk 3 en artikel 249, § 3, artikel 256, 260, derde lid, artikel 262, § 1, tweede lid, en artikel 264, tweede lid ook artikel 249 § 4 (m.b.t. de stemming over afzonderlijke onderdelen van het beleidsrapport, doch toegevoegd aan art. 242 DLB) en hoofdstuk 4 (m.b.t. het OCMW) niet van toepassing zijn op autonome gemeentebedrijven.

Aan art. 242 DLB werd met ingang van 14 augustus 2021 een derde en vierde lid toegevoegd dat luidt als volgt. De raad van bestuur stemt telkens over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan. In afwijking van het derde lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat het ontwerp van het meerjarenplan of de aanpassing ervan moet worden gewijzigd, wordt de stemming over het hele meerjarenplan verdaagd tot een volgende vergadering van de raad van bestuur.

Aan art. 243, §1 DLB werd een tweede en derde lid toegevoegd met ingang van 14 augustus 2021 dat luidt als volgt. De raad van bestuur stemt telkens over de hele jaarrekening. In afwijking van het tweede lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over de hele jaarrekening stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat de jaarrekening moet worden gewijzigd, wordt de stemming over de hele jaarrekening verdaagd tot een volgende vergadering van de raad van bestuur.

 

In concreto betekent dit dat aan de statuten kan worden toegevoegd dat het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering dient af te sluiten. Aan art. 31 van de statuten kan een bijkomend lid worden toegevoegd: “Het bedrijf dient een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten.”.

Art. 32 van de statuten i.v.m. de kwijting kan worden opgeheven.

Art. 21 van de statuten kan worden aangevuld met volgende zin: “Artikel 185/1 DLB is van toepassing bij de overdracht van personeel.”.

Verder is een algemene aanpassing aan het Decreet over het lokaal bestuur vereist.

 

4.1.2. Organisatiebeheersing

Organisatiebeheersing is het geheel van maatregelen en procedures die ontworpen zijn om een redelijke zekerheid te verschaffen dat men:

1° de vastgelegde doelstellingen bereikt en de risico's om deze te bereiken kent en beheerst;

2° wetgeving en procedures naleeft;

3° over betrouwbare financiële en beheersrapportering beschikt;

4° op een effectieve en efficiënte wijze werkt en de beschikbare middelen economisch inzet;

5° de activa beschermt en fraude voorkomt.

Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt op welke wijze de organisatiebeheersing wordt georganiseerd, met inbegrip van de te nemen controlemaatregelen, procedures en de aanwijzing van de personeelsleden en organen die ervoor verantwoordelijk zijn, en de rapporteringsverplichtingen van de personeelsleden die bij het organisatiebeheersingssysteem betrokken zijn.

Het organisatiebeheersingssysteem beantwoordt minstens aan het principe van functiescheiding waar mogelijk en is verenigbaar met de continuïteit van de werking van de diensten.

Volgens de memorie van toelichting omvat het organisatiebeheersingssysteem onder andere:

                 hoe men het proces van beleidsplanning, -uitvoering en –evaluatie concreet invult met het oog op het bereiken van de beleidsdoelstellingen;

                 welke monitoringsystemen men ontwikkelt om relevante data over het gevoerde beleid en beheer te verzamelen;

                 hoe men de sleutelprocessen beheert en de belangrijkste risico’s identificeert en welke risicobeheersingsmaatregelen er genomen worden;

                 hoe men de verwachtingen van de belanghebbenden in kaart brengt en er de dialoog mee aangaat;

 

                 hoe men de inzet en de prestaties van het personeel opvolgt en hoe de instrumenten van het personeelsbeleid geëvalueerd worden;

                 hoe men de belangrijkste waarden van de organisatie in de werking inpast en het integriteitsbeleid vorm geeft;

                 het kader voor het informatiebeheer en de interne en externe communicatie;

                 het kader voor het financieel management en de financiële rapportering, waaronder:

                 wie verantwoordelijk is voor de facturatie van de te ontvangen bedragen en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 wie verantwoordelijk is voor de goedkeuring van de te betalen bedragen en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 wie verantwoordelijk is voor de kasverrichtingen en onder welke voorwaarden die gebeuren;

                 aan wie kasprovisies kunnen worden ter beschikking gesteld voor het betalen van geringe exploitatie-uitgaven die voor de goede werking van de dienst onmiddellijk moeten worden gedaan, en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 de regels voor de kredietbewaking;

                 het kader voor het facilitair management;

                 het kader voor het beleid en het beheer inzake informatie- en communicatietechnologie en -veiligheid;

                 hoe de naleving van de relevante wet- en regelgeving gegarandeerd wordt, waaronder wie advies kan vragen aan de financieel directeur over de wettigheid en regelmatigheid voor verrichtingen die van de visumverplichting zijn uitgesloten;

                 de regels voor de actualisatie van de inventaris van al de bezittingen, rechten, vorderingen, schulden en verplichtingen van de gemeente van welke aard ook.

 

Het Decreet over het lokaal bestuur legt in art. 234, §2 ook een link met organisatiebeheersing:

Zolang het autonoom gemeentebedrijf geen eigen regels heeft vastgesteld voor het aangaan van verbintenissen, de kredietbewaking, de wetmatigheidscontrole of de ondertekening van de girale betalingsorders, zijn artikel 266, 267, 269 en 272, § 1, tweede en derde lid, van toepassing op het autonoom gemeentebedrijf. In dat geval zijn bovendien artikel 265, 268 en 272, § 1, eerste lid, en § 2, eerste lid, van toepassing op het autonoom gemeentebedrijf, met dien verstande dat de volgende woorden worden gelezen als volgt:

1° "de gemeente" als "het autonoom gemeentebedrijf";

2° "de gemeenteraad" als "de raad van bestuur";

3° "de algemeen directeur" als "de gedelegeerd bestuurder" of, als het autonoom gemeentebedrijf geen gedelegeerd bestuurder heeft, als "de voorzitter van de raad van bestuur";

4° "het college van burgemeester en schepenen" als "de raad van bestuur".”.

 

Artikel 15 van de huidige beheersovereenkomst bevat volgende regeling:

De bepalingen inzake interne controle, die voor de diensten van de gemeente van toepassing zullen zijn, zijn ook van toepassing op Mercator APB.

Tenzij tegenstrijdig met onderstaande bepalingen gelden inzake de uitgavencyclus voor het overige de regels zoals voorzien in de artikelen 265 e.v. van het decreet lokaal bestuur.

De voorgenomen financiële verbintenissen die resulteren in een uitgaande netto kasstroom zijn onderworpen aan een voorafgaand visum, voordat enige verbintenis kan worden aangegaan.

De financieel verantwoordelijke onderzoekt de wettigheid en regelmatigheid van die voorgenomen verbintenissen in het kader van zijn opdracht vermeld in artikel 177, eerste lid, 1°. Hij verleent zijn visum, als uit het onderzoek de wettigheid en re-gelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwaarden koppelen aan zijn visum. Als de financieel verantwoordelijke weigert zijn visum te verlenen, of als hij er voorwoorden aan koppelt, motiveert hij dit.

Voor de financiële verbintenissen die worden aangegaan door Mercator APB gelden dezelfde vrijstellingen van de visumplicht als deze die gelden bij de gemeente.”.

Deze werkwijze heeft in de vorige legislatuur naar voldoening gewerkt en kan behouden blijven.

 

4.1.3. Tariefbepaling

Art. 240, §4 van het DLB bepaalt dat het Bedrijf de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het Bedrijf levert, vaststelt binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

De beheersovereenkomst bevat geen afsprakenkader rond tarieven, waardoor de gemeenteraad bevoegd blijft. Deze werkwijze kan behouden blijven.

 

 

4.2. Financieel kader

4.2.1. Financieel evenwicht

Een autonoom gemeentebedrijf is onderworpen aan het Besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen (=BBC-besluit). Binnen dit besluit dient gerapporteerd te worden over de financiële toestand alsook over een aantal specifieke evenwichtsnormen en indicatoren in hun beleidsrapporten, zijnde het meerjarenplan en de jaarrekening.

Een meerjarenplan dient in principe te beantwoorden aan een dubbel financieel evenwicht:

 

                 Het beschikbaar budgettair resultaat (=GBR), als norm voor een toestandsevenwicht, dient elk jaar groter te zijn dan nul. Een positief GBR houdt in dat het bestuur op het einde van het jaar meer budgettaire middelen over houdt dan het plant uit te geven volgens het meerjarenplan (of heeft uitgegeven volgens de jaarrekening).

                 De autofinancieringsmarge (=AFM), welke een beeld geeft over het structureel evenwicht, dient positief te zijn in het laatste boekjaar van de periode van het meerjarenplan. Een positieve AFM betekent dat er van het exploitatiesaldo, na het vereffenen van de periodieke kapitaalsaflossingen van leningen, nog middelen overblijven om een deel van de investeringsuitgaven rechtstreeks te financieren of om bijkomende leningen aan te gaan.

Echter:

                 Voor alle autonome gemeentebedrijven is de autofinancieringsmarge geen criterium.

                 Enkel voor autonome gemeentebedrijven die vastgoedoperaties als hoofdactiviteit hebben (bijvoorbeeld gemeente-ontwikkelingsbedrijven) kunnen van het positief beschikbaar budgettair resultaat afwijken voor zover de beheersovereenkomst met de gemeente dat toelaat én de toelichting bij het meerjarenplan het negatieve beschikbaar budgettair resultaat verklaart op basis van de beschikbare voorraad en de korte-termijn-financiering.

Het autonoom gemeentebedrijf van Kapellen Mercator heeft parkeeractiviteiten als (hoofd)activiteit en dient dus minimaal te voldoen aan het criterium van het beschikbare budgettaire resultaat wat ook blijkt uit het meerjarenplan (zie M2 AGB hieronder).

 

 

4.2.2. Financiële kengetallen binnen het autonoom gemeentebedrijf Kapellen Mercator

 

Financiële kengetallen of ratio’s worden gebruikt om inzicht te krijgen in de financiële toestand/gezondheid van een onderneming.  De belangrijkste financiële ratio's zijn de liquiditeitsratio, de solvabiliteitsratio en de rentabiliteitsratio. Deze worden berekend op basis van gegevens uit de balans en resultatenrekening.

Hieronder de definiëring en berekening/evolutie van de betreffende ratio’s over de periode 2020-2024.

a) Solvabiliteit

De solvabiliteitsratio’s geven een beeld over de sterkte en financiële draagkracht op lange termijn. Deze ratio meet de financiële autonomie van de onderneming of met andere woorden in welke mate men afhankelijkheid is van door derden verstrekte middelen.

Hieronder de berekening/evolutie van de schuldgraad over de laatste 4 jaar (sinds oprichting).

Op basis van bovenstaande tabel volgende vaststellingen:

                 Het AGB heeft een constante hoge graad van financiële afhankelijkheid van derden: dit is normaal én eigen aan AGB’s als gevolg van de wijze van financiering van haar investeringen (zie verder)

                 We stellen een stijging vast bij de LT-schuldgraad over de periode 2021-2024 omwille van een toename van de leningsschulden (eerste keer in 2024 leningen opgenomen) gecombineerd met een toename van het eigen vermogen (kapitaalsubsidies + uitkeerbare reserves).

Binnen het AGB Kapellen Mercator worden de investeringen gefinancierd met renteloze leningen bij de gemeente. Dergelijke werkwijze heeft tal van voordelen:

                 Door te werken met een gemeentelening i.p.v. een kapitaalinbreng vermijdt men een dubbele financiering van de investeringen vanuit de gemeente: eenmaal via de kapitaalinbreng en andermaal via het systeem van de prijssubsidies/werkingstoelagen.

                 Men vrijwaart op die wijze de liquiditeiten wanneer het autonoom gemeentebedrijf zou beslissen om haar uitkeerbare reserves (=winsten) uit te keren.

                 Door te financieren met (renteloze) leningen bij de gemeente, waarbij de aflossingstermijn wordt afgestemd met de afschrijvingstermijn, zorgt men ervoor dat niet alleen het BBC resultaat (=kasresultaat) wordt afgestemd op het resultaat algemene boekhouding (opbrengsten/kosten) maar ook dat er geen tijdelijke liquiditeitsoverschotten/tekorten ontstaan ten gevolgen van de alternatieve financiering (via kapitaal, reserves, …) van investeringen.

b) Liquiditeit

De liquiditeitsratio's laten toe na te gaan in welke mate we onze verplichtingen op korte termijn kunnen nakomen met de beschikbare. De liquiditeit in de enge zin houdt geen rekening met de voorraden (welke moeilijker realiseerbaar zijn op korte termijn) en met de overlopende rekeningen. Het absolute verschil wordt het werkkapitaal genoemd de ratio vertegenwoordigt de liquiditeitsratio: hoe hoger de waarde, hoe meer activa aanwezig zijn die op korte termijn kunnen worden omgezet om de verplichtingen op korte termijn na te kunnen komen.

Hieronder de berekening van het werkkapitaal en de liquiditeitsratio’s.

 

 

Op basis van bovenstaande tabel stellen we vast dat het netto-werkkapitaal laag is en zelfs in de voorbije jaren twee keer negatief is geweest (2021 en 2022 in de eerste oprichtingsjaren). Toch is dit voor het AGB geen probleem wetende dat:

                 In het werkkapitaal een bedrag vervat aan KT-aflossingen van het komende jaar

                 Deze aflossingen van het komende jaar integraal zullen gedekt worden door prijssubsidies welke het AGB ook zal ontvangen in het volgend jaar (als gevolg van de afstemming van de aflossingstermijn van de lening op de afschrijvingstermijn van de betreffende activa).

Toegepast op het berekende werkkapitaal van € 8.310 in 2024 kan men stellen dat dit in realiteit € 11.535 bedraagt omwille van de prognose aan aflossingen 2025 t.b.v. € 3.225.

c) Rendabiliteit

De Netto-rentabiliteit van het eigen vermogen, is het nettoresultaat dat de onderneming boekt na de betaling van alle bedrijfs-, financiële en uitzonderlijke kosten en belastingen: het saldo is in principe ter beschikking van de aandeelhouders. Het nettoresultaat van het boekjaar wordt vergeleken met het eigen vermogen. In onderstaande tabel zien we het procentuele aandeel ‘resultaat/eigen vermogen’ van de laatste 4 jaren.

 

Een positief nettoresultaat, of anders gezegd boekhoudkundige winst van het boekjaar, is belangrijk in kader van het winstuitkeringsoogmerk. AGB Kapellen Mercator dient niet aan een winstuitkeringsoogmerk te voldoen, doch heeft in 2023 en 2024 een (beperkte) winst uitgekeerd aan de gemeente.

In eerste instantie dient er winst gemaakt te worden om tot uitkeerbare resultaten te kunnen overgaan. Naast het maken van winst is het ook belangrijk dat deze winst uitkeerbaar is: dit kan enkel wanneer er cumulatief voldoende uitkeerbare reserves aanwezig zijn in de onderneming.

Hoe er met winsten/verliezen dient omgegaan te worden, vinden we terug in de statuten.

In onderstaande tabel vinden U een overzicht van de samenstelling/evolutie van de te bestemmen winst, alsook van de uitgekeerde dividenden aan de gemeente over de periode 2021-2024.

Op basis van bovenstaande tabel stellen we vast dat er in 2023 en 2024 winst werd gemaakt en dat bovendien jaarlijks (behoudens de twee opstartjaren) een deel van deze gerealiseerde winst werd uitgekeerd aan de gemeente.

 

De statuten van het AGB voorzien niet in een alarmbelprocedure mocht het eigen vermogen dermate worden aangetast door (gecumuleerde) verliezen.

Onderstaande tabel geeft weer dat het eigen vermogen in de eerste twee opstartjaren negatief was en vervolgens vanaf 2023 positief.

4.3 Fiscaal kader

De circulaire 2022/C/100, gepubliceerd op 13 oktober 2022 door de FOD Financiën, behandelt de btw-regeling die van toepassing is op autonome gemeentebedrijven (AGB's) is in casu niet van toepassing vermits het AGB enkel parkeerinfrastructuur exploiteert en geen vrijetijds- infrastructuur.

De exploitatie van een parkeergebouw wordt in de btw-wetgeving beschouwd als een btw-plichtige activiteit. Conform artikel 18, § 1, tweede lid, 8° van het Wetboek van de Belasting over de Toegevoegde Waarde (WBTW) is de terbeschikkingstelling van stalling voor rijtuigen, waaronder parkeerplaatsen, expliciet uitgesloten van de btw-vrijstelling voor onroerende verhuur zoals voorzien in artikel 44, § 3, 2°, a) WBTW. Dit betekent dat de exploitant van een parkeergebouw verplicht is btw aan te rekenen op de verhuur of het ter beschikking stellen van parkeerplaatsen, ongeacht of dit gebeurt aan particulieren, bedrijven of andere rechtspersonen. De ratio legis achter deze uitsluiting is dat de terbeschikkingstelling van parkeerruimte doorgaans niet louter passief is, maar een actieve exploitatie inhoudt die vergelijkbaar is met het aanbieden van een dienst, zoals bevestigd in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (zie onder meer HvJ 13 juli 1989, zaak C-173/88, Morten Henriksen).

De btw-vrijstelling voor onroerende verhuur is enkel van toepassing op de passieve terbeschikkingstelling van onroerende goederen, waarbij de huurder het exclusieve genot van het goed verkrijgt en de verhuurder zich onthoudt van bijkomende prestaties. In het geval van parkeergebouwen is er doorgaans sprake van een actieve exploitatie, waarbij de exploitant instaat voor het beheer, het onderhoud, de beveiliging en de toegang tot de parking. Bovendien is de terbeschikkingstelling van parkeerruimte door de wetgever uitdrukkelijk als een belastbare handeling aangemerkt, waardoor de vrijstelling voor onroerende verhuur niet van toepassing is, zelfs indien de parkeerruimte samen met een ander onroerend goed wordt verhuurd, tenzij beide verhuurhandelingen zo nauw met elkaar verbonden zijn dat zij één ondeelbare economische prestatie vormen (zie ook administratieve beslissing nr. E.T. 78.929 van 21 februari 1994).

Indien de exploitant van het parkeergebouw een beroep doet op een derde dienstverlener voor het beheer of de exploitatie van de parking, bijvoorbeeld voor het innen van parkeergelden, het onderhoud of de technische uitbating, dan blijft de hoofdregel inzake btw van toepassing. De dienstverlener zal in dat geval btw aanrekenen op zijn prestaties aan de exploitant, die op zijn beurt btw verschuldigd blijft op de terbeschikkingstelling van de parkeerplaatsen aan de eindgebruikers. De exploitant kan, voor zover hij zelf btw-plichtig is en de parkingexploitatie een belastbare activiteit vormt, de btw op de aan hem gefactureerde diensten in aftrek brengen overeenkomstig artikel 45 WBTW.

  1.             STOPZETTING

 5.1. Juridisch

Art. 244, §1 DLB bepaalt dat de gemeenteraad altijd kan beslissen om tot ontbinding en vereffening van een autonoom gemeentebedrijf over te gaan. In de beslissing tot ontbinding wijst de gemeenteraad de vereffenaars aan. Alle andere organen vervallen op het ogenblik van de ontbinding.

Het personeel in statutair dienstverband van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf wordt overgenomen door de gemeente. De gemeente waarborgt de rechten die het autonoom gemeentebedrijf op het ogenblik van ontbinding voor het overgenomen personeel had vastgesteld. De rechten en verplichtingen van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf worden overgenomen door de gemeente.

In afwijking van voorgaande paragraaf kan de gemeenteraad in het ontbindingsbesluit de personeelsleden in statutair dienstverband, die daarmee moeten instemmen, en de rechten en verplichtingen aanwijzen die overgenomen worden door de overnemer of de overnemers van de activiteiten van het gemeentebedrijf.

Vermits nieuwe extern verzelfstandigde agentschappen niet kunnen worden opgericht in het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen en vermits er in dat jaar ook een algemene voorzichtigheidsplicht geldt, wordt evenwel algemeen aangenomen dat ook een ontbinding in het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen niet wenselijk is.

Vermits het DLB voorschrijft dat de externe verzelfstandigingsvormen in het eerste jaar van de legislatuur dienen te worden geëvalueerd, is dit ook het uitgelezen ogenblik om na te denken over continuïteit of stopzetting. Het zou immers weinig consequent zijn om thans een gunstige evaluatie te geven aan het AGB om vervolgens korte tijd later toch te beslissen tot ontbinding.

5.2. Fiscaal

Een ontbinding en vereffening van het autonoom gemeentebedrijf heeft vanzelfsprekend ook fiscale gevolgen om rekening mee te houden.

Elke btw-plichtige onderneming kan de BTW op kosten/investeringen in aftrek brengen in verhouding tot zijn BTW-belastbare activiteit. Betreffende de in aftrek gebrachte BTW op investeringsgoederen (=bedrijfsmiddelen) dienen we rekening te houden met het herzieningsmechanisme zoals voorzien in het BTW-wetboek. Indien binnen de wettelijke herzieningstermijnen een bestemmingswijziging zou gebeuren, kan dit aanleiding geven tot een al dan niet gedeeltelijke terugstorting van de in aftrek gebrachte btw.

De standaard btw-herzieningstermijn voor bedrijfsmiddelen bedraagt 5 jaar. Voor btw geheven op handelingen tot de oprichting van onroerende bedrijfsmiddelen bedraagt de herzieningstermijn evenwel 15 jaar. Voor gebouwen die worden verhuurd onder de optie btw is dit 25 jaar.

Omvormings- of verbeteringswerken aan bestaande gebouwen kwalificeren in principe onder de standaard btw-herzieningstermijn van 5 jaar. Enkel wanneer deze werken dermate ingrijpend zijn dat er btw-matig een nieuw gebouw tot stand komt (vernieuwbouw), zal de btw-herzieningstermijn van 15 of 25 jaar van toepassing zijn. Hiervoor is vereist dat het gebouw een ingrijpende wijziging in aard en structuur ondergaat.

Bij een eventuele stopzetting van de activiteiten is het van belang rekening te houden met deze btw-herziening wanneer een bepaalde activiteit, onderworpen aan de BTW binnen het AGB, bij een overdracht naar de gemeente onder de vrijstelling of buiten BTW zou komen te vallen.

De herziening van de historische BTW op de bedrijfsmiddelen per 31/12/2024 bij een stopzetting in 2025 wordt geraamd op € 18.709,55.

Naast de BTW, moet er bij een ontbinding en vereffening van een AGB ook rekening worden gehouden met eventuele impact op vlak van vennootschapsbelasting: de activa dienen tegen marktwaarde of normale verkoopwaarde aan het lokaal bestuur te worden overgedragen. Indien de boekwaarde van de betreffende activa lager is dan de marktwaarde of normale verkoopwaarde, kan dit aanleiding geven tot belastbare meerwaarden in de vennootschapsbelasting, die in beginsel 25% bedragen.

5.3. Financieel en boekhoudkundig

Naast de juridische en fiscale aspecten dienen er ook een aantal financieel/boekhoudkundig operaties te gebeuren.

Vooreerst hebben we de budgettaire integratie. Bij een stopzetting zal het gecumuleerd budgettaire resultaat definitief geïntegreerd worden in de cijfers van het lokaal bestuur. Bij autonome gemeentebedrijven is het zo dat deze budgettaire gegevens reeds informatief werden toegevoegd in het ‘geconsolideerde’ evenwicht van de jaarrekening (schema J2) en meerjarenplan (schema M2). Voor andere EVA’s (zoals vzw’s) is dit niet het geval en zal er effectief voor het eerst een budgettaire impact te zien zijn.

Verder zal er eveneens een boekhoudkundige integratie dienen te gebeuren. Bij de integratie van het  AGB in de gemeente zal de deelneming vervangen zal worden door de overgenomen actief/passiefbestanddelen.

 

SLOTEVALUATIE VAN DE VERZELFSTANDIGING

Uit deze evaluatie besluit de raad van bestuur dat de verzelfstandiging onder de vorm van een autonoom gemeentebedrijf best wordt verdergezet in de legislatuur 2025-2030.

Artikel 2

Een nieuwe beheersovereenkomst af te sluiten tussen de gemeente en APB Mercator zal  ter goedkeuring worden voorgelegd in een volgende zitting.

De huidige beheersovereenkomst zoals vastgelegd door de gemeenteraad en de raad van bestuur van het APB Mercator in zitting van 4 juli 2022 wordt verlengd tot vaststelling van de nieuwe beheersovereenkomst in 2026.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

9. Aanpassing statuten Mercator APB.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De gemeenteraad heeft op 20 december 2021 een nieuw autonoom gemeentebedrijf opgericht, Autonoom Parkeerbedrijf (APB) Mercator en hiervoor de statuten vastgelegd.

Uit een juridische analyse blijkt dat er enkele aanvullingen en wijzigingen vereist zijn om geheel in overeenstemming te zijn met de bepalingen van het gewijzigde decreet lokaal bestuur.

In uitvoering van de aanbevelingen in het evaluatieverslag over de werking van het APB Mercator Kapellen heeft raad van bestuur in zitting van heden een voorstel voorgelegd tot aanpassing van de statuten van het APB Mercator Kapellen.

 Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om deze wijzigingen goed te keuren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel II,  titel 3, de extern verzelfstandigde agentschappen,  hoofdstuk 1: algemene bepalingen artikel 225-230,  hoofdstuk 2: het autonoom gemeentebedrijf, artikelen 231-244, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1 en 2: beleidsrapporten en andere rapporteringen, artikel 249- 262

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur, titel 5, afdeling 2, bekendmaking besluiten, artikel 285-287

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 21 december 2021 betreffende de oprichting van APB Mercator en vaststelling van haar statuten

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van heden betreffende de goedkeuring van het evaluatieverslag van het APB Mercator Kapellen 

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             besluit van de raad van bestuur van heden betreffende het voorstel tot aanpassing van de statuten van het AGB Kapellen 

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De statuten van APB Mercator worden aangevuld met volgende bepalingen:

Artikel 5  Doel, activiteiten en bevoegdheden

"Met behoud van de toepassing van andere wettelijke en decretale bepalingen mag het APB Mercator Kapellen zijn taken van gemeentelijk belang noch geheel, noch gedeeltelijk overdragen aan andere rechtspersonen."

Artikel 9 Beheersovereenkomst

"De gemeenteraad  waakt over de afstemming van het beleid van het APB Kapellen op het gemeentelijk beleid."

Artikel 10 Structuur en openbaarheid

"Het APB Mercator Kapellen bezorgt onmiddellijk na de behandeling ervan door de raad van bestuur zijn beleidsrapporten aan de gemeente, zodat ze kunnen worden bekendgemaakt op een webtoepassing van de gemeente."

Artikel 16 Aansprakelijkheid

"Het APB Kapellen sluit een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af."

Artikel 35 Budget en meerjarenplanning

"De raad van bestuur stemt telkens over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan. In afwijking van het vorige lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat het ontwerp moet worden gewijzigd, wordt de stemming over het geheel verdaagd tot een volgende vergadering."

Artikel 36 Jaarrekening en rapportering

 § 2 "De raad van bestuur stemt telkens over de hele jaarrekening. In afwijking van het vorige lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over de hele jaarrekening stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat de jaarrekening moet worden gewijzigd, wordt de stemming over de hele jaarrekening verdaagd tot een volgende vergadering."

Artikel 2

De statuten van APB Mercator wordt in hoofdstuk V, een nieuw artikel 33bis ingevoerd :

Artikel 33bis Tarieven

Het APB Kapellen stelt de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het levert, vast binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

Artikel 3

In de statuten van APB Mercator wordt artikel 39 vervangen door het volgende:

Artikel 39 Ontbinding en vereffening

§ 1. De gemeenteraad kan altijd beslissen om tot ontbinding en vereffening van het APB Kapellen over te gaan. In de beslissing tot ontbinding wijst de gemeenteraad de vereffenaars aan. Alle andere organen vervallen op het ogenblik van de ontbinding.

§ 2. De rechten en verplichtingen van het ontbonden APB Kapellen worden overgenomen door de gemeente.

Artikel 4

In de statuten van APB Mercator worden volgende bepalingen geschrapt

Artikel 36

§ 2, 3, 4, 5, 6 en 7 worden geschrapt in de originele statuten

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

10. MJP 2026-2031 met beginkrediet 2026 Mercator APB.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De raad van bestuur van het Autonoom Gemeentebedrijf APB Mercator Kapellen heeft haar meerjarenplan 2026-2031 vastgesteld.

Het vastgestelde meerjarenplan beschrijft de strategische koers en beleidskeuzes van APB Mercator voor de periode 2026–2031.

Dit meerjarenplan beschrijft de strategische koers en beleidskeuzes van het Autonoom Parkeerbedrijf Mercator voor de periode 2026–2031.

In het meerjarenplan geeft het APB Mercator de doelstellingen van het beleid weer en de acties die het zal ondernemen om deze te bereiken. Er staat ook beschreven hoe de budgetten verdeeld worden om deze doelstellingen te kunnen realiseren.

Het meerjarenplan wordt opgemaakt in het  eerste jaar van een bestuursperiode en loopt daarom vanaf het tweede jaar van de huidige legislatuur tot en met het eerste jaar van de volgende legislatuur.

Het meerjarenplan vormt de planningsfase van de zogenaamde beleidscyclus. De opmaak ervan is het resultaat van intensief samenwerken tussen bestuur en administratie. Een meerjarenplan en begroting opmaken is immers een complexe oefening.

De start van dit project werd gevormd door een omgevingsanalyse en een inspiratienota vanuit het management.

Het bestuursakkoord was de basis voor de verdere opmaak. Het meerjarenplan vertaalt de beleidslijnen en thema’s hiervan in beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties en welke middelen hiervoor kunnen ingezet worden.

Dit meerjarenplan bestaat uit 3 delen:

  1.              Een strategische nota
  2.              Een financiële nota &
  3.              De toelichting, aangevuld  met documentatie

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het meerjarenplan 2026-2031 met beginkrediet 2026 van APB Mercator Kapellen goed te keuren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 3, hoofdstuk 2 het autonoom gemeentebedrijf, artikel 241 en 242, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1: beleidsrapporten, artikel 249- 256

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ministerieel besluit van 26 juni 2018, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025  betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de raad van bestuur van APB Mercator van  heden betreffende de vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 en beginkrediet 2026

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ontwerp meerjarenplan 2026-2031

Financiële gevolgen

Het meerjarenplan is het financieel sluitstuk van alle budgettaire vooruitzichten over de periode 2026-2031.

Het beschikbaar budgettair resultaat is positief in alle dienstjaren

Besluit

STEMMING :

16 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD) en Jan De Block (Open VLD).
7 onthoudingen: Vital Lambert (N-VA), Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Sophie Dieltiens (N-VA) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026-2031 van APB Mercator Kapellen in zijn geheel goed. Het meerjarenplan bestaande uit 3 delen:

       Een strategische nota

       Een financiële nota &

       De toelichting, aangevuld  met documentatie

 

Artikel 2

De financiële nota van het meerjarenplan 2026-2031 en het beginkrediet 2026 van het APB Mercator Kapellen wordt goedgekeurd.

Budgettair resultaat

2026

2027

2028

2029

2030

2031

I. Exploitatiesaldo

10.587

10.551

9.823

9.119

8.437

7.692

a. Ontvangsten

56.505

56.625

56.747

56.872

57.000

57.129

b. Uitgaven

45.918

46.074

46.924

47.754

48.563

49.437

II. Investeringssaldo

-8.000

-3.000

0

0

0

0

a. Ontvangsten

0

0

0

0

0

0

b. Uitgaven

8.000

3.000

0

0

0

0

III. Saldo exploitatie en invest

2.587

7.551

9.823

9.119

8.437

7.692

IV. Financieringssaldo

2.875

-4.090

-7.090

-4.844

-4.807

-4.807

a. Ontvangsten

8.000

3.000

0

0

0

0

b. Uitgaven

5.125

7.090

7.090

4.844

4.807

4.807

V. Budg resultaat boekjaar

5.462

3.460

2.733

4.275

3.630

2.886

VI. Gecum budg res vorig jaar

8.155

13.617

17.077

19.810

24.085

27.714

VII. Gecumuleerd budg resultaat

13.617

17.077

19.810

24.085

27.714

30.600

 

 

 

 

 

 

 

III. AFM

5.462

3.460

2.733

4.275

3.630

2.886

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

11. Evaluatieverslag Autonoom Gemeentebedrijf  Kapellen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het Decreet over het lokaal bestuur (DLB) legt aan ieder extern verzelfstandigd agentschap de verplichting op om in het eerste jaar van de legislatuur een evaluatieverslag voor te leggen aan de gemeenteraad, over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan.

Onze externe consultants hebben het AGB Kapellen begeleid met de opmaak van  een boekhoudkundig-financiële analyse (Moore) en een juridische analyse (GD&A) met evaluatiecriteria tot verzelfstandiging, juridisch, financieel en fiscaal kader en een slotevaluatie van de verzelfstandiging.

De raad van bestuur van AGB Kapellen heeft het evaluatieverslag vastsgesteld in zitting van heden.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het evaluatieverslag dat tevens ook een evaluatie van de verzelfstandiging omvat, goed te keuren

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Gemeenteraadsbesluit van 23 maart 2015 betreffende de oprichting en statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Gemeenteraadbesluit van 17 juni 2019 en besluit van de raad van bestuur AGB Kapellen betreffende de wijziging van statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Gemeenteraadsbesluit van 23 maart 2015 betreffende de oprichting en statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Gemeenteraadbesluit van 17 juni 2019 en besluit van de raad van bestuur AGB Kapellen betreffende de wijziging van statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Besluit van de raad van bestuur van 17 oktober 2022 houdende de wijziging van de beheersovereenkomst tussen de gemeente en het AGB Kapellen: uitbreiding exploitatie op de site Bruggeske

                                                                                                                                                                                                                                                                                         Het Decreet over het lokaal bestuur (DLB) legt aan ieder extern verzelfstandigd agentschap de verplichting op om in het eerste jaar van de legislatuur een evaluatieverslag voor te leggen aan de gemeenteraad. Art. 227, derde lid DLB bepaalt:

 “Elk gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap legt in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraden een evaluatieverslag voor aan de gemeenteraad over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan. Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging,  “Elk gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap legt in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraden een evaluatieverslag voor aan de gemeenteraad over de uitvoering van de beheers- of samenwerkingsovereenkomst sinds de inwerkingtreding ervan. Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de gemeenteraad zich binnen drie maanden uitspreekt.”

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Besluit van de raad van bestuur van het AGB Kapellen van heden betreffende de vaststelling van het evaluatieverslag van APB Mercator over de voorbije bestuursperiode

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Het decreet lokaal bestuur inzonderheid artikel 234, §3,  verlenging beheersovereenkomst

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt  het evaluatieverslag van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen goed.

AGB KAPELLEN – decretaal evaluatieverslag

  1.                                                                                                                                                                                                                                                                                    INLEIDING

Hoewel het AGB een jaar de tijd heeft voor het opstellen van het evaluatieverslag, is het aangewezen dat de evaluatie voorafgaat aan de nieuwe beheersovereenkomst. Het is immers pas zinvol om na een positieve evaluatie een nieuwe beheersovereenkomst te sluiten. Bovendien bestaat de mogelijkheid dat de evaluatie elementen oplevert, die in de nieuwe beheersovereenkomst moeten worden meegenomen.

De beheersovereenkomst regelt volgens de Memorie van Toelichting bij voorkeur de volgende aangelegenheden:

                 de concretisering van de wijze waarop het agentschap zijn taken moet vervullen en van de doelstellingen ervan;

                 de toekenning van middelen voor de eigen werking en de uitvoering van de doelstellingen van het autonoom gemeentebedrijf;

                 binnen de perken en overeenkomstig de toekenningsvoorwaarden, bepaald door de Vlaamse Regering, het presentiegeld en de andere vergoedingen die in het kader van de bestuurlijke werking van het autonoom gemeentebedrijf worden toegekend;

                 de voorwaarden waaronder eigen inkomsten of andere financieringen mogen worden verworven en aangewend;

                 de wijze waarop de tarieven voor de geleverde prestaties door de raad van bestuur vastgesteld en berekend worden;

                 de gedragsregels inzake dienstverlening door het autonoom gemeentebedrijf;

                 de voorwaarden waaronder het autonoom gemeentebedrijf andere personen kan oprichten, erin kan deelnemen of zich erin kan laten vertegenwoordigen;

                 de informatieverstrekking door het autonoom gemeentebedrijf aan de gemeente;

                 de wijze waarop het autonoom gemeentebedrijf de organisatiebeheersing regelt, waaronder de regels voor het aangaan van verbintenissen, de kredietbewaking, de wetmatigheidscontrole en de ondertekening van de girale betalingsorders, overeenkomstig artikel 219;

                 wanneer de opvolgingsrapportering, vermeld in artikel 263, aan de gemeenteraad moet worden voorgelegd;

                 de maatregelen bij niet-naleving door een partij van haar verbintenissen uit hoofde van de beheersovereenkomst en de bepalingen inzake beslechting van geschillen die rijzen bij de uitvoering van de beheersovereenkomst;

                 de omstandigheden waarin en de wijze waarop de beheersovereenkomst kan worden verlengd, gewijzigd, geschorst en ontbonden.

 

Het DLB laat de inhoudelijke invulling over aan de besturen.

  1.             ACTIVITEITEN VAN HET AGB

Op vandaag situeren de activiteiten van het AGB zich op volgende locaties:

                 Sporthal Putte met parking Ertbrandstraat 64 te 2950 Kapellen

                 Sporthal centrum en zwembad. Christiaan Pallemansstraat 84 te 2950 Kapellen

                 Sporthal Hoogboom Kazerneweg 26 te 2950 Kapellen

                 Polyvalente zalen Biz en Lux De polyvalente zalen Lux en Biz, Marktplein 1 te 2950 Kapellen.

                 Theaterzaal ’t Kerkske Kapelsestraat 182 te 2950 Kapellen

                 Lokaal dienstencentrum Bruggeske, Bruggeske 4, 2950 Kapellen (verhuur aan OCMW)

                 Bedrijvencentrum Jacobus, Bruggeske 1, 2950 Kapellen

 

  1.             EVALUATIE CRITERIA TOT VERZELFSTANDIGING

Zoals voorzien in artikel 231 DLB, diende bij de oprichting van het AGB een afweging te worden gemaakt van de voor- en nadelen van externe verzelfstandiging met inbegrip van de motivering dat beheer binnen de rechtspersoonlijkheid van de gemeente niet dezelfde voordelen kan bieden. Vandaag blijkt dat er nog steeds belangrijke motieven aanwezig zijn om de verzelfstandiging te behouden.

3.1. Democratische controle en inspraak

Een van de belangrijkste aandachtspunten bij externe verzelfstandiging is het behoud van democratische controle en inspraak op de verzelfstandigde stedelijke diensten. Het behoud van democratische controle wordt gewaarborgd door de wijze waarop de raad van bestuur wordt samengesteld, door de bevoegdheden die bij de gemeenteraad blijven en door de beheersovereenkomst die tussen het bestuur en het bedrijf moet worden gesloten.

De raad van bestuur is evenredig samengesteld, ook al legt het Decreet over het lokaal bestuur dit niet op. Doordat alle leden van de gemeenteraad in de raad van bestuur zetelen, is de evenredige samenstelling gewaarborgd.

Bovendien blijft de gemeenteraad bevoegd voor alle fundamentele beslissingen met betrekking tot het autonoom gemeentebedrijf:

                 de beslissing tot oprichting en de beslissing tot ontbinding;

                 het opstellen en wijzigen van de statuten, na advies van de raad van bestuur;

                 het benoemen en ontslagen van bestuurders;

                 het goedkeuren van het meerjarenplan evenals advies over de jaarrekening;

                 het goedkeuren van de beheersovereenkomst;

                 controle door de informatie- en rapporteringsverplichting van het autonoom gemeentebedrijf.

De beslissingsmacht die de gemeenteraad op het eerste zicht verliest, wordt ruimschoots gecompenseerd door de waarborgen die de decreetgever zelf heeft ingebouwd. Bovendien heeft de gemeenteraad zelf via het instrument van de beheersovereenkomst de sleutel in handen welke mate van autonomie aan het autonoom gemeentebedrijf wordt toegekend en binnen welke krijtlijnen het autonoom gemeentebedrijf dient te werken. De bevoegdheid van het bedrijf is beperkt tot beleidsuitvoering en –voorbereiding.

 

3.2. Financiële werking

De decreetgever legt de verplichting op om beleidsrapporten op te maken en de boekhouding te voeren volgens de regels van de beleids- en beheerscyclus.

De decreetgever heeft bij die uitbreiding van het toepassingsgebied van de beleids- en beheerscyclus naar de AGB’s wel rekening gehouden met de eigenheid van deze verzelfstandigde entiteiten. De toepassing van de beleids- en beheerscyclus geldt daarom wel voor de beleidsrapporten en voor de boekhouding, maar niet voor het beheersmatige luik.

De regels die gelden voor de lokale besturen wat betreft kredietbewaking, visum, e.d. werden dus niet automatisch van toepassing op de autonome bedrijven indien ze dienaangaande eigen regels hebben vastgelegd.

Strategische planning staat centraal in de beleids- en beheerscyclus. De autonome gemeentebedrijven, de autonome provinciebedrijven en de OCMW-verenigingen van publiek recht moeten bij hun planning rekening houden met de beleidsvisie en de beleidsdoelstellingen van hun lokaal of provinciaal bestuur en met de mate waarin hun lokaal of provinciaal bestuur rekening wenst te houden met de door de Vlaamse overheid geformuleerde Vlaamse beleidsprioriteiten in het kader van het planlastdecreet (de “planlastvermindering”).

Naast de strategische planning zullen de autonome bedrijven en de OCMW-verenigingen van publiek recht een boekhouding moesten voeren volgens de regels van de beleids- en beheerscyclus. Dit hield onder meer het opstellen van een boekhoudplan en waarderingsregels in. Gekoppeld aan de implementatie van de beleids- en beheerscyclus werd er ook een digitale rapportering van de beleidsrapporten ingevoerd. De budgetterings- en boekhoudsoftware van het AGB zal deze digitale rapportering, die gebeurde op basis van de boekhoudkundige registraties overeenkomstig de bepalingen van de beleids- en beheerscyclus, moeten kunnen aanleveren.

Uit het voorgaande moet worden afgeleid dat de regels inzake beslissingsproces soepeler verliepen in een autonoom gemeentebedrijf dan in de schoot van een gemeentebestuur.

 

3.3. Cultuurpactwetgeving en sectorale wetgeving

Externe verzelfstandiging hoeft niet te leiden tot een beperktere betrokkenheid bij het beheer van de  vrijetijdsinfrastructuur. Artikel 9 van de Wet van 16 juli 1973 en het Decreet van 28 januari 1974 waarbij de bescherming van de ideologische en filosofische strekkingen gewaarborgd wordt, bepaalt dat culturele infrastructuren, opgericht of ressorterend onder de overheid beheerd moeten worden door een beheersorgaan:

Voor de culturele infrastructuren, instellingen en diensten opgericht door of ressorterend onder de overheid moet, met toepassing van de bepalingen van artikel 17, in de samenstelling van hun beheers- of bestuursorgaan, één van de drie volgende vormen van vertegenwoordiging worden aangenomen:

a) de evenredige vertegenwoordiging van de politieke strekkingen die bestaan in de betrokken overheid of overheden. In dat geval wordt het beheers- of bestuursorgaan bijgestaan door een vaste commissie van advies, waarin alle vertegenwoordigende verenigingen van de gebruikers en alle filosofische en ideologische strekkingen opgenomen zijn; deze commissie van advies heeft recht op een volledige voorlichting over de handelingen van het beheers- of bestuursorgaan;

b) de vereniging van afgevaardigden van de betrokken overheid of overheden met de vertegenwoordigers van de gebruikers en van de strekkingen. In dat geval moeten de regels inzake vertegenwoordiging het beginsel van de evenredige vertegenwoordiging in acht nemen wat de afgevaardigden van de overheden betreft, en de bepalingen van artikel 3 van deze wet wat de gebruikers en de strekkingen betreft;

c) de zelfstandige vereniging van specialisten of gebruikers, al dan niet voorzien van een rechtsstatuut, waaraan de betrokken overheid het beheer opdraagt. In dat geval zijn de bepalingen van de artikelen 3 en 6 van deze wet van toepassing.

Voor de samenstelling van de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf wordt de formule 9a toegepast, met een evenredige vertegenwoordiging van de politieke strekkingen in de raad van bestuur, hetgeen automatisch wordt gerealiseerd vermits alle leden van de gemeenteraad tevens in de raad van bestuur zetelen.

Het autonoom gemeentebedrijf kan geadviseerd worden door een vaste commissie van advies. Thans vullen de diverse adviesraden van de gemeente deze rol in. De relatie tussen het autonoom gemeentebedrijf en de vaste commissie van advies kan in de beheersovereenkomst verder worden verfijnd.

 

3.4. Kerntaken

Het gemeentebestuur kan zich door de verzelfstandiging van de exploitatie van vrijetijdsinfrastructuren beter terugplooien op haar kerntaken, met name het verlenen van een excellente dienstverlening aan de bevolking en beleidsvoering (visievorming, sturen op hoofdlijnen). De exploitatie zelf van vrijetijdsinfrastructuur is geen kerntaak van het bestuur. Het voeren van een degelijk vrijetijdsbeleid is daarentegen wel een kerntaak van het gemeentebestuur.

 

De aansturing door het gemeentebestuur gebeurt door middel van de beheersovereenkomst, waarbij de Gemeente te allen tijde de regisseur van het gebeuren blijft.

 

3.5. Specialisatie – focus op vrijetijd

Het autonoom gemeentebedrijf beschikt over een afzonderlijk meerjarenplan, hetgeen een meerwaarde biedt doordat bijvoorbeeld fondsvorming door reserveopbouw (na gedeeltelijke uitkering aan de gemeente) mogelijk is.

Het afgescheiden meerjarenplan heeft daarnaast tot gevolg dat de kostprijs van de geleverde diensten duidelijk wordt. Deze scherpstelling laat het bedrijf toe om te streven naar een resultaat break-even of beter. Zo kan de meer bedrijfsmatige aanpak toelaten dat bijvoorbeeld met andere partners wordt samengewerkt.

 

3.6. Scheiding regisseur – actor

Op diverse beleidsdomeinen is een gemeente zowel regisseur als actor. Dit kan bij andere actoren in dezelfde sector voor frustraties leiden vermits de gemeente in bepaalde mate zowel rechter als partij is. De verzelfstandiging van de vrijetijdssinfrastructuur zorgt ervoor dat het AGB kan optreden als actor, terwijl de gemeente regisseur blijft.

De vrijetijdsinfrastructuur is vandaag binnen Kapellen op een substantiële schaal uitgebouwd, hetgeen een afzonderlijk beheer, in een afzonderlijke structuur naast het beleid, verantwoordt.

De opsplitsing tussen de regiefunctie en de actorfunctie of tussen de beleidsfunctie en de beheersfunctie is een trend die zich in andere sectoren reeds vroeger heeft voorgedaan. In de welzijnssector waren de OCMW-ziekenhuizen de eerste voorzieningen die door middel van schaalvergroting en verzelfstandiging verder konden professionaliseren. Vandaag doet dezelfde tendens zich voor in de woonzorgsector. De integratieoefening van de OCMW’s in de gemeenten versnellen dit proces.

Maar ook in de vrijetijdssector wordt in Vlaanderen reeds enkele jaren getracht om door middel van verzelfstandiging en schaalvergroting een efficiënter, effectiever en professioneler beheer mogelijk te maken. In het licht hiervan kiezen sommige besturen voor PPS, andere voor inter- gemeentelijke samenwerking of externe verzelfstandiging, maar allen met hetzelfde doel voor ogen.

 

3.7. Identiteit

De verzelfstandiging binnen een autonoom gemeentebedrijf maakt het mogelijk om de vrijetijdsinfrastructuur een eigen identiteit te geven en nog sterker op de kaart te zetten.

Doordat de exploitatie van de vrijetijdsinfrastructuur is verzelfstandigd, kan ook geopteerd worden voor een afzonderlijk communicatiebeleid en marketing, waardoor het aanbod beter in de markt wordt geplaatst.

 

Deze identiteit is ook belangrijk in het licht van de bovengemeentelijke uitstraling van de vrijetijdsinfrastructuur van Kapellen, teneinde de bovengemeentelijke deelname en betrokkenheid te blijven ondersteunen.

 

3.8. Samenwerking met derden

De figuur van het autonoom gemeentebedrijf laat participaties toe in andere rechtspersonen, hetgeen de samenwerking op termijn met derden kan vergemakkelijken.

Artikel 240, §5 van het Decreet over het lokaal bestuur laat toe dat het autonoom gemeentebedrijf andere rechtspersonen kan oprichten, erin kan deelnemen of zich erin kan laten vertegenwoordigen, voor zover dat past in zijn opdrachten. De oprichting, deelname of vertegenwoordiging mag geen speculatieve oogmerken nastreven en gebeurt in overeenstemming met het gelijkheidsbeginsel, de regelgeving inzake mededinging en staatssteun en de voorwaarden, bepaald in de beheersovereenkomst. De beslissing tot oprichting, deelname of vertegenwoordiging toont aan dat aan de voormelde voorwaarden is voldaan. De deelname is onderworpen aan de voorwaarde dat aan het autonoom gemeentebedrijf minstens een mandaat van bestuurder wordt toegekend.

De gemeente beschikt niet over dergelijke participatiemogelijkheden. De gemeente dient zich immers te houden aan de beperkende voorwaarden van artikel 386 van het Decreet over het lokaal bestuur, waarbij gemeentelijk personeel niet mag worden overgedragen of ter beschikking gesteld en evenmin gemeentelijke infrastructuur mag worden overgedragen. Ook de samenwerkingsvormen zijn beperkt tot verenigingen, stichtingen of sociale ondernemingen oprichten, tenzij het lokale PPS-projecten betreft. De privaatrechtelijke EVA is daarnaast het enige alternatief binnen de gemeente, maar de meerderheidspositie van de gemeente schrikt private partners meestal af.

Het autonoom gemeentebedrijf is derhalve duidelijk voordeliger dan de gemeente wat betreft participaties en samenwerking.

 

3.9. Autonomie – aansturing - personeel

De personeelskosten voor de prestaties in de vrijetijdssector worden niet doorgerekend vermits dit uitdrukkelijk is toegelaten door de fiscus ingevolge het antwoord van de minister van Financiën op een parlementaire vraag (Vraag nr. 1955 van de heer volksvertegenwoordiger Luk Van Biesen van 06 december 2017 (N.) aan de minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude:). De minister bevestigt dat het ontbreken van een doorfacturatie geen misbruik uitmaakt.

Het AGB heeft voor de werking van haar bedrijvencentrum 1 voltijds personeelslid in dienst genomen. Het AGB doet tevens beroep op de onthaalmedewerkers van de gemeente. De totale personeelskost voor de terbeschikking stelling van onthaalmedewerkers wordt volledig doorgefactureerd aan het AGB.

 

 

  1.             CONTINUITEIT

4.1. Juridisch kader

4.1.1. Decreet over het lokaal bestuur

Art. 227, tweede lid DLB bepaalt met ingang van 8 april 2023 dat het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering dient af te sluiten.

Art. 235, §4, derde lid DLB is met ingang van 8 april 2023 opgeheven. Deze bepaling hield in dat de gemeenteraad jaarlijks beslist over de aan de bestuurders te verlenen kwijting, na goedkeuring van de rekeningen en dat die kwijting alleen rechtsgeldig is als de ware toestand van het autonoom gemeentebedrijf niet wordt verborgen door enige weglating of onjuiste opgave in de rekeningen of in de rapportering over de uitvoering van de beheersovereenkomst.

Art. 239 werd met ingang van 8 april 2023 uitgebreid met een vierde lid, dat bepaalt dat art. 185/1 DLB van toepassing is bij de overdracht van personeel. De overdracht moet worden vastgelegd in de rechtspositieregeling van het personeel en goedgekeurd door het bevoegde orgaan van de ontvangende instantie. Personeelsleden behouden hun dienstverband, graad, anciënniteit, prestatieregeling, salarisschaal en rechten en verplichtingen na de overdracht. De overdracht kan geen reden voor ontslag zijn. De Vlaamse Regering kan verdere minimale waarborgen vaststellen. Dit geldt zowel voor overdrachten tussen gemeenten en aanverwante instanties als voor overdrachten aan externe agentschappen en verenigingen.

Art. 241, eerste lid DLB werd met ingang van 14 augustus 2021 aangepast in die zin dat naast hoofdstuk 3 en artikel 249, § 3, artikel 256, 260, derde lid, artikel 262, § 1, tweede lid, en artikel 264, tweede lid ook artikel 249 § 4 (m.b.t. de stemming over afzonderlijke onderdelen van het beleidsrapport, doch toegevoegd aan art. 242 DLB) en hoofdstuk 4 (m.b.t. het OCMW) niet van toepassing zijn op autonome gemeentebedrijven.

Aan art. 242 DLB werd met ingang van 14 augustus 2021 een derde en vierde lid toegevoegd dat luidt als volgt. De raad van bestuur stemt telkens over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan. In afwijking van het derde lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat het ontwerp van het meerjarenplan of de aanpassing ervan moet worden gewijzigd, wordt de stemming over het hele meerjarenplan verdaagd tot een volgende vergadering van de raad van bestuur.

Aan art. 243, §1 DLB werd een tweede en derde lid toegevoegd met ingang van 14 augustus 2021 dat luidt als volgt. De raad van bestuur stemt telkens over de hele jaarrekening. In afwijking van het tweede lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over de hele jaarrekening stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat de jaarrekening moet worden gewijzigd, wordt de stemming over de hele jaarrekening verdaagd tot een volgende vergadering van de raad van bestuur.

 

In concreto betekent dit dat aan de statuten kan worden toegevoegd dat het gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering dient af te sluiten. Aan art. 17 van de statuten kan een bijkomend lid worden toegevoegd: “Het bedrijf dient een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten.”.

Art. 33  van de statuten i.v.m. de kwijting kan worden opgeheven.

Art. 22  van de statuten kan worden aangevuld met volgende zin: “Artikel 185/1 DLB is van toepassing bij de overdracht van personeel.”.

Verder is een algemene aanpassing aan het Decreet over het lokaal bestuur vereist.

 

4.1.2. Organisatiebeheersing

Organisatiebeheersing is het geheel van maatregelen en procedures die ontworpen zijn om een redelijke zekerheid te verschaffen dat men:

1° de vastgelegde doelstellingen bereikt en de risico's om deze te bereiken kent en beheerst;

2° wetgeving en procedures naleeft;

3° over betrouwbare financiële en beheersrapportering beschikt;

4° op een effectieve en efficiënte wijze werkt en de beschikbare middelen economisch inzet;

5° de activa beschermt en fraude voorkomt.

Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt op welke wijze de organisatiebeheersing wordt georganiseerd, met inbegrip van de te nemen controlemaatregelen, procedures en de aanwijzing van de personeelsleden en organen die ervoor verantwoordelijk zijn, en de rapporteringsverplichtingen van de personeelsleden die bij het organisatiebeheersingssysteem betrokken zijn.

Het organisatiebeheersingssysteem beantwoordt minstens aan het principe van functiescheiding waar mogelijk en is verenigbaar met de continuïteit van de werking van de diensten.

Volgens de memorie van toelichting omvat het organisatiebeheersingssysteem onder andere:

                 hoe men het proces van beleidsplanning, -uitvoering en –evaluatie concreet invult met het oog op het bereiken van de beleidsdoelstellingen;

                 welke monitoringsystemen men ontwikkelt om relevante data over het gevoerde beleid en beheer te verzamelen;

                 hoe men de sleutelprocessen beheert en de belangrijkste risico’s identificeert en welke risicobeheersingsmaatregelen er genomen worden;

                 hoe men de verwachtingen van de belanghebbenden in kaart brengt en er de dialoog mee aangaat;

 

                 hoe men de inzet en de prestaties van het personeel opvolgt en hoe de instrumenten van het personeelsbeleid geëvalueerd worden;

                 hoe men de belangrijkste waarden van de organisatie in de werking inpast en het integriteitsbeleid vorm geeft;

                 het kader voor het informatiebeheer en de interne en externe communicatie;

                 het kader voor het financieel management en de financiële rapportering, waaronder:

                 wie verantwoordelijk is voor de facturatie van de te ontvangen bedragen en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 wie verantwoordelijk is voor de goedkeuring van de te betalen bedragen en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 wie verantwoordelijk is voor de kasverrichtingen en onder welke voorwaarden die gebeuren;

                 aan wie kasprovisies kunnen worden ter beschikking gesteld voor het betalen van geringe exploitatie-uitgaven die voor de goede werking van de dienst onmiddellijk moeten worden gedaan, en onder welke voorwaarden dat gebeurt;

                 de regels voor de kredietbewaking;

                 het kader voor het facilitair management;

                 het kader voor het beleid en het beheer inzake informatie- en communicatietechnologie en -veiligheid;

                 hoe de naleving van de relevante wet- en regelgeving gegarandeerd wordt, waaronder wie advies kan vragen aan de financieel directeur over de wettigheid en regelmatigheid voor verrichtingen die van de visumverplichting zijn uitgesloten;

                 de regels voor de actualisatie van de inventaris van al de bezittingen, rechten, vorderingen, schulden en verplichtingen van de gemeente van welke aard ook.

Het Decreet over het lokaal bestuur legt in art. 234, §2 ook een link met organisatiebeheersing:

Zolang het autonoom gemeentebedrijf geen eigen regels heeft vastgesteld voor het aangaan van verbintenissen, de kredietbewaking, de wetmatigheidscontrole of de ondertekening van de girale betalingsorders, zijn artikel 266, 267, 269 en 272, § 1, tweede en derde lid, van toepassing op het autonoom gemeentebedrijf. In dat geval zijn bovendien artikel 265, 268 en 272, § 1, eerste lid, en § 2, eerste lid, van toepassing op het autonoom gemeentebedrijf, met dien verstande dat de volgende woorden worden gelezen als volgt:

1° "de gemeente" als "het autonoom gemeentebedrijf";

2° "de gemeenteraad" als "de raad van bestuur";

3° "de algemeen directeur" als "de gedelegeerd bestuurder" of, als het autonoom gemeentebedrijf geen gedelegeerd bestuurder heeft, als "de voorzitter van de raad van bestuur";

4° "het college van burgemeester en schepenen" als "de raad van bestuur".”.

Artikel 14 van de huidige beheersovereenkomst bevat volgende regeling:

De bepalingen inzake interne controle, die voor de Diensten van de Gemeente van toepassing zullen zijn, zijn ook van toepassing op het Autonoom Gemeentebedrijf.

Tenzij tegenstrijdig met onderstaande bepalingen gelden inzake de uitgavencyclus voor het overige de regels zoals voorzien in de artikelen 265 e.v. van het decreet lokaal bestuur.

De voorgenomen financiële verbintenissen die resulteren in een uitgaande netto kasstroom zijn onderworpen aan een voorafgaand visum, voordat enige verbintenis kan worden aangegaan.

De financieel verantwoordelijke onderzoekt de wettigheid en regelmatigheid van die voorgenomen verbintenissen in het kader van zijn opdracht vermeld in artikel 177, eerste lid, 1°. Hij verleent zijn visum, als uit dat onderzoek de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwoorden koppelen aan zijn visum. Als de financieel verantwoordelijke weigert zijn visum te verlenen, of als hij er voorwoorden aan koppelt, motiveert hij dit.

Voor de financiële verbintenissen die worden aangegaan door het AGB gelden dezelfde vrijstellingen van de visumplicht ols deze die gelden bij de gemeente”.

Deze werkwijze heeft tijdens de voorbije legislatuur naar voldoening gewerkt en kan deze legislatuur behouden blijven.

 

4.1.3. Tariefbepaling

Art. 240, §4 van het DLB bepaalt dat het Bedrijf de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het Bedrijf levert, vaststelt binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

Art. 7 van de vorige beheersovereenkomst bevatte volgende eigen regeling m.b.t. de vaststelling van tarieven:

§1 Het bedrijf bepaalt de tarieven voor het verlenen van het recht op toegang tot de infrastructuur en het recht om er gebruik van te maken op zodanige wijze dat de ontvangsten de kosten overtreffen zodat de vrijstelling van btw ingevolge artikel 44, §2,3° btw wetboek niet van toepassing is.

Dit betekent dat het AGB in de eerste plaats haar geraamde kostenstructuur op basis van de geldende boekhoudwetgeving bepaalt op basis van de beschikbare gegevens. De door het AGB na te streven omzet wordt bepaald door de kostenstructuur te verhogen met een marge die de opbouw van reserves en/of de uitkering van een dividend aan de Gemeente moet mogelijk maken. De tarieven dienen te worden berekend in functie van deze na te streven omzet.

Het bedrijf dient de administratieve richtlijnen, in het bijzonder de Beslissing Btw nr. E.T. 129.288 dd. 19.01 .2016, na te leven.

§2 De tarieven die het bedrijf aanrekent aan de Gemeente voor de dienstverlening in het bedrijvencentrum worden in een afzonderlijke overeenkomst geregeld. Deze tarieven zijn minstens kostendekkend.”.

Deze werkwijze van tariefbepaling heeft tijdens de voorbije legislatuur naar voldoening gewerkt en kan deze legislatuur behouden blijven.

 

4.2. Financieel kader

4.2.1. Financieel evenwicht

Een autonoom gemeentebedrijf is onderworpen aan het Besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen (=BBC-besluit). Binnen dit besluit dient gerapporteerd te worden over de financiële toestand alsook over een aantal specifieke evenwichtsnormen en indicatoren in hun beleidsrapporten, zijnde het meerjarenplan en de jaarrekening.

Een meerjarenplan dient in principe te beantwoorden aan een dubbel financieel evenwicht:

                 Het beschikbaar budgettair resultaat (=GBR), als norm voor een toestandsevenwicht, dient elk jaar groter te zijn dan nul. Een positief GBR houdt in dat het bestuur op het einde van het jaar meer budgettaire middelen over houdt dan het plant uit te geven volgens het meerjarenplan (of heeft uitgegeven volgens de jaarrekening).

                 De autofinancieringsmarge (=AFM), welke een beeld geeft over het structureel evenwicht, dient positief te zijn in het laatste boekjaar van de periode van het meerjarenplan. Een positieve AFM betekent dat er van het exploitatiesaldo, na het vereffenen van de periodieke kapitaalsaflossingen van leningen, nog middelen overblijven om een deel van de investeringsuitgaven rechtstreeks te financieren of om bijkomende leningen aan te gaan.

Echter:

                 Voor alle autonome gemeentebedrijven is de autofinancieringsmarge geen criterium.

                 Enkel voor autonome gemeentebedrijven die vastgoedoperaties als hoofdactiviteit hebben (bijvoorbeeld gemeente-ontwikkelingsbedrijven) kunnen van het positief beschikbaar budgettair resultaat afwijken voor zover de beheersovereenkomst met de gemeente dat toelaat én de toelichting bij het meerjarenplan het negatieve beschikbaar budgettair resultaat verklaart op basis van de beschikbare voorraad en de korte-termijn-financiering.

Het autonoom gemeentebedrijf van Kapellen heeft geen vastgoedoperaties als (hoofd)activiteit en dient dus minimaal te voldoen aan het criterium van het beschikbare budgettaire resultaat wat ook blijkt uit het meerjarenplan (zie M2 AGB hieronder).

 

 

4.2.2 Financiële kengetallen binnen het autonoom gemeentebedrijf Kapellen

Financiële kengetallen of ratio’s worden gebruikt om inzicht te krijgen in de financiële toestand/gezondheid van een onderneming.  De belangrijkste financiële ratio's zijn de liquiditeitsratio, de solvabiliteitsratio en de rentabiliteitsratio. Deze worden berekend op basis van gegevens uit de balans en resultatenrekening.

Hieronder de definiëring en berekening/evolutie van de betreffende ratio’s over de periode 2020-2024.

a) Solvabiliteit

De solvabiliteitsratio’s geven een beeld over de sterkte en financiële draagkracht op lange termijn. Deze ratio meet de financiële autonomie van de onderneming of met andere woorden in welke mate men afhankelijkheid is van door derden verstrekte middelen.

Hieronder de berekening/evolutie van de schuldgraad over de laatste 5 jaar.

 

Op basis van bovenstaande tabel volgende vaststellingen:

                 Het AGB heeft een constante hoge graad van financiële afhankelijkheid van derden: dit is normaal én eigen aan AGB’s als gevolg van de wijze van financiering van haar investeringen (zie verder)

                 We stellen een daling vast bij de LT-schuldgraad over de periode 2020-2024 omwille van een toename van de leningsschulden gecombineerd met een toename van het eigen vermogen (kapitaalsubsidies + uitkeerbare reserves).

Binnen het AGB van Kapellen worden de investeringen voornamelijk gefinancierd met renteloze leningen bij de gemeente. Dergelijke werkwijze heeft tal van voordelen:

                 Door te werken met een gemeentelening ipv een kapitaalinbreng vermijdt men een dubbele financiering van de investeringen vanuit de gemeente: eenmaal via de kapitaalinbreng en andermaal via het systeem van de prijssubsidies

                 Men vrijwaart op die wijze de liquiditeiten wanneer het autonoom gemeentebedrijf zou beslissen om haar uitkeerbare reserves (=winsten) uit te keren.

                 Door te financieren met (renteloze) leningen bij de gemeente, waarbij de aflossingstermijn wordt afgestemd met de afschrijvingstermijn, zorgt men ervoor dat niet alleen het BBC resultaat (=kasresultaat) wordt afgestemd op het resultaat algemene boekhouding (opbrengsten/kosten) maar ook dat er geen tijdelijke liquiditeitsoverschotten/tekorten ontstaan ten gevolgen van de alternatieve financiering (via kapitaal, reserves, …) van investeringen.

 

b) Liquiditeit

De liquiditeitsratio's laten toe na te gaan in welke mate we onze verplichtingen op korte termijn kunnen nakomen met de beschikbare. De liquiditeit in de enge zin houdt geen rekening met de voorraden (welke moeilijker realiseerbaar zijn op korte termijn) en met de overlopende rekeningen. Het absolute verschil wordt het werkkapitaal genoemd de ratio vertegenwoordigt de liquiditeitsratio: hoe hoger de waarde, hoe meer activa aanwezig zijn die op korte termijn kunnen worden omgezet om de verplichtingen op korte termijn na te kunnen komen.

Hieronder de berekening van het werkkapitaal en de liquiditeitsratio’s.

Op basis van bovenstaande tabel stellen we vast dat het netto-werkkapitaal op bepaalde momenten laag is en zelfs in de voorbije jaren een keer negatief is geweest (2021). Toch is dit voor het AGB geen probleem wetende dat:

                 In het werkkapitaal een bedrag vervat aan KT-aflossingen van het komende jaar

                 Deze aflossingen van het komende jaar integraal zullen gedekt worden door prijssubsidies welke het AGB ook zal ontvangen in het volgend jaar (als gevolg van de afstemming van de aflossingstermijn van de lening op de afschrijvingstermijn van de betreffende activa).

Toegepast op het berekende werkkapitaal van € 299.478 in 2024 kan men stellen dat dit in realiteit € 809.429 bedraagt omwille van de prognose aan aflossingen 2025 t.b.v. € 509.951.

 

c) Rendabiliteit

De Netto-rentabiliteit van het eigen vermogen, is het nettoresultaat dat de onderneming boekt na de betaling van alle bedrijfs-, financiële en uitzonderlijke kosten en belastingen: het saldo is in principe ter beschikking van de aandeelhouders. Het nettoresultaat van het boekjaar wordt vergeleken met het eigen vermogen. In onderstaande tabel zien we het procentuele aandeel ‘resultaat/eigen vermogen’ van de laatste 5 jaren.

 

Een positief nettoresultaat, of anders gezegd boekhoudkundige winst van het boekjaar, is belangrijk in kader van het winstuitkeringsoogmerk waaraan het AGB dient te voldoen.

In eerste instantie dient er winst gemaakt te worden om tot uitkeerbare resultaten te kunnen overgaan. Naast het maken van winst is het ook belangrijk dat deze winst uitkeerbaar is: dit kan enkel wanneer er cumulatief voldoende uitkeerbare reserves aanwezig zijn in de onderneming.

Hoe er met winsten/verliezen dient omgegaan te worden, vinden we terug in de statuten.

In onderstaande tabel vinden U een overzicht van de samenstelling/evolutie van de te bestemmen winst, alsook van de uitgekeerde dividenden aan de gemeente over de periode 2020-2024.

Op basis van bovenstaande tabel stellen we vast dat er enerzijds steeds winst werd gemaakt en dat bovendien jaarlijks (behoudens 2021) een deel van deze gerealiseerde winst werd uitgekeerd aan de gemeente.

Tenslotte voorzien de statuten van het AGB ook in een alarmbelprocedure mocht het eigen vermogen dermate worden aangetast door (gecumuleerde) verliezen.

 

Art. 39 Alarmbelprocedure

Wanneer ten gevolge van een geleden verlies het netto-actief gedaald is tot minder dan de helft van het geplaatste maatschappelijke en statutaire kapitaal, dan moet de raad van bestuur het college van burgemeester en schepenen notificeren van dit feit en het college van burgemeester en schepenen verzoeken de gemeenteraad uit te nodigen om binnen een termijn van ten hoogste twee maanden nadat het verlies is vastgesteld bijeen te komen teneinde in voorkomend geval te beraadslagen en te besluiten over de maatregelen die de raad van bestuur voorstelt in een plan opgesteld ter sanering van de financiële toestand.

Onderstaande tabel geeft weer dat het eigen vermogen steeds positief is geweest de laatste 5 jaar.

 

 

4.3. Fiscaal kader

De circulaire 2022/C/100, gepubliceerd op 13 oktober 2022 door de FOD Financiën, behandelt de btw-regeling die van toepassing is op autonome gemeentebedrijven (AGB's).  Deze circulaire vervangt de eerdere btw-beslissing nr.  E.T.129.288 van 19 januari 2016 en trad in werking op 1 januari 2023.  De circulaire richt zich voornamelijk op de vraag of AGB's al dan niet een winstoogmerk hebben en hoe dit hun btw-verplichtingen en recht op aftrek van voorbelasting beïnvloedt.

De circulaire verduidelijkt verder de toepassing van artikel 44 WBTW, dat vrijstellingen voorziet voor bepaalde handelingen verricht door instellingen zonder winstoogmerk en behandelt de problematiek rond de kwalificatie van AGB's als instellingen met of zonder winstoogmerk.  Dit onderscheid is cruciaal omdat het bepaalt of de handelingen van een AGB al dan niet vrijgesteld zijn van btw en of het AGB recht heeft op aftrek van voorbelasting.  De circulaire verduidelijkt de voorwaarden waaronder een AGB als een instelling zonder winstoogmerk kan worden beschouwd en de impact van subsidies op deze kwalificatie.

AGB's vallen niet onder de btw-regeling voor openbare besturen en worden beschouwd als gewone belastingplichtigen met recht op aftrek van voorbelasting volgens de normale regels.  Dit is in overeenstemming met Beslissing nr.  E.T.101.890 van 27 maart 2002.

Het begrip "instelling zonder winstoogmerk" wordt verduidelijkt aan de hand van jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie, met name het arrest C-174/00, Kennemer Golf & Country Club.  Een instelling wordt als zonder winstoogmerk beschouwd als zij niet tot doel heeft winst te maken met het oog op de verdeling daarvan onder haar leden.  Dit moet worden beoordeeld op basis van het statutaire doel van de instelling en de concrete feitelijke omstandigheden.

De circulaire bespreekt de omstandigheden waaronder een AGB als een instelling met winstoogmerk kan worden aangemerkt.  Dit omvat de beoordeling van de statutaire bepalingen en de feitelijke activiteiten van het AGB. Het louter vermelden van een winstoogmerk in de statuten is niet voldoende; er moet ook sprake zijn van een daadwerkelijke intentie om winsten uit te keren.

De circulaire maakt een onderscheid tussen verschillende soorten subsidies: prijssubsidies, werkingssubsidies en kapitaalsubsidies. Prijssubsidies worden beschouwd als een tegenprestatie voor het leveren van goederen of diensten en moeten worden opgenomen in de maatstaf van heffing van de btw.  Werkingssubsidies en kapitaalsubsidies daarentegen worden niet in aanmerking genomen bij de beoordeling van het winstoogmerk, tenzij ze door een andere entiteit dan een gemeentelijke overheid worden verstrekt.  De voorwaarden waaraan prijssubsidies moeten voldoen zijn als volgt: vóór de aanvang van de activiteiten of vóór het begin van een nieuw boekjaar bepaalt het AGB de prijs van elk van de diensten die het zal verrichten; de gemeente bepaalt vóór de aanvang van de activiteiten van het AGB of vóór het begin van een nieuw boekjaar het bedrag van de prijssubsidie die zij voornemens is toe te wijzen aan elke door het AGB verleende dienst; de geïndividualiseerde bedragen van de prijssubsidies worden berekend op basis van het werkelijke aantal door het AGB verrichte diensten en niet op basis van een geraamd aantal aan het begin van de activiteit of aan het begin van het boekjaar; de btw op de prijssubsidies wordt opeisbaar volgens de regels die van toepassing zijn op de inkomsten waarmee zij verband houden.

De circulaire stelt criteria vast om de grens tussen prijssubsidies en werkingssubsidies duidelijk af te bakenen.  Prijssubsidies moeten vóór de aanvang van de activiteiten of het begin van een nieuw boekjaar worden bepaald en kunnen slechts tweemaal per jaar worden herzien.  De btw op prijssubsidies wordt opeisbaar volgens de regels die van toepassing zijn op de inkomsten waarmee zij verband houden.

De circulaire geeft voorbeelden van hoe AGB's inkomsten kunnen genereren, zoals bijdragen van gebruikers van diensten (bijvoorbeeld toegang tot een gemeentelijk zwembad) en subsidies van de gemeente.  Het benadrukt dat de prijzen die aan gebruikers worden aangerekend vaak lager zijn dan de kostprijs, waardoor subsidies noodzakelijk zijn om de exploitatiekosten te dekken.

De circulaire 2022/C/100 biedt een uitgebreide richtlijn voor de btw-regeling die van toepassing is op AGB's, met een focus op de kwalificatie als instelling met of zonder winstoogmerk en de impact van verschillende soorten subsidies.  Door deze richtlijnen te volgen, kunnen AGB's beter inzicht krijgen in hun btw-verplichtingen en rechten op aftrek van voorbelasting.

De circulaire treedt in werking op 1 januari 2023 en vervangt de eerdere btw-beslissing nr.  E.T.129.288 van 19 januari 2016.

 

  1.             STOPZETTING

 

5.1. Juridisch

Art. 244, §1 DLB bepaalt dat de gemeenteraad altijd kan beslissen om tot ontbinding en vereffening van een autonoom gemeentebedrijf over te gaan. In de beslissing tot ontbinding wijst de gemeenteraad de vereffenaars aan. Alle andere organen vervallen op het ogenblik van de ontbinding.

Het personeel in statutair dienstverband van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf wordt overgenomen door de gemeente. De gemeente waarborgt de rechten die het autonoom gemeentebedrijf op het ogenblik van ontbinding voor het overgenomen personeel had vastgesteld. De rechten en verplichtingen van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf worden overgenomen door de gemeente.

In afwijking van voorgaande paragraaf kan de gemeenteraad in het ontbindingsbesluit de personeelsleden in statutair dienstverband, die daarmee moeten instemmen, en de rechten en verplichtingen aanwijzen die overgenomen worden door de overnemer of de overnemers van de activiteiten van het gemeentebedrijf.

 

Vermits nieuwe extern verzelfstandigde agentschappen niet kunnen worden opgericht in het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen en vermits er in dat jaar ook een algemene voorzichtigheidsplicht geldt, wordt evenwel algemeen aangenomen dat ook een ontbinding in het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen niet wenselijk is.

Vermits het DLB voorschrijft dat de externe verzelfstandigingsvormen in het eerste jaar van de legislatuur dienen te worden geëvalueerd, is dit ook het uitgelezen ogenblik om na te denken over continuïteit of stopzetting. Het zou immers weinig consequent zijn om thans een gunstige evaluatie te geven aan het AGB om vervolgens korte tijd later toch te beslissen tot ontbinding.

 

5.2. Fiscaal

Een ontbinding en vereffening van het autonoom gemeentebedrijf heeft vanzelfsprekend ook fiscale gevolgen om rekening mee te houden.

Elke btw-plichtige onderneming kan de BTW op kosten/investeringen in aftrek brengen in verhouding tot zijn BTW-belastbare activiteit. Betreffende de in aftrek gebrachte BTW op investeringsgoederen (=bedrijfsmiddelen) dienen we rekening te houden met het herzieningsmechanisme zoals voorzien in het BTW-wetboek. Indien binnen de wettelijke herzieningstermijnen een bestemmingswijziging zou gebeuren, kan dit aanleiding geven tot een al dan niet gedeeltelijke terugstorting van de in aftrek gebrachte btw.

De standaard btw-herzieningstermijn voor bedrijfsmiddelen bedraagt 5 jaar. Voor btw geheven op handelingen tot de oprichting van onroerende bedrijfsmiddelen bedraagt de herzieningstermijn evenwel 15 jaar. Voor gebouwen die worden verhuurd onder de optie btw is dit 25 jaar.

Omvormings- of verbeteringswerken aan bestaande gebouwen kwalificeren in principe onder de standaard btw-herzieningstermijn van 5 jaar. Enkel wanneer deze werken dermate ingrijpend zijn dat er btw-matig een nieuw gebouw tot stand komt (vernieuwbouw), zal de btw-herzieningstermijn van 15 of 25 jaar van toepassing zijn. Hiervoor is vereist dat het gebouw een ingrijpende wijziging in aard en structuur ondergaat.

Bij een eventuele stopzetting van de activiteiten is het van belang rekening te houden met deze btw-herziening wanneer een bepaalde activiteit, onderworpen aan de BTW binnen het AGB, bij een overdracht naar de gemeente onder de vrijstelling of buiten BTW zou komen te vallen.

De herziening van de historische BTW op de bedrijfsmiddelen per 31/12/2024 bij een stopzetting in 2025 wordt geraamd op € 3.305.398. De grootste bedragen binnen deze herziening hebben betrekking op het bedrijvencentrum (BC), dienstencentrum (LDC ’t Bruggeske) en cultuurzaal Lux met een herzieningstermijn van 15 jaar welke loopt tot respectievelijk 2038, 2036 en 2035.

Naast de BTW, moet er bij een ontbinding en vereffening van een AGB ook rekening worden gehouden met eventuele impact op vlak van vennootschapsbelasting: de activa dienen tegen marktwaarde of normale verkoopwaarde aan het lokaal bestuur te worden overgedragen. Indien de boekwaarde van de betreffende activa lager is dan de marktwaarde of normale verkoopwaarde, kan dit aanleiding geven tot belastbare meerwaarden in de vennootschapsbelasting, die in beginsel 25% bedragen.

 

5.3. Financieel en boekhoudkundig

Naast de juridische en fiscale aspecten dienen er ook een aantal financieel/boekhoudkundig operaties te gebeuren.

Vooreerst hebben we de budgettaire integratie. Bij een stopzetting zal het gecumuleerd budgettaire resultaat definitief geïntegreerd worden in de cijfers van het lokaal bestuur. Bij autonome gemeentebedrijven is het zo dat deze budgettaire gegevens reeds informatief werden toegevoegd in het ‘geconsolideerde’ evenwicht van de jaarrekening (schema J2) en meerjarenplan (schema M2). Voor andere EVA’s (zoals vzw’s) is dit niet het geval en zal er effectief voor het eerst een budgettaire impact te zien zijn.

Verder zal er eveneens een boekhoudkundige integratie dienen te gebeuren. Bij de integratie van het  AGB in de gemeente zal de deelneming vervangen zal worden door de overgenomen actief/passiefbestanddelen.

 

SLOTEVALUATIE VAN DE VERZELFSTANDIGING

Uit deze evaluatie besluit de raad van bestuur dat de verzelfstandiging onder de vorm van een autonoom gemeentebedrijf best wordt verdergezet in de legislatuur 2025-2030.

Artikel 2

Een nieuwe beheersovereenkomst af te sluiten tussen de gemeente en AGB Kapellen zal ter goedkeuring worden voorgelegd in een volgende zitting.

De huidige beheersovereenkomst zoals vastgelegd door de gemeenteraad en de raad van bestuur van AGB Kapellen in zitting van 17 oktober 2022  wordt verlengd tot vaststelling van de nieuwe beheersovereenkomst in 2026.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

12. Aanpassing statuten AGB Kapellen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De gemeenteraad heeft op  23 maart 2015  beslist tot de oprichting van het Autonoom Gemeentebedrijf (AGB) Kapellen en haar statuten vastgesteld. Deze werden gewijzigd op 17 juni 2019

Uit een juridische analyse blijkt dat er enkele aanvullingen en wijzigingen vereist zijn om geheel in overeenstemming te zijn met de bepalingen van het gewijzigde decreet lokaal bestuur.

In uitvoering van de aanbevelingen in het evaluatieverslag over de werking van het AGB Kapellen heeft raad van bestuur in zitting van heden een voorstel voorgelegd tot aanpassing van de statuten van het AGB Kapellen.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aanpassing statuten goed te keuren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel II,  titel 3, de extern verzelfstandigde agentschappen,  hoofdstuk 1: algemene bepalingen artikel 225-230,  hoofdstuk 2: het autonoom gemeentebedrijf, artikelen 231-244, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1 en 2: beleidsrapporten en andere rapporteringen, artikel 249- 264,

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal bestuur, titel 2, de ambtelijke organisatie van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 4, het personeel van de gemeente en het OCMW,  artikel185

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur, titel 5, afdeling 2, bekendmaking besluiten, artikel 285-287

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 23 maart 2015  betreffende de oprichting van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen en vaststelling van haar statuten

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 17 juni 2019 betreffende de wijziging van de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van heden betreffende de goedkeuring van het evaluatieverslag van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             besluit van de raad van bestuur van heden betreffende het voorstel tot aanpassing van de statuten van het AGB Kapellen

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

In de gecoördineerde statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf  wordt in artikel 3  de eerste alinea geschrapt en vervangen door het volgende:

Artikel 3: Statutenwijzigingen

De oprichtingsbeslissing, de statuten en het verslag zoals vermeld in artikel 231 van het decreet over het lokaal bestuur worden gepubliceerd via de webtoepassing van de gemeente.

Artikel 2: aanvullingen

De statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf  worden de hierna opgesomde artikelen aangevuld met volgende bepalingen:

Artikel 5  Doel, activiteiten en bevoegdheden

"Met behoud van de toepassing van andere wettelijke en decretale bepalingen mag het AGB Kapellen zijn taken van gemeentelijk belang noch geheel, noch gedeeltelijk overdragen aan andere rechtspersonen."

Artikel 9 Beheersovereenkomst

"§5  De gemeenteraad  waakt over de afstemming van het beleid van het AGB Kapellen op het gemeentelijk beleid."

Artikel 11 Structuur en openbaarheid

"Het AGB Kapellen bezorgt onmiddellijk na de behandeling ervan door de raad van bestuur zijn beleidsrapporten aan de gemeente, zodat ze kunnen worden bekendgemaakt op een webtoepassing van de gemeente."

Artikel 17 Aansprakelijkheid

"Het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen sluit een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af."

Artikel 22 Personeel

"De deontologische code van het gemeentepersoneel is van toepassing op het personeel van het AGB Kapellen.

Artikel 185/1 van het decreet over het lokaal bestuur is van toepassing bij de overdracht van personeel."

Artikel 36 Budget en meerjarenplanning

"De raad van bestuur stemt telkens over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan. In afwijking van het vorige lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over het hele meerjarenplan en de aanpassingen ervan stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat het ontwerp moet worden gewijzigd, wordt de stemming over het geheel verdaagd tot een volgende vergadering."

 

Artikel 3: wijzigingen

In de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen wordt in hoofdstuk V, controle, artikel 33 "kwijting'' opgeheven en vervangen door  artikel 34  Inkomsten en uitgaven.

In artikel 34 wordt het volgende opgenomen

Artikel 34 Tarieven

Het APB Kapellen stelt de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het levert, vast binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

 

Artikel 3

In de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen  artikelen 37 en 40 vervangen door het volgende:

Artikel 37 Jaarrekening en rapportering

§1.  De raad van bestuur spreekt zich uit over de vaststelling van de jaarrekening voor 30 juni van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.  De raad van bestuur stemt telkens over de hele jaarrekening. In afwijking hiervan kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over de hele jaarrekening stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat de jaarrekening moet worden gewijzigd, wordt de stemming over de hele jaarrekening verdaagd tot een volgende vergadering van de raad van bestuur.

 § 2 De raad van bestuur stemt telkens over de hele jaarrekening. In afwijking van het vorige lid kan elk lid van de raad van bestuur de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de raad van bestuur pas over de hele jaarrekening stemmen na de afzonderlijke stemming. Als die afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat de jaarrekening moet worden gewijzigd, wordt de stemming over de hele jaarrekening verdaagd tot een volgende vergadering."

§2.  Als er nog geen jaarrekening is vastgesteld op 30 juni van het jaar dat volgt op het boekjaar in kwestie, bezorgt het AGB Kapellen de gegevens over het ontwerp van jaarrekening in digitale vorm aan de Vlaamse Regering.

§3.  Als de toezichthoudende overheid geen besluit heeft verzonden over de goedkeuring van de jaarrekening binnen een termijn van honderdvijftig dagen, wordt de jaarrekening geacht te zijn goedgekeurd.

§4.  Onmiddellijk na de definitieve vaststelling van een beleidsrapport bezorgt het bedrijf de gegevens over het vastgestelde beleidsrapport in digitale vorm aan de Vlaamse Regering.  Het vastgestelde beleidsrapport is pas uitvoerbaar als de digitale rapportering erover aan de Vlaamse Regering is bezorgd."

 Artikel 40 Ontbinding en vereffening

§ 1. De gemeenteraad kan altijd beslissen om tot ontbinding en vereffening van het AGB Kapellen over te gaan. In de beslissing tot ontbinding wijst de gemeenteraad de vereffenaars aan. Alle andere organen vervallen op het ogenblik van de ontbinding.

§2. Het personeel van het ontbonden bedrijf wordt overgenomen door de gemeente. De gemeente waarborgt de rechten die het bedrijf op het ogenblik van ontbinding voor het overgenomen personeel had vastgesteld.

§ 3. De rechten en verplichtingen van het ontbonden APB Kapellen worden overgenomen door de gemeente.

§4. In afwijking van paragraaf 2 en 3 kan de gemeenteraad in het ontbindingsbesluit de personeelsleden in statutair dienstverband, die daarmee moeten instemmen, en de rechten en verplichtingen aanwijzen die overgenomen worden door de overnemer of de overnemers van de activiteiten van het bedrijf

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

13. MJP 2026-2031 en beginkrediet 2026 AGB Kapellen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De raad van bestuur van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen heeft haar meerjarenplan 2026-2031 vastgesteld.

Het vastgestelde meerjarenplan beschrijft de strategische koers en beleidskeuzes van het Autonoom Gemeentebedrijf voor de periode 2026–2031.

In het meerjarenplan geeft het AGB Kapellen de doelstellingen van het beleid weer en de acties die het zal ondernemen om deze te bereiken. Er staat ook beschreven hoe de budgetten verdeeld worden om deze doelstellingen te kunnen realiseren.

Het meerjarenplan wordt opgemaakt in het  eerste jaar van een bestuursperiode en loopt daarom vanaf het tweede jaar van de huidige legislatuur tot en met het eerste jaar van de volgende legislatuur.

Het meerjarenplan vormt de planningsfase van de zogenaamde beleidscyclus. De opmaak ervan is het resultaat van intensief samenwerken tussen bestuur en administratie. Een meerjarenplan en begroting opmaken is immers een complexe oefening.

De start van dit project werd gevormd door een omgevingsanalyse en een inspiratienota vanuit het management van het lokaal bestuur

Het bestuursakkoord was de basis voor de verdere opmaak. Het meerjarenplan vertaalt de beleidslijnen en thema’s hiervan in beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties en welke middelen hiervoor kunnen ingezet worden.

Dit meerjarenplan bestaat uit 3 delen:

  1.              Een strategische nota
  2.              Een financiële nota &
  3.              De toelichting, aangevuld  met documentatie

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het meerjarenplan 2026-2031 met beginkrediet 2026 van het AGB Kapellen goed te keuren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 3, hoofdstuk 2 het autonoom gemeentebedrijf, artikel 241 en 242, titel 4 beleids- en beheerscyclus van de gemeente en het OCMW, hoofdstuk 1: beleidsrapporten, artikel 249- 256

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ministerieel besluit van 26 juni 2018, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 14 juli 2023, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18 juli 2025  betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluiten gemeenteraad en raad van bestuur van heden betreffende de toekenning van prijssubsidies aan het AGB

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de raad van bestuur van het AGB Kapellen van heden betreffende de vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 en beginkrediet 2026

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Ontwerp meerjarenplan 2026-2031

Financiële gevolgen

Het meerjarenplan is het financieel sluitstuk van alle budgettaire vooruitzichten over de periode 2026-2031.

Het beschikbaar budgettair resultaat is positief in alle dienstjaren

Besluit

STEMMING :

16 stemmen voor: An Stokmans (Open VLD), Koen Helsen (Open VLD), Luc Janssens (Open VLD), Evelyne Haud'Huyze (Open VLD), Lotte Van Mechelen (Open VLD), Pieter Buysse (Groen), Tom Namurois (Vooruit), Marc De Smet (Open VLD), Ria Van Oncen (Open VLD), Tayfun Genç (Open VLD), Inge Cornelissen (Open VLD), Christel Janssens (Groen), Laila Rylant (Open VLD), Marie Adriaensen (Vooruit), Ingrid Hoendervangers (Open VLD) en Jan De Block (Open VLD).
7 onthoudingen: Vital Lambert (N-VA), Chris Marynissen (Vlaams Belang), Ludo De Bruyn (Vlaams Belang), Wilfried Schonkeren (N-VA), Nicole Demaerel-Recourdon (N-VA), Sophie Dieltiens (N-VA) en Rudy Bastiaenssens (Vlaams Belang).
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026-2031 van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen in zijn geheel goed. Het meerjarenplan bestaande uit 3 delen

  1. Een strategische nota
  2. Een financiële nota &
  3. De toelichting, aangevuld  met documentatie

 

Artikel 2

De financiële nota van het meerjarenplan 2026-2031 en het beginkrediet 2026 van het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen wordt goedgekeurd.

Budgettair resultaat

2026

2027

2028

2029

2030

2031

I. Exploitatiesaldo

503.573

601.737

657.451

661.045

606.326

570.366

a. Ontvangsten

2.626.739

2.664.250

2.723.945

2.757.749

2.733.943

2.720.020

b. Uitgaven

2.123.166

2.062.513

2.066.494

2.096.704

2.127.617

2.149.654

II. Investeringssaldo

-1.070.500

-901.500

-570.500

-45.500

-72.500

-29.000

a. Ontvangsten

100.000

326.000

0

0

0

0

b. Uitgaven

1.170.500

1.227.500

570.500

45.500

72.500

29.000

III. Saldo exploitatie en invest

-566.927

-299.763

86.951

615.545

533.826

541.366

IV. Financieringssaldo

404.195

235.155

-115.246

-632.970

-585.124

-558.274

a. Ontvangsten

1.070.500

901.500

570.500

45.500

72.500

29.000

b. Uitgaven

666.305

666.345

685.746

678.470

657.624

587.274

V. Budg resultaat boekjaar

-162.732

-64.608

-28.294

-17.425

-51.298

-16.908

VI. Gecum budg res vorig jaar

754.333

591.601

526.994

498.699

481.274

429.976

VII. Gecumuleerd budg resultaat

591.601

526.994

498.699

481.274

429.976

413.068

 

 

 

 

 

 

 

III. AFM

-162.732

-64.608

-28.294

-17.425

-51.298

-16.908

 

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

14. Vaststelling prijssubsidiereglement 2026 tussen gemeente en AGB Kapellen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het directiecomité van het AGB heeft voor 2026 een ondernemingsplan opgemaakt met vaststelling van rendabele tarieven voor sport en cultuur opdat haar opbrengsten de kosten zouden overtreffen en de winst die hiermee wordt beoogd, minstens gedeeltelijk uit te keren aan de gemeenteraad.

Het gemeentebestuur acht de rendabele tarieven van het AGB Kapellen voor de exploitatie van haar culturele en sportinfrastructuur niet conform de democratische prijzen voor de gebruikers en bezoekers ervan.

Rekening houdend met de sportieve, culturele en sociale functie van de sport- en vrijetijdsinfrastructuur heeft de gemeenteraad tarieven vastgesteld voor het gebruik van de sportinfrastructuur en het zwembad vanaf 2026, kaderend in haar beleidsdoelstellingen en actieplannen,

Het gemeentebestuur heeft beslist dat de toegangsgelden beperkt dienen te zijn opdat sport  toegankelijk blijft voor eenieder.  Het gemeentebestuur verbindt er zich toe om in 2026 de tarieven voor de toegang tot sport (zwembad) te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.

Het gemeentebestuur wenst in overleg met het cultureel centrum eveneens democratische tarieven te hanteren voor culturele voorstellingen, humor, muziek, dans en lezingen die daarbij overeenstemmen met de prijzen zoals deze worden vastgelegd in culturele centra, feestzalen en schouwburgen in de regio.

De prijssubsidies worden per tarief en soort bepaald, teneinde deze in mindering te brengen van de tarieven zoals vastgesteld door het AGB.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, deel 2, titel 3, hoofdstuk 2 het autonoom gemeentebedrijf,

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Het besluit van de gemeenteraad van 23 maart 2015 betreffende de oprichting van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De besluiten van de gemeenteraad en de raad van bestuur van het AGB van 17 juni 2019 betreffende de wijziging van de statuten van het AGB

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De besluiten van de gemeenteraad en de raad van bestuur van het AGB van 16 september 2019 betreffende de herziening van de beheersovereenkomst tussen gemeente en AGB

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Het besluit van het directiecomité van 1 december 2026 betreffende de vaststelling ondernemingsplan 2026 en voorstel rendabele tarieven voor inkomgelden AGB sport en cultuur 2026

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De besluiten van de raad van bestuur van het AGB en de gemeenteraad en B van heden betreffende de respectievelijk de vaststelling en goedkeuring  van het meerjarenplan 2026-2031 en beginkrediet 2026 van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             het besluit van de gemeenteraad van heden betreffende de vaststelling van het meerjarenplan van het lokaal bestuur Kapellen 2026-2031 en vaststelling beginkrediet 2026

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De circulaire 2021/C/57 van de fiscus betreffende de beoordeling van de aanwezigheid van winstoogmerk in hoofde van de AGB

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De circulaire 2022/C/100 van 13 oktober 2022 betreffende de btw-regeling die van toepassing is op autonome gemeentebedrijven die 5 voorwaarden bevat waaraan prijssubsidies moeten voldoen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Vóór de aanvang van de activiteiten bepaalt het AGB de prijs van elk van de diensten die het zal verrichten (in voorkomend geval wordt voor elk van deze diensten een andere prijs vastgesteld naar gelang van de aard van de afnemer van deze diensten (al dan niet inwoner van de gemeente, lid van een club, school, ...)

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Op dezelfde manier, zal de gemeente vóór de aanvang van de activiteiten van het AGB het bedrag van de prijssubsidie bepalen die zij voornemens is toe te wijzen aan elke door het AGB verleende dienst (in voorkomend geval met onderscheid naargelang de aard van de ontvanger van de diensten); het is dus vereist dat het bedrag van de prijssubsidies bepaald is voordat het AGB enige dienst verricht

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De overeenkomstig punt 2 geïndividualiseerde bedragen van de prijssubsidies kunnen slechts tweemaal per jaar worden herzien (er wordt nogmaals op gewezen dat de prijssubsidies uitsluitend voor toekomstige diensten worden aangepast). De bewijslast voor de datum van inwerkingtreding van deze nieuwe bedragen en voor het feit dat zij niet met terugwerkende kracht worden gehanteerd, ligt bij het AGB

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De in overeenkomstige punten 2 en 3 geïndividualiseerde bedragen van de prijssubsidies worden berekend op basis van het werkelijke aantal door het AGB verrichte diensten, en niet op basis van een geraamd aantal aan het begin van de activiteit of aan het begin van het boekjaar

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             De btw op de prijssubsidies wordt opeisbaar volgens de regels die van toepassing zijn op de inkomsten waarmee zij verband houden. Deze regels verschillen naargelang de hoedanigheid van de ontvanger van deze diensten (belastingplichtige, al dan niet vrijgesteld (art. 22 en 22bis, § 1, van het Btw-Wetboek), particulier (art. 22bis, § 3, van het Btw-Wetboek) of publiekrechtelijk lichaam bedoel in artikel 6 van het Btw-Wetboek (art. 22bis, § 4, van het Btw-Wetboek)). De over deze subsidies verschuldigde belasting dient opgenomen te worden in de btw-aangifte van het tijdvak waarin de btw opeisbaar is geworden.

Financiële gevolgen

In het meerjarenplan 2026-2031, vaststelling beginkrediet 2026 van het lokaal bestuur Kapellen  zijn de bedragen voor de prijssubsidies cultuur en sport opgenomen incl. 6%  btw.

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             MJP 001114 prijssubsidies sport 

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             MJP 000966 prijssubsidies cultuur

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad neemt akte neemt akte van het besluit van het directiecomité van 1 december 2025  over het  ondernemingsplan van het AGB waarin voor het kalenderjaar 2026 de volgende inkomgelden dienen verworven te worden om per kostenplaats / divisie economisch rendabel te zijn:

divisie sport - zwembad: inkomgelden uit losse tickets zwembad, 10 beurtenkaarten, abonnementen, schoolzwemmen en huur zwembanen :  622.180 euro excl. BTW

divisie cultuur - toegangstickets voor culturele voorstellingen, theater, muziek, aperitiefconcerten, film, lezing, familievoorstellingen en humor:   637.800 euro excl. BTW

Het ondernemingsplan is toegevoegd als bijlage 1 (DC 01.12.2025)  bijlage 1 ondernemingsplan 2026 AGB)

De gemeenteraad neemt akte van de rendabele tarieven voor sport en cultuur zoals vastgesteld in het besluit van het directiecomité van 1 december 2025.

De rendabele tarieven sport zijn toegevoegd als bijlage 2 (DC  01.12.2025 bijlage 2 rendabele tarieven sport 2026)

De rendabele tarieven cultuur zijn toegevoegd als bijlage 3 (DC 01.12.2025  bijlage 3 rendabele tarieven cultuur 2026)

De gemeenteraad erkent dat het AGB vanaf 1 januari 2026 de voorziene toegangsprijzen, inclusief btw, dient te hanteren om economisch rendabel te zijn en tot winstuitkering kan overgaan.

 

Artikel 2

Rekening houdende met de sportieve, culturele en sociale functie van de sport- en vrijetijdsinfrastructuur wenst de gemeente de tarieven op de inkomtickets, toegangsgelden en abonnementen voor de gebruikers van de sportieve en culturele infrastructuur zodanig vast te stellen opdat sport en cultuur toegankelijk blijven voor iedereen

Het gemeentebestuur verbindt er zich toe om voor de periode vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026  de door haar gewenste tarieven te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.

 

Artikel 3

De gesubsidieerde toegangsgelden (inclusief 6% btw) kunnen steeds gerevalueerd worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het AGB. In de mate er een prijssubsidieaanpassing noodzakelijk is, zal het gemeentebestuur deze steeds documenteren. De bedragen van de prijssubsidies kunnen slechts tweemaal per jaar worden herzien en kunnen uitsluitend van toepassing zijn voor toekomstige diensten.

Het AGB moet op de 15de werkdag van elk kwartaal aan het gemeentebestuur een overzicht bezorgen van het werkelijk aantal gebruikers waaraan recht op toegang is verleend tijdens het voorbije kwartaal tot de sport- en vrijetijdsinfrastructuur. Dit overzicht dient tevens het bedrag aan te betalen prijssubsidies te bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een debetnota die het AGB uitreikt aan het gemeentebestuur. Het gemeentebestuur dient deze debetnota te betalen aan het AGB binnen de 30 werkdagen na ontvangst.

Het gemeentebestuur vestigt de aandacht erop dat de prijssubsidies deel uitmaken van de maatstaf van heffing en derhalve op de factuur dienen te worden vermeld wanneer de uitreiking van een btw-factuur verplicht is.

Een nieuw prijssubsidiereglement geldig vanaf 2027 zal worden onderhandeld tussen het gemeentebestuur en het AGB vóór 31 december 2026.

De prijssubsidie wordt verleend binnen het beschikbare krediet.

 

Artikel 4

Voor divisie sport worden hierna volgende bedragen prijssubsidies 2026 per ticket, abonnement, 10 beurtenkaarten en schoolzwemmen, inclusief btw vastgesteld:

opbrengsten toegangsgelden zwembad 2026

geraamde omzet

prijzen AGB

gewenste prijs gemeente

opbrengst prijszetting gemeente

prijs subs

 

prijs subsidies totaal

totaal omzet individuele tickets

10 830

 

 

37 270,00

 

70 570,00

losse tickets volwassene inwoner

3 800

10,00

3,00

11 400,00

7

26 600,00

losse tickets volwassene niet inwoner

2 250

10,00

5,00

11 250,00

5

11 250,00

losse tickets kind inwoner

2 200

10,00

2,50

5 500,00

7,5

16 500,00

losse tickets kind niet inwoner

1 200

10,00

4,00

4 800,00

6

7 200,00

losse tickets 55 + inwoner

725

10,00

2,50

1 812,50

7,5

5 437,50

losse tickets 55 + niet inwoner

450

10,00

4,00

1 800,00

6

2 700,00

losse tickets G zwemmer inwoner

50

10,00

2,50

125,00

7,5

375,00

losse tickets G zwemmer  niet inwoner

40

10,00

4,00

160,00

6

240,00

ticketgroep (inwoners)

25

6,00

2,50

62,50

3,5

87,50

ticket groep (niet inwoners)

90

6,00

4,00

360,00

2

180,00

totaal omzet 10 beurtenkaarten

1 530

 

 

42 690,00

 

75 810,00

10- beurtenkaart volwassen inwoner

400

75,00

23,00

9 200,00

52

20 800,00

10- beurtenkaart volwassen n- inwoner

295

75,00

40,00

11 800,00

35

10 325,00

opbrengsten toegangsgelden zwembad

geraamde omzet

prijzen AGB

gewenste prijs gemeente

opbrengst prijzen gemeente

prijs subs

prijs subsidies totaal

10- beurtenkaart kin inwoner

150

75,00

18,00

2 700,00

57

8 550,00

10- beurtenkaart kin n- inwoner

100

75,00

30,00

3 000,00

45

4 500,00

10- beurtenkaart 55+ inwoner

230

75,00

18,00

4 140,00

57

13 110,00

10- beurtenkaart 55+  n- inwoner

215

75,00

30,00

6 450,00

45

9 675,00

10- beurtenkaart G zwemmer inwoner

25

75,00

18,00

450,00

57

1 425,00

10- beurtenkaart G zwemmer n- inwoner

15

75,00

30,00

450,00

45

675,00

zomerkaart inwoners

100

75,00

25,00

2 500,00

50

5 000,00

zomerkaart niet inwoners

50

75,00

40,00

2 000,00

35

1 750,00

totaal omzet jaarabonnementen

344

 

 

27 745,00

 

61 655,00

jaarabonnement volwassen inwoner

55

250,00

95,00

5 225,00

155

8 525,00

jaarabonnement volwassen n- inwoner

35

250,00

120,00

4 200,00

130

4 550,00

jaarabonnement 55+

50

250,00

75,00

3 750,00

175

8 750,00

jaarabonnement 55+ niet inwoner

35

250,00

100,00

3 500,00

150

5 250,00

jaarabonnement G zwemmers

2

250,00

75,00

150,00

175

350,00

jaarabonnement G zwemmers niet inw

1

250,00

100,00

100,00

150

150,00

jaarabonnement gezinnen inwoner

24

350,00

180,00

4 320,00

170

4 080,00

jaarabonnement gezinnen n- inwoner

10

350,00

250,00

2 500,00

100

1 000,00

abonnement ochtendzwemmen

125

250,00

25,00

3 125,00

225

28 125,00

jaarabonnement privézwemmen

7

250,00

125,00

875,00

125

875,00

zwembeurt scholen

32500

 

 

37 500,00

 

271 250,00

Kapelse scholen

22 500

 9,50

 1,00

22 500,00

8,5

191 250,00

Niet Kapelse scholen

10 000

 9,50

 1,50

15 000,00

8

80 000,00

reservatie zwembanen

 

 

 

35 000,00

 

 

totaal

 

 

 

180 205,00

 

479 285,00

 

 

 

De bedragen van de prijssubsidie toegekend door het gemeentebestuur voor de toegangsgelden voor sport, zijn in detail opgenomen in bijlage 4 ( GR 15.12.2025  bijlage 4 prijssubsidies sport 2026) , welke integrerend deel uitmaken van deze beslissing.

 

Artikel 5

Voor divisie cultuur wordt het verschil in de vastgestelde rendabele tarieven en de gewenste prijszetting door de gemeente als prijssubsidie toegekend. Indien de gewenste tarieven voor de gemeente wijzigen ten opzichte van de prognose wordt het verschil tussen het vastgestelde rendabele tarief van het AGB en de gewenste prijs voor de gemeente als prijssubsidie uitgekeerd.

De hierna volgende bedragen prijssubsidies 2026 per ticket, culturele voorstellingen, muziek, theater, film, familievoorstellingen, humor, lezingen worden  inclusief btw als volgt geraamd.

datum

genre

zaal

aantal raming

prijs AGB incl btw

 prijs gemeente incl btw

prijssubs incl. btw

omzet prijssubsidie incl btw

voorjaar

T dansant

lux

225

30,00

 6,00

24,00

5 400,00

voorjaar

theater

lux

250

60,00

  16,00

44,00

11 000,00

voorjaar

middagc

lux

250

60,00

  18,00

42,00

10 500,00

voorjaar

humor

lux

350

60,00

  16,00

44,00

15 400,00

voorjaar

muziek

lux

320

60,00

  14,00

46,00

14 720,00

voorjaar

theater

lux

300

60,00

  18,00

42,00

12 600,00

voorjaar

dans theater

lux

250

60,00

  35,00

25,00

6 250,00

voorjaar

familie voorst.

lux

320

50,00

  8,00

42,00

13 440,00

voorjaar

aperitiefc

kerkske

100

35,00

  16,00

19,00

1 900,00

voorjaar

muziek

lux

360

60,00

  22,00

38,00

13 680,00

voorjaar

theater

lux

360

60,00

  18,00

42,00

15 120,00

voorjaar

muziek

lux

360

60,00

  35,00

25,00

9 000,00

voorjaar

middagc

lux

200

60,00

  14,00

46,00

9 200,00

voorjaar

theater

lux

250

60,00

  18,00

42,00

10 500,00

voorjaar

aperitiefc

kerkske

100

60,00

  18,00

42,00

4 200,00

datum

genre

zaal

aantal raming

prijs AGB incl btw

 prijs gemeente incl btw

prijssubs incl. btw

omzet prijssubsidie incl btw

voorjaar

theater

lux

300

60,00

  16,00

44,00

13 200,00

voorjaar

humor

lux

350

60,00

  18,00

42,00

14 700,00

voorjaar

familie voorst.

lux

320

50,00

  10,00

40,00

12 800,00

voorjaar

humor

lux

350

60,00

  22,00

38,00

13 300,00

voorjaar

film

lux

200

18,00

  5,00

13,00

2 600,00

voorjaar

theater

lux

275

60,00

  18,00

42,00

11 550,00

voorjaar

familie voorst.

lux

90

50,00

  10,00

40,00

3 600,00

voorjaar

theater

lux

350

60,00

  22,00

38,00

13 300,00

voorjaar

middag concert

lux

250

60,00

  16,00

44,00

11 000,00

voorjaar

T dansant

lux

200

30,00

  6,00

24,00

4 800,00

2 najaar

familie voorst.

Lux

320

50,00

  10,00

40,00

25 600,00

2 najaar

aperitief concert

kerkske

114

40,00

  18,00

22,00

5 016,00

2  najaar

muziek

LUX

360

60,00

  25,00

35,00

25 200,00

3 najaar

theater

LUX

350

60,00

  20,00

40,00

42 000,00

2 najaar

film

Lux

150

18,00

  5,00

13,00

3 900,00

1 najaar

humor

LUX

375

60,00

  25,00

35,00

13 125,00

1 najaar

lezing

LUX

110

14,00

  10,00

4,00

440,00

LO + MO

film

Lux

5650

16,00

  4,00

12,00

67 800,00

MO

 voorst

lux

1000

39,00

  10,00

29,00

29 000,00

totaal

 cult voorst

 

 

 

 

 

465 841,00

 

 

 

 De gedetailleerde gegevens, inclusief en exclusief btw opgenomen in bijlage 3 maken integrerend deel uit van onderhavig besluit.

De bedragen van de prijssubsidie toegekend door het gemeentebestuur voor de toegangsgelden voor culturele voorstellingen, zijn in detail opgenomen in bijlage 5 ( GR 25.11.2024 bijlage 5 prijssubsidies cultuur 2025) , welke integrerend deel uitmaakt van deze beslissing.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

15. Dienstverleningsovereenkomst tussen gemeente Kapellen en het AGB voor het Bedrijvencentrum Kapellen 2026.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het AGB heeft het Bedrijvencentrum Kapellen in erfpacht. Het bedrijvencentrum bestaat uit twee gebouwen met in totaal 125  ingerichte en uitgeruste werkplekken in:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Hobome waarin de VDAB, het vrijetijdsloket van de gemeente en de vzw Cultuurcentrum Kapellen worden gehuisvest

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Hoghescote waarin het gemeentebestuur Kapellen, het OCMW van Kapellen, Mercator APB en tenslotte het AGB Kapellen zijn gevestigd.

Beide locaties zijn uitgerust met een gemeenschappelijke balie die door het AGB wordt bediend.

Er werd een dienstverleningsovereenkomst voor het bedrijvencentrum afgesloten tussen het AGB Kapellen en de gemeente  Kapellen. Deze overeenkomst werd afgesloten voor beperkte duur tot uiterlijk 31 december 2025.

Een nieuwe dienstverleningsovereenkomst tussen het AGB Kapellen en de gemeente Kapellen dient afgesloten te worden.

De statuten van mede-eigendom van het gebouwencomplex op de site Bruggeske zijn vastgesteld  voor het beheer van de gemeenschappelijke delen.

De VME (vereniging van mede-eigenaars) is momenteel in oprichting , er kan dus nog geen correcte inschatting gemaakt worden van de kosten die zullen verrekend worden. Een aantal onderhoudscontracten voor technische installaties en energiecontracten zijn nog steeds niet overgedragen aan het AGB of VME.

Om die reden wordt voorgesteld om deze dienstverleningsovereenkomst af te sluiten opnieuw voor een beperkte duur van 1 jaar, en te herzien vanaf 2027 wanneer er een duidelijk beeld zal zijn van de kostenstructuur.

In deze overeenkomsten worden de tarieven berekend op basis van een cost-plus systeem waarbij de directe- en indirecte kosten worden verrekend en waarbij het winstoogmerk van het wordt bereikt voor de werking van het bedrijvencentrum in het AGB Kapellen.

De kosten van het bedrijvencentrum worden verrekend aan de verschillende externe partners à rato van het aantal werkplekken die zij benutten in het bedrijvencentrum.

Tussen de Gemeente Kapellen en het AGB Kapellen wordt een complexe dienstverleningsovereenkomst afgesloten voor 99 werkplekken gelegen in het gebouw Hogescote en het gebouw Hobome.  De werkplekken zijn gelegen zowel frontoffice als backoffice  in eilandkantoren en in aparte directiekantoren.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017,

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Circulaire AOIF 39/2005 (E.T. 108.816) van 27 september 2005 m.b.t. het ter beschikking stellen van een oppervlakte als diensten- en bedrijvencentrum

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadsbesluit van 23 maart 2015 betreffende de oprichting en statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Gemeenteraadbesluit van 17 juni 2019 en besluit van de raad van bestuur AGB Kapellen betreffende de wijziging van statuten van het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluit van de raad van bestuur van 17 oktober 2022 houdende de wijziging van de beheersovereenkomst tussen de gemeente en het AGB Kapellen: uitbreiding exploitatie op de site Bruggeske

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Besluiten gemeenteraad en raad van bestuur van het AGB Kapellen van 21 november 2022 en 24 november 2024  betreffende de vaststelling van de dienstverleningsovereenkomst tussen de Gemeente Kapellen en het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             notariële erfpachtakte tussen Gemeente Kapellen en AGB Kapellen voor het bedrijvencentrum

Financiële gevolgen

In de meerjarenplannen 2026-20231 van de Gemeente en het AGB Kapellen worden volgende budgetramingen ingeschreven

Voor het AGB Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        MJP000 659  dienstverleningsovereenkomst bedrijvencentrum - raming exclusief btw

Voor de Gemeente Kapellen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        MJP000663  kosten dienstverlening  bedrijvencentrum  - raming inclusief btw

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad  keurt de onderhavige volledige en complexe full service dienstverleningsovereenkomst goed

Tussen

Het Autonoom Gemeentebedrijf Kapellen, Bruggeske 1, 2950 Kapellen, KBO nr. 0643.817.110, hier vertegenwoordigd door Luc Janssens, de voorzitter van de Raad van bestuur en door Paula Verhoeven, directeur AGB Kapellen, hierna ‘het Bedrijvencentrum’ genoemd.

En:

De Gemeente Kapellen, Bruggeske 1, 2950 Kapellen, KBO nr. 0207.539.913, hier vertegenwoordigd door An Stokmans, burgemeester en Danny Van Tiggelen, algemeen directeur Gemeente Kapellen, hierna “de Gebruiker” genoemd.

Hierna samen ‘de partijen’ genoemd

Wordt overeengekomen wat volgt:

Het Bedrijvencentrum en de Gebruiker sluiten een overeenkomst voor dienstverlening af, meer bepaald de levering van een complexe dienstprestatie als bedoeld in de btw-circulaire AOIF 39/2005 (E.T. 108.816) van 27 september 2005 eventueel gecombineerd met één of meerdere bijkomende facultatieve diensten.

Artikel 1- Doel

Partijen bevestigen dat de in deze overeenkomst opgenomen prestaties één complexe, onscheidbare dienst vormen in de zin van circulaire E.T.108.816, volledig onderworpen aan 21% btw; er vindt geen uitsplitsing plaats in onroerende verhuur en diensten.”

Doel is dat de Gebruiker zonder problemen zijn werkzaamheden kan uitvoeren in het Bedrijvencentrum. Vanuit dat oogpunt worden de diensten door het Bedrijvencentrum aangeboden aan de Gebruiker.

De ter beschikking gestelde diensten zijn van toepassing op de ruimtes beschreven in artikel 3, §3 en aangegeven op de plattegrond aangehecht in bijlage.

In onderling overleg tussen contractanten, kunnen de ruimtes die aan de Gebruiker ter beschikking worden gesteld op ieder ogenblik worden gewijzigd, verminderd of vermeerderd. Voor iedere wijziging aan de ruimtes wordt een schriftelijk bijvoegsel opgemaakt dat toegevoegd wordt aan dit dienstencontract.

Artikel 2: Duur

Huidige dienstverleningsovereenkomst wordt afgesloten voor één jaar, ingaande op 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026.

Artikel 3: Minimale standaarddiensten inbegrepen in de forfaitaire basisvergoeding

Volgende minimale standaarddiensten zijn inbegrepen in de dienstverleningsovereenkomst:

Het Bedrijvencentrum beschikt over 125  volledig ingerichte en gemeubileerde ruimtes/front office werkplekken en back office kantoorplaatsen, en stelt deze exclusief ter beschikking van de Gebruiker:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        99 uitgeruste werkplekken in Hoghescote  en het vrijetijdsloket Hobome  in landschapskantoren, front  office desks en aparte directiekantoren

Elke werkplek is volledig gemeubileerd en heeft een telefoon- en internetaansluiting.

De concentratieruimtes worden niet beschouwd als werkplekken, maar als gemeenschappelijke ruimtes.

Alle nutsvoorzieningen die deel uitmaken van de Basisdienst (water, elektriciteit, verwarming en telecommunicatie) worden afgenomen op naam van het Bedrijvencentrum. De globale facturatie gebeurt aan het Bedrijvencentrum; deze kosten zijn begrepen in de forfaitaire basisvergoeding, behoudens uitdrukkelijk andersluidende bepaling voor gebruik buiten forfait

De ter beschikking gestelde privatieve ruimtes zijn duidelijk aangeduid op de als bijlage bijgevoegde plattegrond.

De gebruiker ontleent hierbij geen enkel recht ten aanzien van het onroerend goed waarin het Bedrijvencentrum is gelegen. De ruimten worden aan de Gebruiker enkel ter beschikking gesteld teneinde het Bedrijvencentrum toe te laten zijn complexe dienstverlening uit te voeren.

De gebruiker heeft recht op het exclusief gebruik van volledig uitgeruste vergaderruimten en gebruik van de apparatuur aanwezig in de vergaderruimtes. Het gebruik van de vergaderruimtes wordt beperkt  tot maximaal 148,50 uur per week.  Er zijn 6 beschikbare vergaderruimtes te reserveren volgens reservatieschema aan het centrale orgaan .

De gebruiker heeft vrije toegang en recht op het gebruik van alle gemeenschappelijke ruimten van het bedrijvencentrum, in het bijzonder de receptieruimte, de gangen, het sanitair, zithoeken, gemeenschappelijke administratieve ruimtes en concentratieruimtes die zich op elke verdieping bevinden. De concentratieruimtes zijn onbeperkt toegankelijk voor de gebruik maar dienen wel gereserveerd te worden.

Er is een gemeenschappelijk ingerichte refter met ruim gemeubeld buitenterras op de eerste verdieping van gebouw Hoghescote, alsook uitgeruste kitchenette met zithoekje, waarvan er zich één op elke verdieping en het gelijkvloers bevinden. De kitchenettes en de refter zijn uitgerust met een professionele koffiemachine, gekoeld plat en bruisend water, een koelkast, lavabo en kasten met koffieservies, bestek en glazen. Koffie en thee zijn inclusief.

Gebruik van de gemeenschappelijke beveiligde en afgesloten fietsenstalling voor alle gebruikers van het bedrijvencentrum

Terbeschikkingstelling van ruime beveiligde en afgesloten archiefruimte

Terbeschikkingstelling van gemeenschappelijke burotica (kantoorautomatisering). Deze burotica omvat onder meer een kopieerapparaat, printer, scanner. Op elke verdieping is een aparte ruimte voorzien waar zich de apparatuur kopiër-scanner-printer bevindt.

Terbeschikkingstelling van gemeenschappelijke ICT-infrastructuur en IT-support

Het normaal gebruik van de gemeenschappelijke bureautica en ICT-infrastructuur is inbegrepen in de forfaitaire basisvergoeding. Overschrijdingen of uitzonderlijk gebruik (boven een door het Bedrijvencentrum redelijk vast te stellen quotum) worden afzonderlijk en transparant afgerekend.

De Gebruiker heeft het recht op het gebruik van de gemeenschappelijke ICT-infrastructuur (o.a. de telefoon- en internettoegang in het uitgerust lokaal) alsook telefoonfaciliteiten in het uitgerust lokaal en de vergaderzaal. Het gebruik van telefoon is in het standaardpakket beperkt tot het doorschakelen vanuit het onthaal. De IT-support behelst de ondersteuning tot de standaardwerking.

Telefoongesprekken over de vaste lijn. Het abonnement van de telecommunicatie staat op naam van het Bedrijvencentrum. Gesprekskosten voor de aan een Gebruiker toegewezen vaste telefoonlijn zullen apart per Gebruiker worden doorgerekend.

Het Bedrijvencentrum kent aan elke Gebruiker één of meerdere individuele telefoonnummers toe. De telecommunicatieoperatoren factureren globaal aan het Bedrijvencentrum; het Bedrijvencentrum zorgt voor interne toewijzing en doorrekening van buiten forfaitaire gesprekskosten.

Regelmatige schoonmaak en algemeen onderhoud

De Gebruiker heeft recht op een regelmatige schoonmaak van het kantoorlokaal en de gemeenschappelijke ruimten en faciliteiten alsook van een stipt algemeen onderhoud van de site van het Bedrijvencentrum en haar uitrusting, dit teneinde de kwaliteit en continuïteit van de algemene dienstverlening te kunnen garanderen.

Permanent onthaal gedurende de openingsuren

De Gebruiker kan iedere openingsdag beroep doen op permanent aanwezig personeel aan het onthaal van het Bedrijvencentrum en dit gedurende de normale openingsuren van het bedrijvencentrum:

maandag: 9.00 - 19.00 uur

dinsdag: 9.00 -13.00 uur

woensdag: 9.00 - 17.00 uur

donderdag: 9.00 - 13.00 uur

vrijdag: 9.00 - 13.00 uur

Gepersonaliseerd telefonisch onthaal in naam van de Gebruiker en opname van boodschappen bij afwezigheid door het centrale onthaal tijdens onderstaande uren:

maandag: 9.00 - 19.00 uur

dinsdag: 9.00 - 13.00 uur

woensdag: 9.00 -17.00 uur

donderdag: 9.00 - 17.00 uur

vrijdag: 9.00 - 13.00 uur

Ontvangst en verdeling van de post. Het personeel van het Bedrijvencentrum neemt de post van de Gebruiker in ontvangst, sorteert deze en staat in voor de verdeling ervan.

Gemeenschappelijke ruimten. De bijlage bij deze overeenkomst met het Bedrijvencentrum preciseert de ter beschikking gestelde kantoor-, vergader- en andere ruimten volgens de aangeduide kleuren. Niettemin behoudt het Bedrijvencentrum zich steeds het recht voor om, volgens de noodwendigheden, in onderling overleg andere ruimten met gelijkaardige oppervlakte en uitrusting toe te wijzen.

Voor de minimumdiensten treedt uitsluitend het Bedrijvencentrum op als contractspartij tegenover derden en blijft het exclusief verantwoordelijk voor de correcte uitvoering ten aanzien van de Gebruiker.

 

Artikel 4: Gebruiksvoorwaarden van ter beschikking gestelde ruimten

Sleutels, badges en veiligheid

Alle sleutels, badges en toegangskaarten die het Bedrijvencentrum ter beschikking stelt aan de Gebruiker blijven ten allen tijde de volle eigendom van het Bedrijvencentrum. De Gebruiker mag er geen kopieën van maken of ze laten gebruiken door iemand anders, zonder de voorafgaande toestemming van het Bedrijvencentrum.

leder verlies ervan moet onmiddellijk ter kennis worden gebracht van het Bedrijvencentrum en de Gebruiker zal instaan voor de kosten van vervanging van de sleutels en toegangskaarten en van de vervanging van sloten indien noodzakelijk. Indien het de Gebruiker toegestaan is het Bedrijvencentrum buiten de normale openingsuren te gebruiken, is de Gebruiker verantwoordelijk om de deuren tot de aan hem ter beschikking gestelde ruimten en tot het Bedrijvencentrum zelf veilig af te sluiten wanneer de Gebruiker vertrekt.

Aard van de activiteit

De Gebruiker zal de ruimtes en de faciliteiten van het Bedrijvencentrum uitsluitend mogen gebruiken voor de uitoefening van de eigen bedrijvigheid. Elk ander gebruik is uitgesloten. De bestemming van de gebruikte ruimtes mag in geen geval door de Gebruiker gewijzigd worden zonder uitdrukkelijke voorafgaande schriftelijke toestemming van het Bedrijvencentrum, dat een dergelijke wijziging zonder opgave van redenen mag weigeren.

Er wordt uitdrukkelijk gestipuleerd dat de gebruikte ruimtes en kantoorplaatsen in geen geval gebruikt mogen worden voor een vorm van detailhandel of voor een ambachtelijke activiteit waarbij men rechtstreeks in contact komt met het publiek, zodat deze locatie nooit onder de wet van 30 april 1951 op de handelshuur zou vallen.

De Gebruiker zal erop toezien dat de activiteiten geen hinder veroorzaken ten opzichte van de andere Gebruikers. Bij overlast heeft het Bedrijvencentrum het recht het contract te beëindigen met een opzegtermijn van 6 maanden. Onder deze overlast wordt niet begrepen die activiteiten die eigen zijn aan de werking van de gebruiker.

Deze termijn gaat in op de eerste dag na ontvangst van het aangetekend schrijven waarbij het Bedrijvencentrum de opzeg wegens overlast betekent aan de Gebruiker. Het is niet toegelaten een activiteit uit te oefenen die concurreert met de activiteiten van het Bedrijvencentrum, noch de naam van het Bedrijvencentrum op enige wijze te gebruiken, behoudens voorafgaande schriftelijke en uitdrukkelijke toestemming van het Bedrijvencentrum.

 Zorg voor de eigendom van het Bedrijvencentrum

De gebruiker dient te handelen als een voorzichtig en redelijk persoon en is dus ertoe gehouden de nodige zorg en voorzichtigheid aan de dag te leggen bij het gebruik van de ruimten, meubilering, uitrusting en toebehoren van het Bedrijvencentrum. Het is niet toegelaten deze te wijzigen, te verplaatsen of voor andere doeleinden te gebruiken dan deze waarvoor ze voorzien zijn, met uitzondering van eventuele interne verplaatsingen van tafels en stoelen teneinde de schikking aan te passen aan de specifieke noden van de Gebruiker.

De Gebruiker is aansprakelijk voor alle schade veroorzaakt door de Gebruiker zelf, zijn aangestelden, mandatarissen of door diegene die aanwezig is in het Bedrijvencentrum met toestemming van de Gebruiker of op zijn uitnodiging.

Meubilair en toebehoren

Alle ruimtes worden gebruiksklaar én nieuw opgeleverd. Voor rekening van de Gebruiker zijn de bijzondere voorzieningen verband houdende met zijn activiteiten.

De Gebruiker mag de kantoorinrichting niet wezenlijk wijzigen. Het inbrengen van eigen meubilair of het aanbrengen van structurele of esthetische wijzigingen (zoals schilderwerken) is verboden. Het Bedrijvencentrum kan uitzonderlijk,  niet wezenlijke aanvullingen die geen enkel zakelijk recht of huurkarakter doen ontstaan, tijdelijk en schriftelijk toelaten.

 Staat van het goed en werken

De Gebruiker mag geen veranderingen, wijzigingen, bouwwerkzaamheden of sloopwerkzaamheden uitvoeren in de gebruikte ruimtes zonder uitdrukkelijke voorafgaande schriftelijke toestemming van het Bedrijvencentrum. Indien het Bedrijvencentrum toestemming verleent voor deze bedoelde werkzaamheden, worden deze uitgevoerd voor rekening en onder verantwoordelijkheid van de Gebruiker. Bij deze toestemming zal het bedrijvencentrum ook melden aan de gebruiker of deze wijzigingen behouden blijven aan het einde van de overeenkomst of deze al dan niet moeten hersteld worden in de originele staat.

Het Bedrijvencentrum behoudt zich echter het recht voor om toezicht te houden op de goedgekeurde werkzaamheden.

Bij het verstrijken van de duur van voorliggende overeenkomst of op het moment dat de overeenkomst vervroegd beëindigd wordt, worden alle verbeteringen en wijzigingen, kosteloos en in goede staat eigendom van het Bedrijvencentrum. Het Bedrijvencentrum kan er echter voor opteren om de Gebruiker per e-mail te verzoeken alle wijzigingen en verfraaiingen geheel of gedeeltelijk te verwijderen en de gebruikte ruimtes geheel of gedeeltelijk in de oorspronkelijke staat te herstellen, tenzij dit bij de goedkeuring van de werken reeds bepaald is. De Gebruiker is verplicht hieraan te voldoen, zonder dat hieruit kosten kunnen voortvloeien voor het Bedrijvencentrum.

De Gebruiker moet zonder schadeloosstelling of verlaging van de dienstenvergoeding de uitvoering dulden van alle door het Bedrijvencentrum voor nakoming van haar verplichtingen, noodzakelijk geachte reparaties en verbeteringen. Het Bedrijvencentrum zal voorafgaandelijk de gebruiker informeren van de geplande werkzaamheden.
Indien het bedrijvencentrum werken uitvoert en die belemmeren het gebruikersgenot dermate, in de maximale zin dat een kantoorexploitatie voor de termijn van minstens 1 maand onmogelijk wordt, dan zal de gebruiker vrijgesteld worden van zijn gebruikersvergoeding.

De Gebruiker moet het Bedrijvencentrum, zijn zaakgelastigde en elke andere door het Bedrijvencentrum benoemde persoon toegang verlenen voor de noodzakelijke reparaties en de inspecties tot onderzoek van de toestand van de gebruikte ruimtes en werkplaatsen.

De Gebruiker maakt het Bedrijvencentrum zonder uitstel per e-mail attent op de noodzaak een herstelling uit te voeren die onder de verantwoordelijkheid van het Bedrijvencentrum valt.

Indien de Gebruiker geen dergelijke kennisgeving doet, is hij aansprakelijk voor de beschadigingen, voor de vergroting van de schade en voor alle andere nadelige gevolgen die hieruit voortvloeien. Indien er zich een onderbreking van de functies van het gebouw voordoet ten gevolge van een oorzaak die buiten de macht van het Bedrijvencentrum ligt en indien laatstgenoemde heeft aangetoond dat hij in de mate van het redelijke zorg heeft gedragen voor de werking of het herstel van de functies van het gebouw, kan de Gebruiker geen schadeloosstelling eisen van het Bedrijvencentrum voor de ongemakken die hieruit voor hem uitvloeien.

Het Bedrijvencentrum stelt een kopie ter beschikking van de keuringsdocumenten en –rapporten van alle aanwezige wettelijke verplicht te keuren installaties en inrichtingen.

Naleving van de wetgeving

De Gebruiker is ertoe gehouden om ten allen tijde in de uitoefening van zijn activiteiten binnen het Bedrijvencentrum alle toepasselijke wetgeving en reglementering na te leven. De Gebruiker dient zich te onthouden van alles wat de exploitatie van het Bedrijvencentrum of het gebruik ervan door anderen zou kunnen hinderen, wat enige hinder of last van welke aard ook zou kunnen veroorzaken, wat een verhoging zou kunnen meebrengen van de verzekeringspremies door het Bedrijvencentrum verschuldigd, of wat enige schade of verlies zou kunnen veroorzaken aan het Bedrijvencentrum of aan enige andere gebruiker of titularis van rechten in de gebouwen of plaatsen van het Bedrijvencentrum.

Verzekering

Het Bedrijvencentrum heeft een verzekeringspolis afgesloten m.b.t. het gebouw (‘Globale Brandpolis’), die de risico’s dekt van brand, ontploffing, blikseminslag en arbeidsconflicten, storm, hagel, sneeuw- en ijsdruk, waterschade, glasbreuk, burgerlijke aansprakelijkheid- gebouwen.

Deze polis bevat een clausule ‘afstand van verhaal op de Gebruiker’. De Gebruiker is dus niet verplicht zijn aansprakelijkheid tegenover het Bedrijvencentrum te laten verzekeren.

Door deze clausule verzaken zowel het Bedrijvencentrum als diens verzekeraar aan alle verhaal dat zij op basis van deze aansprakelijkheid bij een door het verzekeringscontract gedekt schadegeval zouden kunnen uitoefenen tegen de Gebruiker.

Deze afstand geldt niet in geval van kwaadwilligheid en in de mate dat de Gebruiker zijn aansprakelijkheid tegenover het Bedrijvencentrum heeft laten verzekeren.

De Gebruiker verbindt er zich toe een brandverzekering af te sluiten welke zijn inboedel en zijn aansprakelijkheid ten overstaan van derden dekt tijdens de duur van deze dienstverleningsovereenkomst.

De Gebruiker kan in geen enkel geval voor de schade aan deze goederen het Bedrijvencentrum aansprakelijk stellen en zal hiervoor een afstand van verhaal laten opnemen.

De Gebruiker blijft evenwel aansprakelijk voor de in het verzekeringscontract opgenomen vrijstelling.

Een afschrift van de gesloten verzekeringspolissen zullen respectievelijk aan de Gebruiker en aan het Bedrijvencentrum worden bezorgd.

Artikel 5:Overige beschikbare diensten tegen specifieke vergoeding

Naast de in artikel 3 hierboven beschreven minimale Basisdienst, kan de Gebruiker bovendien beroep doen op een aantal bijkomende facultatieve diensten ("Facultatieve Diensten") die afzonderlijk zullen aangerekend worden. Hierna volgt een niet-limitatieve lijst van de Facultatieve Diensten:

Naast de toegekende uren, bijkomende uren terbeschikkingstelling van vergaderruimtes en refter volgens de tarieven opgenomen in een apart reglement

Koerierdiensten

IT en telecomsupport (mails, beheer van gegevensbanken, helpdesk);

Diensten op het vlak van geluidsversterking, belichting, projectie van beelden, videoconferentie en overige specifieke technieken;

Bepaalde diensten op het vlak bij onthaal, catering, decoratie en entertainment

Deze diensten worden hetzij door eigen personeel van het Bedrijvencentrum geleverd, hetzij door het Bedrijvencentrum aan externe dienstverrichters uitbesteed, doch steeds door het Bedrijvencentrum aan de Gebruiker gefactureerd.

Voor de in artikel 3 bedoelde minimumdiensten treedt uitsluitend het Bedrijvencentrum op als contractspartij tegenover derden en blijft het exclusief verantwoordelijk voor de correcte uitvoering ten aanzien van de Gebruiker.

Deze diensten dienen specifiek in de overeenkomst aangeduid te worden of anderszins tijdig aangevraagd te worden. Het Bedrijvencentrum zal elke aanvraag met de vereiste spoed behandelen, doch kan niet aansprakelijk worden gesteld voor vertragingen.

Daarenboven kan het Bedrijvencentrum de Basisdienst alsook Facultatieve Diensten leveren buiten de normale openingsuren, mits schriftelijke reservatie minstens 24 uren op voorhand en tegen een bijkomende vergoeding.

Artikel 6: Levering van de diensten

Toegang tot de ter beschikking gestelde ruimten

Het Bedrijvencentrum behoudt zich te allen tijde het recht voor de ter beschikking gestelde ruimten te betreden. Behoudens in geval van spoedeisende gevallen, zal het Bedrijvencentrum zich echter inspannen om voorafgaandelijk te informeren betreffende het tijdstip waarop toegang vereist is met het oog op het uitvoeren van herstellingen, testen, werken andere dan routine-inspecties, onderhouds- en reinigingswerken, enz. In dit verband zullen de vertegenwoordigers van het Bedrijvencentrum de toepasselijke veiligheidsprocedures en procedures ter bescherming van de vertrouwelijkheid van de activiteiten van de Gebruiker eerbiedigen.

 Opschorting van dienstverlening

Het Bedrijvencentrum is gerechtigd om, na voorafgaande kennisgeving, de levering van diensten (met inbegrip van de toegang tot de u ter beschikking gestelde ruimten) op te schorten en dit omwille van redenen van sociale onrusten, stakingen, onderbrekingen in openbare nutsvoorzieningen en andere omstandigheden van overmacht, in welk geval de betalingen van alle vergoedingen eveneens zal worden opgeschort voor dezelfde periode.

 Aansprakelijkheid van het Bedrijvencentrum

Het Bedrijvencentrum kan niet aansprakelijk worden gesteld voor enig verlies of schade veroorzaakt door het falen in het leveren van een dienst ingevolge een mechanisch of elektronisch defect, stakingen, vertragingen, falen van een aangestelde, beëindiging van de gebruiksrechten met betrekking tot de gebouwen waarin het Bedrijvencentrum is gevestigd of enige andere reden, behoudens ingevolge vrijwillige of grove fout. Het Bedrijvencentrum kan bovendien niet aansprakelijk worden gesteld voor enig falen, zonder dat de Gebruiker het Bedrijvencentrum daaromtrent voorafgaandelijk in kennis heeft gesteld en een redelijke tijd heeft gegund om dit in gebreke blijven te beëindigen.

Artikel 7: Vergoedingen

Basisvergoeding

De Gebruiker betaalt aan het Bedrijvencentrum één totale dienstenvergoeding voor de infrastructurele faciliteiten en het dienstenpakket, zoals omschreven in artikel 3.

De forfaitaire basisvergoeding omvat alle lasten, taksen en belastingen met betrekking tot het gebouw en de uitrusting, met inbegrip van, doch niet beperkt tot, nutsvoorzieningen (elektriciteit, water, verwarming), telecommunicatie, onroerende voorheffing, gemeentelijke en gewestbelastingen, én de verzekeringspremies (waaronder de globale brandpolis en aanverwante verzekeringen).

De in artikel 3  opgesomde minimumdiensten maken één onscheidbaar dienstenpakket uit. De Gebruiker kan aan geen van deze minimumdiensten verzaken tegen prijsvermindering.

 

werk plekken

jaarbasis excl btw

btw 21 %

jaarbasis incl btw

per kwartaal excl btw

per kwartaal incl btw

totaal

99

548.856,00

115.259,76

664.115,76

137.214,00,

166.028,94

 

Indien reële kostenstijgingen niet opgevangen worden door deze bedragen, zal het Bedrijvencentrum deze kostenstijging tevens doorrekenen.

De optionele vergoeding wordt berekend op basis van:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        De gesprekskosten voor de vaste telefoonlijn.

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Het verbruik van het print- en fotokopiepapier.

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Het gebruik van de vergaderzalen boven het aantal maximum vastgestelde uren per week, zoals bepaald in artikel 3

Voor deze uitzonderingen zal een afzonderlijke vergoeding verschuldigd zijn die zal worden geafficheerd en per kwartaal wordt afgerekend.

 

Artikel 8: Betaling

De dienstenvergoedingen, waarvan sprake in artikel 4, worden per kwartaal gefactureerd. Dit bedrag dient zich binnen de 30 kalenderdagen na ontvangst van de factuur op een rekening van het Bedrijvencentrum te bevinden. De factuur zal het rekeningnummer vermelden.

Bij gebreke aan betaling binnen de bovengenoemde termijn zal de Gebruiker nalatigheidsinteresten verschuldigd zijn op het nog uitstaande bedrag, zonder enige ingebrekestelling vanwege het Bedrijvencentrum, verhoogd met een forfaitaire som van 100,00 EUR (exclusief btw) voor administratieve kosten. De interest zal gelijk zijn aan de gerechtelijke interest. Bij gebreke aan betaling binnen de twee maanden na ontvangst van de factuur zal het Bedrijvencentrum het recht hebben om van rechtswege onmiddellijk een einde te maken aan deze overeenkomst.

 

 Artikel 9: Huishoudelijk reglement

De Gebruiker verklaart het huishoudelijk reglement en de dienstnota’s te aanvaarden die door het Bedrijvencentrum opgemaakt worden om de goede en vlotte werking van het centrum te verzekeren. Dit huishoudelijk reglement zal niet strijdig zijn met de bepalingen van onderhavige overeenkomst.

De Gebruiker verbindt er zich tevens toe alle wijzigingen of amendementen na te komen die aan het reglement worden toegevoegd en waarvan hij per schrijven in kennis wordt gesteld.

Deze wijzigingen worden een maand na de verzenddatum van de brief van kracht, waarbij de poststempel rechtsgeldigheid heeft.

Artikel 10: Betwistingen

Alle betwistingen betreffende de uitvoering van deze overeenkomst worden beslecht door de Rechtbanken te Antwerpen.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

16. Infrastructuursubsidies jeugdverenigingen - reglement.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het lokaal bestuur ondersteunt Kapelse jeugdverenigingen met extra aandacht voor infrastructuur. Hiervoor wordt vanaf 2026 een budget voorzien onder een nieuwe subsidievorm genaamd 'infrastructuur jeugdverenigingen (subsidies)'. Het gaat om 30.000 euro op jaarbasis.

Voor deze subsidie werd een nieuw reglement opgesteld. In dit reglement worden enkele voorwaarden opgesomd waaraan een jeugdvereniging moet voldoen om recht te hebben op de voorziene subsidie.

       Volgende jeugdverenigingen komen in aanmerking tot subsidiëring:

       de vereniging is erkend als Kapelse jeugdvereniging (volgens de voorwaarden in het erkenningsreglement voor verenigingen)

       de vereniging voldoet aan één van volgende voorwaarden op het vlak van eigendomsstructuur:

       vereniging is eigenaar van de infrastructuur

       vereniging heeft een erfpacht afgesloten of een gebruikersovereenkomst of recht van opstal gekregen op gemeentelijke infrastructuur

       vereniging heeft een erfpacht afgesloten of een gebruikersovereenkomst of recht van opstal gekregen op private infrastructuur of huurt een private infrastructuur met een langdurige overeenkomst van minimaal 9 jaar

       vereniging heeft als gebouwbeheerder een beschermcomité.

       De vereniging kan een project indienen volgens drie klassen:

       klasse A: veiligheid en toegankelijkheid

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: aanpassingswerken aan elektrische installaties, brandveiligheidsvoorzieningen, aanpassingswerken in functie van het toegankelijk maken van de infrastructuur voor personen met een beperking, …

       klasse B: grondige renovaties en basisinfrastructuur

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: aanpassing van de functionaliteit van de infrastructuur naar aanleiding van gewijzigde behoeften, infrastructuur vrijwaren tegen algemene degradatie, …

       klasse C: kleine renovaties en voorzieningen

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: schilderen, verfraaiingswerken, …

       Een jury bestaande uit medewerkers van de cluster Vrije Tijd & Communicatie en eventueel aangevuld met externe adviesbureaus, brandweer, deskundige Publieke Ruimte & Leefmilieu, …, zal zowel over de toewijzing aan de juiste klasse van de voorgenomen werken als over het financiële luik haar advies voorleggen aan het college van burgemeester en schepenen.

       Er is een cofinanciering van maximaal 50% door het lokaal bestuur van de totale projectkost: 1-euro-voor-1-euro-principe waardoor vereniging en lokaal bestuur samen investeren.

       Projecten in klasse A krijgen voorrang qua toewijzing op klasse B. Projecten van klasse B krijgen op hun beurt voorrang qua toewijzing op projecten van klasse C. Er wordt dus een watervalsysteem gehanteerd.

       Bij overstijging van de kredieten kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om de subsidie procentueel te verminderen in de klasse waar zich dit voordoet, om alsnog het budget te bekomen dat voorzien werd in het meerjarenplan.

       Voorbeeld: De projecten binnen klasse A en B ontvangen 50% subsidies t.o.v. hun projectkost. De projecten binnen klasse C ontvangen 33% subsidies van hun projectkost wegens tekort om ieder project binnen klasse C aan 50% te subsidiëren.

       Voorbeeld 2: De projecten binnen klasse A ontvangen 50% subsidies t.o.v. hun projectkost. De projecten binnen klasse B ontvangen 43% subsidies van hun projectkost wegens tekort om ieder project binnen klasse B aan 50% te subsidiëren. De projecten binnen klasse C ontvangen geen subsidies vermits de subsidiepot volledig toegewezen is binnen klasses A en B.

Indien er minder projecten worden ingediend dan het voorziene budget dan wordt het restbedrag overgedragen naar het daaropvolgende jaar.

In bijlage kan het volledige reglement alsook een fictieve simulatie bij overstijging van het voorziene krediet worden teruggevonden.

Het reglement werd alvast toegelicht op de algemene vergadering van de jeugdraad op 15 oktober 2025. De verenigingen gaven hun advies en dit werd mee verwerkt in het finale reglement.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, artikel 40 en 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad, artikels 286 en 287 betreffende de publicatie en bekendmaking, artikel 288 betreffende de inwerkingtreding van de reglementen en artikel 330 betreffende het algemeen bestuurlijk toezicht

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             beslissing van de gemeenteraad van 24 november 2025 betreffende het erkenningsreglement voor verenigingen

Financiële gevolgen

Volgende budgetpost voor infrastructuursubsidies jeugdverenigingen is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031: MJP001810 / infrastructuur jeugdverenigingen (subsidie). Het gaat om een bedrag van 30.000 euro op jaarbasis.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het subsidiereglement voor infrastructuurwerken van Kapelse jeugdverenigingen, zoals hieronder integraal bijgevoegd, goed.

Subsidiereglement voor infrastructuurwerken van Kapelse jeugdverenigingen

Artikel 1 – Wat is de infrastructuursubsidie

De subsidiëring voor infrastructuurwerken van Kapelse jeugdverenigingen heeft tot doel de verenigingen te ondersteunen in het ontwikkelen van een kwalitatieve accommodatie.

Artikel 2 – Beschikbare subsidie voor jeugdverenigingen

De subsidie wordt toegekend binnen de perken van het daartoe voorziene budget in het meerjarenplan van het Lokaal bestuur Kapellen.

Artikel 3 – Voorwaarden om in aanmerking te komen

Volgende jeugdverenigingen komen in aanmerking voor subsidiëring:

       de vereniging is erkend als Kapelse jeugdvereniging (volgens het erkenningsreglement voor verenigingen

       de vereniging voldoet aan één van de volgende voorwaarden op het vlak van eigendomsstructuur:

       de vereniging is eigenaar van de infrastructuur

       de vereniging heeft een erfpacht afgesloten of een gebruikersovereenkomst of recht van opstal gekregen op infrastructuur van het lokaal bestuur

       de vereniging heeft een erfpacht afgesloten of een gebruikersovereenkomst of recht van opstal gekregen op private infrastructuur of huurt een private infrastructuur met een langdurige overeenkomst van minimaal negen jaar

       de vereniging heeft als gebouwbeheerder een beschermcomité.

Artikel 4 – Inhoudelijke modaliteiten

De vereniging kan een project indienen volgens drie klassen:

       klasse A: veiligheid en toegankelijkheid

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: aanpassingswerken aan elektrische installatie, brandveiligheidsvoorzieningen, aanpassingswerken in functie van het toegankelijk maken van de infrastructuur voor personen met een beperking, …

       klasse B: grondige renovaties en basisinfrastructuur

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: aanpassing van de functionaliteit van de infrastructuur naar aanleiding van gewijzigde behoeften, infrastructuur vrijwaren tegen algemene degradatie, …

       klasse C: kleine renovaties en voorzieningen

       Bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend: schilderen, verfraaiingswerken, …

Een jury zal zowel over de toewijzing aan de juiste klasse van de voorgenomen werken, als over het financiële luik haar advies voorleggen aan het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 5 – financiële modaliteiten

       De vereniging volgt de wetgeving overheidsopdrachten en vraagt drie vergelijkbare offertes wanneer de totale projectkost hoger dan 500 euro is. De vereniging kan op eenvoudig verzoek het dossier voorleggen.

       Er is een cofinanciering van maximaal 50% door het lokaal bestuur van de totale projectkost: 1-euro-voor-1-euro-principe waardoor vereniging en lokaal bestuur samen investeren.

       Er wordt een watervalsysteem gehanteerd, waarbij projecten in klasse A qua toewijzing voorrang krijgen op klasse B. Projecten van klasse B krijgen op hun beurt voorrang qua toewijzing op projecten van klasse C.

       Bij overstijging van de kredieten kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om de subsidie procentueel te verminderen in de klasse waar zich dit voordoet, om alsnog het budget te bekomen dat voorzien werd in het meerjarenplan.

       Voorbeeld: De projecten binnen klasse A & B ontvangen 50% subsidies t.o.v. hun projectkost. De projecten binnen klasse C ontvangen 33% subsidies van hun projectkost wegens tekort om ieder project binnen klasse C aan 50% te subsidiëren.

       Voorbeeld 2: De projecten binnen klasse A ontvangen 50% subsidies t.o.v. hun projectkost. De projecten binnen klasse B ontvangen 43% subsidies van hun projectkost wegens tekort om ieder project binnen klasse B aan 50% te subsidiëren. De projecten binnen klasse C ontvangen geen subsidies vermits de subsidiepot volledig toegewezen is binnen klasse A & B.

Indien er minder projecten worden ingediend dan het voorziene budget, wordt het restbedrag overgedragen naar het daaropvolgende jaar.

Artikel 6 – Aanvraag

Om de subsidie aan te vragen dient de vereniging haar subsidieaanvraag in via het online subsidieformulier op de website van het lokaal bestuur.

De deadline voor indienen is 31 maart.

Als een vereniging na 31 maart door een situatie van overmacht wordt getroffen, kan zij alsnog een aanvraag doen. Afhankelijk van het dan nog beschikbare budget, kan zij op dat moment nog beroep doen op subsidies.

Artikel 7 – Procedure en toewijzing van de subsidie

Elke aanvraag wordt grondig bekeken door een jury bestaande uit verschillende medewerkers van de cluster Vrije Tijd & Communicatie. Naargelang de aanvraag kan de jury worden uitgebreid (extern adviesbureau, brandweer, deskundige Publieke Ruimte & Leefmilieu, …).

De samengestelde jury legt haar advies voor aan het college van burgemeester en schepenen. Dit advies omvat zowel de toewijzing aan de juiste klasse (A, B of C) als een financieel luik.

Het college van burgemeester en schepenen beslist welke aanvragen worden gesubsidieerd. De aanvragers worden schriftelijk van deze beslissing op de hoogte gebracht.

Artikel 8 – Uitbetaling van de subsidie

De uitbetaling van het subsidiebedrag gebeurt na afloop van de werken op vertoon van de facturen. Deze facturen staan op naam van de jeugdvereniging.

Indien de effectieve kost hoger is dan toegewezen subsidie, kan – als het voorziene budget niet volledig benut is door de totaliteit van de ingediende en toegewezen aanvragen – dit verschil worden bijgepast. Dit gebeurt met een maximum van 20% van de toegewezen subsidie en met toepassing van het watervalsysteem. Een overschrijding van budget in klasse A wordt dus uitbetaald volgens het nog beschikbare budget. Indien er dan nog budget vrij is, worden de overschrijdingen van klasse B betaald. De vereniging bezorgt in dit geval een extra verantwoording met bewijsstukken van de hogere kostprijs aan het lokaal bestuur.

Indien de effectieve kost lager is dan de toegewezen subsidie, wordt de effectieve kost betaald.

Artikel 9 – Bijkomende bepalingen

Het toekennen van de subsidies ontslaat de vereniging niet van het bekomen van de noodzakelijke vergunningen en toelatingen conform de wetgeving.

De gemeente wijst elke aansprakelijkheid af voor om het even welke schade die rechtstreeks of onrechtstreeks verband zou houden met de uitvoering van de vooropgestelde werken.

Indien de verenging in aanmerking komt voor de wet op de overheidsopdrachten, dient zij de verplichtingen van deze wetgeving na te leven.

Artikel 10 – Terugvordering

Elk bedrog, elke poging tot bedrog of elke overtreding van dit reglement wordt gesanctioneerd met het verlies van een aanspraak op een subsidie gedurende vijf jaar nadat het bedrog, de poging tot bedrog of de overtreding werd vastgesteld.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

17. Erfgoed Voorkempen. Goedkeuring beleidsplan 2027-2032 + verlenging deelname aan IOED.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

relevante voorgeschiedenis, feiten en context

Regionaal Landschap de Voorkempen (RLDV) is al jarenlang partner voor gemeenten inzake natuur, landschap, erfgoed, ...

In 2015 beslisten een aantal lokale besturen binnen het werkingsgebied van het Regionaal Landschap de Voorkempen om een Intergemeentelijke Onroerend Erfgoeddienst (IOED) op te richten. Het Regionaal Landschap is geen intergemeentelijk samenwerkingsverband (IGS) zoals bedoeld in het decreet Lokaal Bestuur en dus waren het Regionaal Landschap en haar gemeenten genoodzaakt om een nieuw intergemeentelijk samenwerkingsverband op te richten. Dit werd de projectvereniging Erfgoed Voorkempen. De werking van de IOED ging van start in 2016.

In 2019 werd de projectvereniging voor 6 jaar verlengd tot 31 december 2025. In 2020 besliste een aantal lokale besturen om onder dezelfde projectvereniging ook een Erfgoedcel op te richten. en voor de erfgoedcel werd een convenant gesloten met het departement Cultuur, Jeugd en Media in het kader van het Cultureel Erfgoeddecreet.

Volgende gemeenten maken deel uit van de projectvereniging Erfgoed Voorkempen: Essen, Kalmthout, Wuustwezel, Kapellen, Brecht, Brasschaat, Malle, Schoten, Schilde, Zoersel, Wijnegem, Wommelgem, Ranst en Zandhoven. Behalve Kapellen zijn alle gemeenten lid van de Erfgoedcel. Bij aanvang van vorige beleidsperiode waren Essen, Kalmthout, Wuustwezel, Kapellen, Schilde, Zoersel, Wijnegem, Wommelgem en Ranst lid van de IOED. In de loop van de voorbije jaren zijn ook Brasschaat, Brecht, Malle, Schoten en Zandhoven voor hun onroerend erfgoed de facto bij de IOED aangesloten.

In 2025 werd de volgende beleidsperiode 2027-2032 voorbereid. De raad van bestuur keurde de nieuwe beleidsplannen van IOED en Erfgoedcel goed in zitting van 24 september 2025.

Motivering

De bestaande werking van de IOED wordt verlengd en uitgebreid voor de periode 2027-2032. Alle leden van de projectvereniging zijn vanaf dan ook officieel aangesloten bij de IOED.

Hiervoor werd een beleidsplan goedgekeurd door de raad van bestuur van 24 september 2025. Dit beleidsplan wordt nu voorgelegd aan de lokale besturen.

De bestaande werking van de Erfgoedcel wordt verlengd voor de periode 2027-2032.

Hiervoor werd een beleidsplan goedgekeurd door de raad van bestuur van 24 september 2025. Kapellen is geen lid van de Erfgoedcel. Het beleidsplan voor de Erfgoedcel wordt niet voorgelegd aan de gemeenteraad. Het Lokaal bestuur Kapellen bekijkt op een later tijdstip of er ook wordt toegetreden tot de Erfgoedcel.

De huidige projectvereniging Erfgoed Voorkempen blijft behouden en wordt verlengd voor zes jaar, van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Cultureelerfgoeddecreet van 23 december 2021

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             statuten van projectvereniging Erfgoed Voorkempen

Financiële gevolgen

Er is in het meerjarenplan 2026-2031 jaarlijks 6.500 euro voorzien op MJP000052 / IGP (IOED van Erfgoed Voorkempen).

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de verlenging van de deelname aan projectvereniging Erfgoed Voorkempen goed voor de periode 2026-2031.

Artikel 2

De gemeenteraad keurt de gewijzigde statuten projectvereniging Erfgoed Voorkempen goed voor de periode 2026-2031.

Artikel 3

De gemeenteraad keurt de verderzetting en de uitbreiding van de werking van de Intergemeentelijke Onroerend Erfgoeddienst (IOED) goed.

Artikel 4

De gemeenteraad keurt het beleidsplan en de meerjarenbegroting van de IOED goed voor de periode 1 januari 2027-31 december 2032.

Artikel 5

Een afschrift van dit besluit wordt voor verder gevolg overgemaakt aan de bevoegde diensten.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

18. Kosteloze samenwerking met de gemeente Stabroek in het kader van continuïteit voor noodplanning.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

In het kader van de verplichtingen die opgelegd worden aan de lokale besturen met betrekking tot noodplanning, dient elke gemeente te beschikken over een noodplanningscoördinator.

De noodplanningscoördinator dient in principe 24/7 beschikbaar te zijn om de burgemeester en de verschillende disciplines bij te staan in het geval er zich een noodsituatie of grootschalig incident voordoet op het grondgebied.

Om ook tijdens vakantieperiodes de nodige continuïteit te kunnen garanderen, of in het geval van een langdurig incident waarbij bijkomende ondersteuning of aflossing gewenst is, wordt voorgesteld om een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten met het lokaal bestuur Stabroek.

Er werd gekozen voor het lokaal bestuur Stabroek omdat beide besturen deel uitmaken van Brandweerzone Rand en politiezone Noord.

 

De samenwerking omvat:

- overname van de beschikbaarheid tijdens vooraf vastgelegde vakantieperiodes;

- bijstand of aflossing tijdens noodsituaties of incidenten op elkaars grondgebied.

De samenwerking brengt geen bijkomende financiële lasten met zich mee voor de gemeente waarin de noodplancoördinator bijstand zal leveren. De vergoeding van de  prestaties gebeurt via de tewerkstellende gemeente, conform de geldende rechtspositieregeling en de voorwaarden zoals vastgelegd in de overeenkomst van de betrokken noodplanningscoördinator.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             Koninklijk besluit van 22 mei 2019 betreffende de noodplanning en het beheer van noodsituaties op het gemeentelijk en provinciaal niveau en betreffende de rol van de burgemeesters en de provinciegouverneurs in geval van crisisgebeurtenissen en -situaties die een coördinatie of een beheer op nationaal niveau vereisen, hoofdstuk VII - samenwerking;

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             ministeriële omzendbrief van 14 mei 2024 bij bovengenoemd koninklijk besluit, artikel 2.2.4 over de continuïteit van de dienstverlening

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 23 mei 2016 betreffende de aanduiding van Lien Van Assche als noodplanningscoördinator

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad geeft goedkeuring aan onderstaande samenwerkingsovereenkomst met het lokaal bestuur Stabroek, voor vervanging en bijstand van de noodplanningscoördinator:

Artikel 1- doel van de samenwerkingsovereenkomst

Deze samenwerkingsovereenkomst wordt afgesloten tussen het lokaal bestuur Kapellen en het lokaal bestuur Stabroek. Door deze samenwerking is de continuïteit  van de noodplanning door een hiertoe opgeleide noodplanningscoördinator verzekerd;

Deze samenwerkingsovereenkomst omvat volgende aspecten:

- overname van de beschikbaarheid tijdens vooraf vastgelegde vakantieperiodes;

- bijstand of aflossing tijdens noodsituaties of incidenten op elkaars grondgebied.

Artikel 2- kosteloze samenwerking:

Het betreft een kosteloze samenwerking, gebaseerd op het principe van onderlinge gemeentelijke bijstand, zoals mogelijk binnen publiekrechtelijke of bestuurlijke samenwerkingsovereenkomsten. Er worden geen bevoegdheden overgedragen, en de bijstand wordt kosteloos geleverd op basis van afspraken tussen de betrokken gemeenten Kapellen en Stabroek.

Artikel 3- flexibiliteit en bereikbaarheid:

De noodplancoördinator van het lokaal bestuur Stabroek is inzetbaar tijdens vakanties, weekends en andere momenten van geplande afwezigheid van de noodplanningscoördinator van het lokaal bestuur Kapellen.

Artikel 4- versterking van de intergemeentelijke samenwerking:

Deze samenwerking bevordert de uitwisseling van kennis en versterkt de banden tussen de gemeenten Kapellen en Stabroek op het vlak van noodplanning. Aangezien beide gemeenten deel uitmaken van dezelfde brandweer- en politiezone, wordt de samenwerking bovendien praktisch vergemakkelijkt en inhoudelijk versterkt.

Artikel 5- nominatieve aanduiding van de noodplanningscoördinatoren:

Intergemeentelijke noodplancoördinator voor de lokale besturen Kalmthout, Essen, Wuustwezel en Stabroek, Vic Schellekens, zal plaatsvervangende noodplancoördinator zijn voor het lokaal bestuur Kapellen.

De gemeentelijke noodplancoördinator voor het lokaal bestuur Kapellen, Lien Van Assche,  zal plaatsvervangende noodplancoördinator zijn voor het lokaal bestuur Stabroek.

Artikel 6- materialen en praktische afspraken:

Volgende materialen worden voorzien voor de plaatsvervangende noodplanningscoördinator:

- Toegangbadge voor de locatie waar de eventuele gemeentelijke crisiscel zal worden georganiseerd;

- Overzicht van contactgegevens van belanghebbende personen met betrekking tot de werking van de vervangende gemeente;

- Toegang dat de nood- en interventieplannen via het nationaal veiligheidsportaal Paragon.

Artikel 7- termijn van de samenwerking:

De samenwerking wordt aangegaan voor de periode van telkens één jaar, met ingang op 1 januari 2026, en wordt jaarlijks stilzwijgend verlengd na een evaluatie met de betrokken burgemeesters.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

19. IGEAN. Intergemeentelijke samenwerking grondgebiedszaken met IGEAN dienstverlening die optreedt als zelfstandige groepering ter ondersteuning van het lokaal bestuur.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

IGEAN dienstverlening is een dienstverlenende vereniging overeenkomstig het decreet lokaal bestuur van 22.12.2017 die hoofdzakelijk actief is op het vlak van grondbeleid, vastgoed-transacties, woonbeleid, EnergieK Huis, ruimtelijke ordening, handhaving en omgeving.  IGEAN dienstverlening verricht in dit kader handelingen ten aanzien van haar deelnemers, zonder beheersoverdracht.

IGEAN werkt hierbij ‘kostendelend’, waardoor de kosten van een bepaalde activiteit verdeeld worden over de lokale besturen die effectief gebruik maken van de betrokken activiteit.

IGEAN dienstverlening als zelfstandige groepering

Sinds 2021 treedt IGEAN dienstverlening voor een aantal activiteiten op als een zelfstandige groepering (cfr. artikel 44 §2bis van het btw-wetboek).

IGEAN is hierbij aan te merken als ‘een permanente belangengemeenschap die door rechtspersonen is opgericht met het oog op rationalisering en om de beheers- en exploitatiekosten te verminderen’.

IGEAN dienstverlening heeft de btw-administratie hiervan formeel in kennis gesteld aan de hand van het formulier 604B en bijhorende ledenlijst. Op deze ledenlijst staan alle deelnemers van IGEAN dienstverlening die aan te merken zijn als publiekrechtelijke instellingen die in principe niet btw-plichtig zijn. Deze opname houdt op zich geen enkele verplichting tot intergemeentelijke samenwerking in; het creëert enkel de mogelijkheid tot samenwerking.

Het inwendig reglement

De spelregels die gelden voor de intergemeentelijke samenwerking werden vastgelegd in het inwendig reglement van de zelfstandige groepering dat volgende artikels omvat:

Artikel 1 – algemeen

Artikel 2 – aard van de samenwerking

Artikel 3 – vergoeding van de dienstverlening

Artikel 4 – rechten en verplichtingen deelnemende vennoten/leden

Artikel 5 – rechten en verplichtingen IGEAN dienstverlening.

De samenwerking is gericht op het verlenen door IGEAN dienstverlening van noodzakelijke, ondersteunende diensten aan de lokale besturen bij de uitvoering van hun taken.

Het inwendig reglement werd goedgekeurd door de raad van bestuur van IGEAN dienstverlening van 28.04.2021 en werd ter kennisgeving voorgelegd aan de algemene vergadering van 25.06.2021. Het inwendig reglement blijft onveranderd van toepassing.

De activiteiten – projectfiches

IGEAN dienstverlening heeft verschillende projectfiches opgemaakt die telkens één activiteit van IGEAN dienstverlening beschrijven. Elke projectfiche bestaat uit volgende elementen:

  1.              Voorwerp van de opdracht
  2.              Het concrete aanbod van IGEAN
  3.              De kostprijselementen en de wijze van verdeling (parameters)
  4.              De raming.

Deze projectfiches moeten het mogelijk maken om met voldoende kennis van zaken te beslissen of en voor welke activiteit het lokaal bestuur beroep wenst te doen op IGEAN dienstverlening.

Elke projectfiche omschrijft duidelijk en transparant het concrete aanbod van IGEAN evenals de daarbij horende kostprijs en de wijze waarop deze kostprijs zal worden verdeeld over de verschillende deelnemers. De deelnemende vennoten/leden zijn niet verplicht om voor alle activiteiten beroep te doen op IGEAN dienstverlening.

Vandaag biedt IGEAN dienstverlening volgende activiteiten (projectfiches) aan in het kader van de zelfstandige groepering:

                 Intergemeentelijke handhaving ruimtelijke ordening

                 Intergemeentelijke werking lokaal woonbeleid

                 Intergemeentelijke werking EnergieK huis (energie en klimaat)

                 Intergemeentelijke werking aanwijzend schatter.

De duurzame samenwerking die in 2021 van start is gegaan, is gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar en eindigt bijgevolg op 31.12.2025. IGEAN heeft daarom nieuwe projectfiches voorbereid.

In zitting van 25.06.2025 heeft de raad van bestuur van IGEAN dienstverlening haar goedkeuring gehecht aan deze projectfiches met het aanbod voor intergemeentelijke samenwerking vanaf 1.01.2026. Het is nu aan de lokale besturen om hieruit een keuze te maken. Volgende activiteiten en bijhorende projectfiches worden voorgelegd aan de gemeenteraad:

                 Intergemeentelijke handhaving ruimtelijke ordening én milieu

                 Intergemeentelijke werking lokaal woonbeleid

                 Intergemeentelijke werking EnergieK huis (energie en klimaat)

                 Intergemeentelijke werking aanwijzend schatter

                 Intergemeentelijke werking grondgebiedszaken

De gemeenteraadsbeslissing die voorligt heeft enkel betrekking op de activiteit ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’. De overige activiteiten maken het voorwerp uit van een aparte gemeenteraadsbeslissing.

De nieuwe intergemeentelijke samenwerking start op 1.01.2026. In uitvoering van het inwendig reglement is deze gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar om te eindigen op 31.12.2031.

Voordelen en voorwaarden van de zelfstandige groepering

Een intergemeentelijke samenwerking met IGEAN dienstverlening die optreedt als zelfstandige groepering heeft als voordeel dat de betrokken activiteiten binnen bepaalde krijtlijnen vrijgesteld worden van btw. Bovendien wordt deze samenwerking vermoed niet concurrentieverstorend te zijn.

De wetgeving overheidsopdrachten moet daarom in deze context niet door elk lokaal bestuur toegepast worden.

Om toepassing te kunnen maken van artikel 44 §2bis btw-wetboek gelden voor alle activiteiten volgende voorwaarden:

  1.             Duurzame, preferentiële samenwerking

Er moet sprake zijn van een duurzame samenwerking tussen IGEAN dienstverlening en haar leden. Een ad hoc toe- of uittreding is niet toegestaan.

Aangezien de werking en het beleid van een lokaal bestuur in grote mate legislatuur-gebonden is, wordt de termijn van de samenwerking met IGEAN dienstverlening gekoppeld aan de legislatuur + 1 jaar.

De samenwerking is bovendien preferentieel, wat concreet betekent dat de deelnemende vennoten/leden bij voorrang een beroep doen op IGEAN dienstverlening voor de uitvoering van de betrokken activiteiten en dat IGEAN dienstverlening deze diensten bij voorrang aanbiedt aan de lokale besturen die hiervoor een duurzame samenwerking hebben onderschreven.

Een duurzame, preferentiële samenwerking moet het mogelijk maken deskundig personeel aan te trekken en te houden, wat de continuïteit van de dienstverlening ten goede komt.

  1.             jaarlijkse btw verklaring eigen activiteiten

De leden van de zelfstandige groepering moeten overwegend (meer dan 50%) activiteiten hebben die van btw vrijgesteld zijn of buiten het toepassingsgebied van de btw vallen.

Overeenkomstig artikel 6, eerste lid van het btw-wetboek worden gemeenten niet als btw-belastingplichtigen aangemerkt voor de werkzaamheden of handelingen die zij als overheid verrichten, ook niet indien zij voor die werkzaamheden of handelingen rechten, heffingen, bijdragen of retributies innen. Om dit te bevestigen zal er jaarlijks een btw verklaring ter ondertekening voorgelegd worden aan de betrokken deelnemers (bijlage 2 inwendig reglement).

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             decreet lokaal bestuur van 22.12.2017

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             statuten IGEAN dienstverlening

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             artikel 44 §2bis btw-wetboek

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             de Circulaire nr. 127.540 van 12 december 2016

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             het inwendig reglement van de zelfstandige groepering.

Financiële gevolgen

De dienstverlening in het kader van de zelfstandige groepering is steeds kostendelend.

In uitvoering van artikel 3 van het inwendig reglement worden de kostprijselementen van de intergemeentelijke samenwerking evenals de wijze van verdeling opgenomen in de projectfiches die per activiteit opgemaakt worden. De parameters die hierbij gelden evenals het aandeel hierin van elke deelnemer, kan per activiteit verschillen.

Per activiteit wordt een intergemeentelijk team samengesteld. Specifiek voor de activiteit ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’ zullen per project één of meerdere leden van dit team ingezet worden, afhankelijk van de benodigde expertise voor het succesvol opleveren van het betreffende project. De samenstelling van het intergemeentelijk team grondgebiedszaken, op datum van 20.06.2025, is toegevoegd als bijlage aan de projectfiche grondgebiedszaken.

Alle aangeboden diensten worden steeds op een projectgebonden kostendelende basis aangerekend. De kostprijs van de dienst wordt bepaald aan de hand van de kostprijs van de uren gepresteerd door de betrokken werknemer, vermeerderd met 30% ter doorrekening van het aandeel in de algemene kosten.

Hierbij wordt een gedifferentieerd standaarduurtarief toegepast:

                 Teammanager grondgebiedszaken

                 Programmacoördinator

                 Projectcoördinator

                 Projectteamlid (expert)

                 Projectteamlid (consulent)

Jaarlijks wordt aan de raad van bestuur een voorstel van nieuwe standaarduurtarieven ter goedkeuring voorgelegd.

Indien de deelnemende vennoten/leden gebruik wensen te maken van één of meerdere diensten uit het à la carte menu, zal IGEAN steeds vooraf een raming maken van de te verwachten tijdsbesteding. IGEAN zal op regelmatige basis een overzicht bezorgen van de reeds gepresteerde uren en de nog te verwachten uren zodat de betreffende vennoten/leden maximaal geïnformeerd worden.

Indien de deelnemende vennoten/leden hebben ingetekend op de dienstverlening ‘programmaregie’ en een welbepaald programma willen opstarten, zal IGEAN eerst een haalbaarheidsstudie opmaken waarbij enkele mogelijke scenario’s naar ruimtelijke kwaliteit en financiële haalbaarheid worden afgetoetst. Op die manier kan de scope van het programma, waarbinnen IGEAN werkt, afgebakend worden. IGEAN zal een lastgevingsovereenkomst met programmanota opstellen waarin de doelstelling van het programma wordt omschreven met bijhorende stappen die IGEAN zal opnemen om deze doelstelling te behalen. IGEAN zal hierbij een planning en kostenraming opstellen, die gedurende het proces worden opgevolgd en bijgestuurd indien nodig. Voor deze, vaak complexe, programma’s zal IGEAN een vaste overlegstructuur in de vorm van een stuurgroep voorzien. Op elke stuurgroep zal IGEAN een financieel overzicht bezorgen zodat de gemeente maximaal geïnformeerd is.

Kostenramingen voor projecten waarvan verwacht wordt dat de uitvoering ervan over verschillende jaren zal lopen, worden opgesteld op basis van de voor het werkingsjaar geldend standaarduurtarief, maar worden geïndexeerd met het oog op de latere doorrekening.

Na voltooiing van de diensten wordt het project doorgerekend aan het lokaal bestuur op basis van de werkelijk gepresteerde uren.

De geleverde diensten zullen jaarlijks afgerekend worden per project en per gemeente.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad neemt kennis van de projectfiche ‘intergemeentelijke werking grondgebiedszaken’ en bijhorende bijlage met het concrete aanbod van IGEAN dienstverlening in het kader van de zelfstandige groepering (bijlage 1 bij het inwendig reglement) die uit volgende onderdelen bestaat:

1. Voorwerp van de opdracht

2. Het concrete aanbod van IGEAN

3. De kostprijselementen en de wijze van verdeling (parameters)

4. Uurtarieven 2026

 

Artikel 2

De gemeenteraad wenst geen beroep te doen op IGEAN dienstverlening die optreedt als zelfstandige groepering, voor de activiteit Intergemeentelijke werking grondgebiedszaken.

Artikel 3

Een ondertekend exemplaar van deze beslissing zal digitaal bezorgd worden aan IGEAN dienstverlening.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

20. Fluvius Antwerpen. Buitengewone algemene vergadering 17 december 2025-nazending.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Op 24 november 2025 verstuurde Fluvius Antwerpen een nazending met betrekking tot de algemene vergadering van 17 december 2025. 

Op deze buitengewone algemene vergadering ligt onder andere een statutenwijziging ter goedkeuring voor.

De Raad van Bestuur van Fluvius Antwerpen heeft in zijn vergadering van 21 november 2025 beslist om in te gaan op de vraag van verschillende gemeenten om de voorgestelde wijzigingen aan de statuten met betrekking tot de activiteit warmte, niette behandelen op de eerstkomende Buitengewone Algemene Vergadering. Deze gemeenten wensen eerst bijkomende verduidelijking en toelichting bij dit dossier te ontvangen.

Voor alle duidelijkheid blijft de statutenwijziging op de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering staan, maar de voorgestelde wijzigingen met betrekking tot de activiteit warmte zullen niet ter goedkeuring worden voorgelegd. 

De gemeenteraad nam op 24 november 2025 een beslissing inzake de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Antwerpen. Het mandaat verleend aan de vertegenwoordiger (Inge Cornelissen) blijft onverkort van toepassing.

Het staat de gemeente vrij om in functie van de beslissing van de Raad van Bestuur van vrijdag 21 november jongstleden alsnog een andersluidend gemeenteraadsbesluit te nemen.

In bijlage het schrijven van Fluvius Antwerpen. 

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur, waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke Algemene Vergadering

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Decreet van 22 december 2017, artikel 388 en verder betreffende de intergemeentelijke samenwerking

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Gemeenteraadsbeslissing van 24 november 2025 betreffende de goedkeuring van de agenda van de BAV van 17 december 2025 en de aanstelling van een vertegenwoordiger voor deze bijzondere algemene vergadering

Financiële gevolgen

Niet van toepassing

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan het niet behandelen van de voorgestelde wijzigingen aan de statuten met betrekking tot de activiteit warmte op de buitengewone algemene vergadering van Fluvius Antwerpen op 17 december 2025.

Artikel 2

Dit betekent voor agendapunt 2. Statutenwijzigingen:

2. Statutenwijzigingen

a. Kennisneming bijzonder verslag van de Raad van Bestuur opgesteld overeenkomstig artikel 6:86 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV); Deze kennisneming blijft geagendeerd.

b. Kennisneming bijzonder verslag van de Raad van Bestuur opgesteld overeenkomstig artikel 6:87 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV). Deze kennisneming blijft geagendeerd maar het onderdeel met betrekking tot de wijziging van de rechten verbonden aan de aandelen Aw is zonder voorwerp geworden, gezien in de finaal voorgestelde statutenwijzigingen de artikelen met betrekking tot de activiteit warmte niet ter goedkeuring zullen worden voorgelegd.

c. Kennisneming voorafgaand niet-bindend advies Vlaamse Regering d.d. 23 juli 2025. Deze kennisneming blijft geagendeerd.

d. Goedkeuring voorstel van statutenwijzigingen (inclusief de wijziging van het voorwerp). Conform het Decreet Lokaal Bestuur zullen de voorgestelde wijzigingen aan de statuten en aan de bijlagen artikelsgewijs ter goedkeuring worden voorgelegd, behalve de voorgestelde wijzigingen met betrekking tot de activiteit warmte. De artikelen 9 punt 7, 29ter, het nieuwe artikel 29quater, het artikel 30 punt 4b van de statuten en de artikelen 11 en 15 van de bijlage 3 met betrekking tot de activiteit warmte zullen niet ter goedkeuring worden voorgelegd.

e. Vaststelling van de opschortende voorwaarden met betrekking tot de statutenwijzigingen. Deze vaststelling is zonder voorwerp geworden.

f. Verlenen van machtiging aan de Raad van Bestuur met mogelijkheid tot subdelegatie om de al dan niet vervulling van de opschortende voorwaarden die gelden met betrekking tot het agendapunt 1 vast te stellen. Deze volmachtverlening is zonder voorwerp geworden.

g. Verlenen van een machtiging aan de Secretaris van de Raad van Bestuur met mogelijkheid van dubdelegatie om de statuten inclusief de bijlagen te coördineren. Deze volmachtverlening zal ter goedkeuring worden voorgelegd.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

21. Samenwerkingsovereenkomst tussen vzw Doedèskadèn en gemeente Kapellen betreffende het project vrijetijdsparticipatie en toeleiding van doelgroepen.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De samenwerking tussen het Lokaal bestuur Kapellen en de vzw Doedèskadèn zet in op de ondersteuning van mensen in armoede om te kunnen deelnemen aan het vrijetijdsaanbod van het Lokaal bestuur Kapellen en bij uitbreiding Vlaanderen. In dit kader dient een nieuwe samenwerkingsovereenkomst te worden afgesloten.

Door verschillende permanenties te organiseren in Welzijnsschakel OASE en het vrijetijdsloket #uitinkapellen wordt getracht het vrijetijdsaanbod kenbaarder én toegankelijker te maken voor de vernoemde doelgroep. Bij deze permanenties is er zowel iemand van vzw Doèdeskadèn als iemand van het lokaal bestuur (dienst Jeugd & Cultuur) aanwezig.

Het lokaal bestuur stelt voor dit project jaarlijks financiële middelen ter beschikking te stellen aan dienst Jeugd & Cultuur: MJP001811 / UiTPAS Doedeskaden (subsidie).

Er worden 8 permanenties georganiseerd op jaarbasis (4x in Welzijnsschakel OASE en 4x in het vrijetijdsloket). Per permanentie rekent vzw Doedèskadèn 5 uur aan, inclusief voorbereiding en verwerking. En dat aan een uurtarief van € 20. Dat geeft een geraamde prijs op jaarbasis (8 permanenties x 5 uur) x € 20/uur = € 800. De interventies en permanenties die niet gepresteerd zijn, worden ook niet verrekend.

Deze overeenkomst wordt jaarlijks geëvalueerd en is jaarlijks verlengbaar of opzegbaar.

In bijlage vind je de volledige samenwerkingsovereenkomst.

Juridisch kader

       decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

Financiële gevolgen

Het gemeentebestuur stelt voor dit project jaarlijks financiële middelen ter beschikking aan dienst Jeugd & Cultuur: MJP001811 / UiTPAS Doedeskaden (subsidie).

Er worden 8 permanenties georganiseerd op jaarbasis (4x in Welzijnsschakel OASE en 4x in het vrijetijdsloket). Per permanentie rekent vzw Doedèskadèn 5 uur aan, inclusief voorbereiding en verwerking. En dat aan een uurtarief van € 20. Dat geeft een geraamde prijs op jaarbasis (8 permanenties x 5 uur) x € 20/uur = € 800. De interventies en permanenties die niet gepresteerd zijn, worden ook niet verrekend.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst, zoals hieronder integraal bijgevoegd, goed:

SAMENWERKINGSOVEREENKOMST TUSSEN VZW DOEDÈSKADÈN EN GEMEENTE KAPELLEN BETREFFENDE HET PROJECT VRIJETIJDSPARTICIPATIE EN TOELEIDING VAN DOELGROEPEN

Tussen:

vzw Doedèskadèn, gevestigd te 2950 Kapellen, Oude Bergsebaan 106 (ondernemingsnummer 08 698 23 744), vertegenwoordigd de heer Jan Van Dijck, aan de ene zijde

Lokaal bestuur Kapellen, vertegenwoordigd door het college van burgemeester en schepenen, hierna genoemd “de gemeente” aan de andere zijnde

Wordt het volgende overeengekomen:

  1. Doelgroep en doelstelling van het project

Dit project zet in op de ondersteuning van mensen in armoede om te kunnen deelnemen aan het vrijetijdsaanbod van gemeente Kapellen en bij uitbreiding Vlaanderen.

Door verschillende permanenties te organiseren in Welzijnsschakel OASE en Vrijetijdsloket Kapellen wordt getracht het vrijetijdsaanbod kenbaarder én toegankelijker te maken voor de doelgroep.

Bij deze permanenties is er zowel iemand van vzw Doèdeskadèn als gemeente Kapellen (dienst jeugd en cultuur) aanwezig.

  1. Praktische afspraken

1.a.Contactpersonen

Voor de uitvoering van deze overeenkomst zijn de contactpersonen:

vzw Doedèskadèn: Jan Van Dijck, jan@doedeskaden.be, 0485/74.00.06

Jeugd- en cultuurdienst Kapellen: jeugd@kapellen.be, 03/670.29.91

1.b.             Taakverdeling

Taken vzw Doèdeskadèn:

       Informeren over vrijetijdsaanbod  Vlaanderen

       Toelichten kansentarieven voor het vrijetijdsaanbod en werking

       Cliënten met interesse in het vrijetijdsaanbod gemeente Kapellen of UiTPAS-regio van Polder tot Kempen doorverwijzen naar gemeente Kapellen

Taken gemeente Kapellen:

       Het project vertrekt vanuit de dienst jeugd en cultuur. Een medewerker van jeugd en cultuur coördineert het proces.

       Inplannen permanentiemomenten en afspraken met welzijnsschakel OASE

       Analyseren en opvolgen van doorstroom naar vrijetijdsaanbod

       Cliënten informeren over kansentarieven voor het vrijetijdsaanbod en werking

       Cliënten helpen bij het boeken van activiteiten aan kansentarief in Kapellen of UiTPAS-regio van Polder tot Kempen

  1. Privacy

Gemeente Kapellen en vzw Doedèskdèn erkennen het belang van gegevensbescherming en privacy van persoonlijke gegevens en gaan zorgvuldig om met alle persoonlijke gegevens van de betrokkenen. Gemeente Kapellen en vzw Doedèskadèn bevestigen beiden uitdrukkelijk dat alle persoonlijke gegevens behandeld worden volgens de Wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens (Privacywet) en de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (GDPR).

  1. Financiën

Het gemeentebestuur stelt voor dit project jaarlijks financiële middelen ter beschikking aan dienst Jeugd en Cultuur:

 MJP001811, UiTPAS Doedeskaden (subsidie)

Er worden 8 permanenties georganiseerd op jaarbasis (4x aan welzijnsschakel OASE en 4x aan Vrijetijdsloket Kapellen). Per permanentie rekent vzw Doedèskadèn 5 uur aan, dit is inclusief voorbereiding en verwerking.

Uurtarief: €20

Geraamde prijs op jaarbasis: (8 permanenties x 5 uur) x €20/uur = €800.

De interventies en permanenties die niet gepresteerd zijn, worden ook niet verrekend.

  1. Inwerkingtreding en duur

Met vzw Doedèskadèn wordt een overeenkomst afgesloten van 1/1/2026 tot 31/12/2026. Doel is om een duurzame samenwerking op te bouwen.

  1. Verlenging en annulering

Deze overeenkomst wordt jaarlijks geëvalueerd en is jaarlijks verlengbaar of opzegbaar.

Ondertekenden verklaren zich akkoord met deze overeenkomst.

Opgemaakt te Kapellen, op 19/11/2025 in twee exemplaren,

 

Voor gemeente Kapellen,

Danny Van Tiggelen       An Stokmans

algemeen directeur       burgemeester

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

22. Overeenkomst tussen het gemeentebestuur van Kapellen en vzw Zwarte Paula inzake de werking en betoelaging van het jeugdhuis.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

’t Oud-Gemeentehuis, gelegen te Antwerpsesteenweg 2, 2950 Kapellen, krijgt als invulling/functie 'Huis voor jeugd en welzijn'. Het gemeentebestuur stelt binnen dit totaalplaatje de eerste verdieping ter beschikking aan jeugdhuis Zwarte Paula.

Daardoor wordt het convenant aangepast aan de huidige situatie.

In deze overeenkomst worden een aantal voorwaarden opgesomd waaraan het jeugdhuis moet voldoen om recht te hebben op de voorziene toelage.

       Het gemeentebestuur voorziet een basistoelage (2.500 euro) voor Zwarte Paula vzw.

       In ruil hiervoor verwacht het gemeentebestuur een uitgebreid recreatief en informatief aanbod, jaarlijks werkingsverslag met informatie over het aanbod, ledenlijst, begroting en de rekening.

       Verder worden in de convenant voorwaarden, rechten en plichten opgenomen rond openingstijden, geluidsniveau, gebruik van infrastructuur, en het afsluiten van verzekeringen.

       Het jeugdhuis kan een extra toelage (3.500 euro) krijgen als zij hiervoor een gemotiveerde aanvraag doen bij de jeugd- en cultuurdienst. Deze toelage kan dienen om de kostprijs te drukken bij een groter evenement (bv. duurdere artiest).

In bijlage kan het volledige convenant worden teruggevonden.

Los van het convenant wordt ook nog een afsprakennota met Zwarte Paula vzw opgemaakt omtrent het gebruik van 't Oud-Gemeentehuis.

Juridisch kader

       decreet Lokaal Bestuur  van 22 december 2017 en latere wijzigingen

       beslissing gemeenteraad van 17 december 2018 met betrekking tot de convenant tussen jeugdhuis Zwarte Paula en het gemeentebestuur Kapellen

Financiële gevolgen

Volgende budgetpost is voorzien ter ondersteuning van het jeugdhuis:

       MJP000678 - werkingsbijdrage jeugdhuis - € 6.000,00

Deze omvat de basissubsidie (€ 2.500,00) alsook het maximale projectsubsidiebedrag (€3.500,00).

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het convenant, zoals hieronder integraal bijgevoegd, goed:

OVEREENKOMST TUSSEN HET GEMEENTEBESTUUR VAN KAPELLEN EN VZW ZWARTE PAULA INZAKE DE WERKING EN BETOELAGING VAN HET JEUGDHUIS

  1.    ONDERGETEKENDEN

1. Het gemeentebestuur van Kapellen met zetel te Kapellen, Bruggeske 1, hier vertegenwoordigd door haar college van burgemeester en schepenen, daartoe gemachtigd door de gemeenteraad in zitting 15 december 2025, voor wie hier tekenen:

     mevrouw A. Stokmans, burgemeester

     de heer D. Van Tiggelen, algemeen directeur

partij enerzijds en hierna genoemd “het gemeentebestuur”

en

2. de vereniging zonder winstoogmerk “vzw Zwarte Paula” met zetel te Kapellen, p/a Dorpsstraat 45, 2950 Kapellen, hier vertegenwoordigd door:

       de heer Jonas Ollevier, bestuurder

       de heer Senne Van Cleuvenbergen, bestuurder

       de heer Lars Ollevier, bestuurder

partij anderzijds en hierna genoemd “het jeugdhuis”

komen overeen wat volgt:

  1.    UITEENZETTING

Het gemeentebestuur kiest ervoor om vzw Zwarte Paula te betoelagen op basis van een overeenkomst.  In de overeenkomst worden een aantal voorwaarden opgesomd waaraan het jeugdhuis moet voldoen om recht te hebben op de voorziene toelage. Het gemeentebestuur voorziet een basistoelage voor het jeugdhuis die voldoen aan enkele minimale voorwaarden o.a. het uitbouwen van de ontmoetingsfunctie en organiseren van activiteiten. Naast deze basistoelage voorziet het gemeentebestuur ook de (café)infrastructuur en het onderhoud ervan.

  1.    OVEREENKOMST

Artikel 1 - Voorwerp

Het gemeentebestuur en het jeugdhuis komen overeen om samen te werken aan de realisatie van een jeugdhuisbeleid. Het jeugdhuis krijgt jaarlijks een toelage van het gemeentebestuur, rekening houdend met het krediet in het budget en de bepalingen van dit reglement. Naast budget krijgt het jeugdhuis ook voordelen in natura zoals onder andere gebruik van de (café)infrastructuur en materialen.

Artikel 2 - Basisprincipes van open jeugdwerk[1]

In open jeugdwerk draait alles om jongeren. Het is een verzamelnaam voor werkingen die door jongeren worden opgezet en geleid, allemaal met als doel het creëren van een plek voor jongeren. Het beste van alles? Iedereen is welkom!

Openheid als sleutel

       Open lidmaatschap

Je hoeft geen lid te zijn om te kunnen deelnemen aan activiteiten of zelf actie op te zetten.

       Open activiteitenaanbod

Het aanbod staat niet vast en varieert naargelang de wensen van de organisatoren of   deelnemers.

       Open jeugdwerk staat open voor alle jongeren

Open jeugdwerk staat open voor iedereen. Deelnemen mag, deelhebben kan, maar is niet verplicht.

       Open jeugdwerk is open op vlak van thema

Open jeugdwerk legt geen beperkingen op naar inhoud en vertrekt vanuit wat jongeren willen doen en hoe ze dat willen doen.

Artikel 3 - Bouwstenen van open jeugdwerk

       Jongeren staan centraal

Open jeugdwerk is van, voor en door jongeren. Jongeren staan aan het roer: zij krijgen een duidelijke plaats in de (besluitvormings)processen over de organisatie en haar aanbod.

       Open ontmoeting

Open jeugdwerk zorgt voor kansen zodat jongeren elkaar ontmoeten. Ontmoeting staat voorop. Daarom is het breed toegankelijk en laagdrempelig: vrije inloop op bereikbare locatie met een democratisch prijzenbeleid...

       Groeien en leren

Open jeugdwerk is een experimenteerplek waar je kan leren en groeien door te doen en te ervaren. Het biedt ruimte om te experimenteren, voor het kennismaken met een brede waaier aan thema’s en het ontwikkelen van verschillende vaardigheden.

       Collectief

Open jeugdwerk vertrekt vanuit groepen jongeren. Het is groepswerk en stimuleert netwerkvorming en vriendschappen, ook buiten de al bekende kringen.

       Gelijkwaardig

Open jeugdwerk is breed toegankelijk, zet in op gelijkwaardigheid en zet diversiteit in als een sterkte. Open jeugdwerk is er voor alle jongeren en is zich bewust van ongelijkheid en aanwezige drempels. Open jeugdwerk streeft ernaar om jeugdwerk zo toegankelijk mogelijk te maken.

       Democratiserend

Open jeugdwerk is een experimenteerplek voor uitwisseling, democratische besluitvorming en participatie. Het geeft een plaats aan de stem van jongeren in het besturen van organisaties en het organiseren van projecten. Open jeugdwerk heeft aandacht voor minder dominante meningen en stemmen.

       Buurtgericht

Open jeugdwerk werkt aan open, solidaire en warme buurten. Het neemt een rol op in de buurt en neemt jongeren en bewoners mee als partner. Dit zorgt voor betrokkenheid en begrip naar jeugdwerkingen en omgekeerd.

       Politiserend

Open jeugdwerk maakt jongeren betrokken, versterkt hen en geeft hen een stem, zodat ze meer impact kunnen hebben op de samenleving. Het brengt onrecht onder de aandacht en fungeert als spreekbuis voor de jongeren.

Artikel 4 - Openingstijden en sluitingsuren

Het jeugdhuis bezorgt elke twee maanden een overzicht van geplande activiteiten. Het gemeentebestuur wordt minstens twee weken op voorhand per e-mail op de hoogte gebracht van een extra openingsavond. Het overzicht verzenden ze naar jeugd@kapellen.be.

Grotere evenementen / activiteiten geeft het jeugdhuis ten laatste twee maanden op voorhand door aan het gemeentebestuur. Bij grote activiteiten kan het jeugdhuis gratis gebruik maken van de gemeentelijke fuifzaal Eskapade en BIZ als deze beschikbaar zijn. Dit toetst het bestuur van het jeugdhuis minstens 2 maanden op voorhand af bij het gemeentebestuur.

Bij voornoemde openingstijden moet steeds het sluitingsuur gerespecteerd worden. Tot 02.00 uur tijdens weekdagen en op zondagavond en tot 03.00 uur tijdens het weekend (vrijdag- en zaterdagavond).

Het jeugdhuis mag altijd bijkomende activiteiten organiseren waarbij het jeugdhuis niet gebruikt wordt: een jeugdhuizentocht, een uitstap naar een pretpark, een quiz op andere locatie enzovoort.

Artikel 5 - voorwaarden voor toelage

  1. Voorwaarden voor basistoelage

Het jeugdhuis krijgt een basistoelage van € 2.500 (80% bij aanvang van het werkingsjaar: voor 30 januari, 20% bij goedkeuring werkingsverslag). In ruil hiervoor verwacht het gemeentebestuur een uitgebreid recreatief en informatief aanbod, jaarlijks werkingsverslag met informatie over het aanbod, ledenlijst, begroting en de rekening.

Het jeugdhuis houdt ook rekening met de afspraken over volgende onderdelen:

Accommodatie:

       De ruimte waarin de werking zich ontplooit, dient tijdens de openingsuren exclusief ter beschikking te staan van het jeugdhuis.

       De ontmoetingsruimte dient in een degelijke staat te verkeren, veilig te zijn en goed onderhouden te worden.

       Na openingsdagen, activiteiten en evenementen zorgt het bestuur van het jeugdhuis ervoor dat de ruimte vrij is van alle afval en rommel (lege blikjes, flesjes, slingers, attributen, …). Als de planning het toelaat, voorziet het gemeentebestuur dat de ruimte gepoetst wordt.

Structuur en inspraak in de werking:

       Het jeugdhuis neemt de vorm aan van een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) met maatschappelijke zetel binnen de gemeente.

       De raad van bestuur vergadert minstens 1 keer per jaar.

Administratie:

       Het jeugdhuis bezorgt de jeugd- en cultuurdienst minstens 2 maanden op voorhand (tenzij anders afgesproken met de jeugd- en cultuurdienst) een overzicht van de activiteiten/openingsdagen.

       Het jeugdhuis sluit volgende verzekeringen zelf af en bezorgt jaarlijks een bewijs aan de jeugd- en cultuurdienst:

       Verzekering burgerlijke aansprakelijkheid tegenover derden;

       Verzekering lichamelijke ongevallen voor de leden en medewerkers;

       Verzekering objectieve aansprakelijkheid voor het gebouw en indien nodig voor bepaalde activiteiten.

       Verzekering brand en ontploffingsschade voor de eigen inboedel.

       Het jeugdhuis beschikt over een ledenlijst, verslagen van alle vergaderingen en gegevens m.b.t. het financieel beleid (budget en rekening).

       Het jeugdhuis werkt i.s.m. Formaat een privacyverklaring uit.

       Het jeugdhuis is lid van een overkoepelend orgaan (vb. Formaat).

       Het jeugdhuis blijft aansprakelijk tegenover derden, en tegenover om het even welk gezagsorgaan, bestuur of instantie; bijvoorbeeld voor het betalen van auteursrechten (SABAM), billijke vergoeding, verzekeringen, enz.

Doelgroep:

       De werking van het jeugdhuis is voornamelijk gericht op 16 - tot 30-jarigen.

Activiteitenaanbod:

       Zie de basisprincipes zoals beschreven in artikel 2.

       Zie de functies zoals beschreven in artikel 3.

       Minstens 4 keer per jaar wordt een sportieve of recreatieve (ontspannings)activiteit georganiseerd: tafelvoetbal- of dartstornooi, gezelschapsspelenavond, speciale muziek of een thema-avond, optreden, TV-uitzending op groot scherm, een sportactiviteit, een quiz, een uitstap, …

       Het jeugdhuis gaat minstens 2 keer per jaar een samenwerkingsverband aan met de jeugd- en cultuurdienst (of een andere dienst) voor de organisatie van of een deelname aan een gemeentelijke activiteit (vb. Pulptuur, dorpsdag, Kamp Noord, …)

Informatie en communicatie:

       Via minstens één informatiebron krijgen jongeren informatie over de werking en de structuur van het jeugdhuis, de activiteiten en de mogelijkheden tot participatie.  Deze informatie wordt ook aan de gemeentelijke jeugd- en cultuurdienst bezorgd.

       Er is regelmatig overleg tussen het jeugdhuis en de gemeentelijke jeugddienst om de werking van het jeugdhuis op te volgen.

       Het jeugdhuis voert gerichte promoacties via posters, flyers, sociale media en/of website om de doelgroep te bereiken.

       Het jeugdhuis staat zelf in voor de communicatie met de politiediensten. Het tweemaandelijks overzicht wordt ook rechtstreeks naar hen gemaild (pz.noord.hhoo@police.belgium.eu). Het gemeentebestuur wordt altijd op de hoogte gebracht van de communicatie met de politiediensten.

Afspraken over (sterke)drank:

       Aanbieden van sterke drank is verboden.

Uitzonderingen moeten goedgekeurd worden door het college van burgemeester en schepenen. Sterke drank mag niet verkocht, geschonken of aangeboden worden aan min-achttienjarigen.

       Het is verboden om alcohol te verkopen, te schenken of aan te bieden aan wie jonger is dan zestien jaar. Met alcohol bedoelt men alle alcoholhoudende dranken van meer dan 0.5% vol., onder andere bier, wijn, ...

       Van elke persoon die alcohol wil kopen, mag gevraagd worden zijn leeftijd aan te tonen.

       Het jeugdhuis voorziet een ruim assortiment een alcoholvrije dranken, bv. alcoholvrije bieren en frisdranken.

       Het jeugdhuis voorziet gratis kraanwater voor haar bezoekers.

  1. Voorwaarden voor extra toelage

Het jeugdhuis kan een extra toelage krijgen als zij hiervoor een gemotiveerde aanvraag doen bij de jeugd- en cultuurdienst. Deze toelage kan dienen om de kostprijs te drukken bij een groter evenement (vb. duurdere artiest, …).

Deze toelage kan enkel rekening houdend met het voorziene krediet in het budget.

Artikel 6 - Vermindering van het subsidiebedrag

Het college van burgemeester en schepenen kan het subsidiebedrag van de basistoelage verminderen als daar voldoende redelijke argumenten voor zijn. Het subsidiebedrag kan ook ingehouden worden in geval van vernieling / defecten aan de accommodatie en gemeentelijk materiaal, behalve als het door normale slijtage komt.

Artikel 7 - Werkingsverslag

Het jeugdhuis dient jaarlijks een subsidieaanvraag met werkingsverslag in bij de gemeentelijke jeugd- en cultuurdienst. De subsidieaanvraag met werkingsverslag dient elk jaar uiterlijk tegen 1 maart aan de gemeentelijke jeugd- en cultuurdienst (jeugd@kapellen.be) te worden bezorgd. Bij goedkeuring van dit verslag heeft het jeugdhuis recht op de overige 20% van hun basistoelage.

Het college van burgemeester en schepenen brengt het jeugdhuis elk jaar uiterlijk tegen 31 maart op de hoogte van de toegekende toelage. De toelage wordt daarna zo snel mogelijk op de bankrekening van het jeugdhuis gestort.

Het werkingsverslag bestaat uit volgende onderdelen:

       Overzicht activiteiten met info over aantal, gevarieerd aanbod, soort activiteiten, bereik aantal personen en doelgroep

       Financieel overzicht: budget en rekening weergeven per activiteit, gewone caféavonden mogen gecombineerd worden

       Aantal (nieuwe) leden: specifiek rapporteren (leeftijden, geslacht, …)

       Plan voor komend werkingsjaar

       Activiteiten

       Ledenwerving / doelgroep

       Budgetplanning

Artikel 8 - Subsidies binnen het reguliere subsidiereglement

Het jeugdhuis kan niet gesubsidieerd worden binnen het bestaande subsidiereglement voor verenigingen. Met uitzondering van kadervorming- en projectsubsidies.

Artikel 9 - Gebruik infrastructuur Oud-Gemeentehuis Kapellen, Antwerpsesteenweg 2, 2950 Kapellen

’t Oud-Gemeentehuis, gelegen te Antwerpsesteenweg 2, 2950 Kapellen, kreeg als invulling/functie 'Huis voor jeugd en welzijn'. Het gemeentebestuur stelt de eerste verdieping ter beschikking voor jeugdhuis Zwarte Paula.

Het jeugdhuis volgt de richtlijnen van de rookwetgeving en de wetgeving omtrent het maximale geluidsniveau.

Het jeugdhuis is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud en het zorgen voor een ordelijke en schone staat van de ruimtes tijdens en na gebruik. Na activiteiten kijkt het jeugdhuis ook alles aan de buitenkant goed na: geen lege flesjes, los glas, afval, … op de stoep en/of straat, dit wordt opgeruimd en binnengezet.

Het jeugdhuis beschikt over een EHBO-koffer die door het gemeentebestuur werd aangeleverd.

Artikel 10 - Verhuringen van de infrastructuur aan derden

Het jeugdhuis mag de gebruikte infrastructuur niet onderverhuren aan derden.

Het jeugdhuis is wel vrij om afspraken te maken met andere verenigingen om in samenwerkingsverband met vzw Zwarte Paula activiteiten te organiseren in de ter beschikking gestelde infrastructuur. Vzw Zwarte Paula blijft hierbij altijd de eindverantwoordelijke en volgt na elke activiteit op.

Artikel 11 - Duur van de overeenkomst

Deze overeenkomst loopt vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026, tenzij de jaarlijkse evaluatievergadering met het gemeentebestuur en het jeugdhuis uitwijst dat er aanpassingen nodig zijn. In dat geval wordt een nieuwe overeenkomst opgemaakt en voorgelegd aan de gemeenteraad.

Huidige overeenkomst wordt tussen de partijen ter goeder trouw opgesteld in drie getekende exemplaren, waarvan één exemplaar bestemd is voor het jeugdhuis en twee voor het gemeentebestuur die elk erkennen dit te hebben ontvangen.

Opgemaakt te Kapellen op 18/11/2025,

 

Namens gemeentebestuur Kapellen:

 

Namens de vzw Zwarte Paula:

 

De algemeen directeur       

 

De burgemeester

Bestuurder

Bestuurder

Bestuurder

D. Van Tiggelen                        

A. Stokmans

Jonas Ollevier

Senne Van Cleuvenbergen

Lars Ollevier

 

 

 


[1] Bron: website Formaat.

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

23. Toetredingsovereenkomst eLys. - Kennisname.

 

Feiten en motivering

Op 1 januari 2026 neemt Kapellen het eLys-platform voor de digitale verwerking van
een overlijden in gebruik. Op het college van 17 februari werd akkoord gegeven voor de koppeling met de toepassing BS.net.

Voor de start van deze nieuwe werkwijze moet de gemeente een toetredingsovereenkomst ondertekenen om te voldoen aan de AVG-wetgeving. De gemeenteraad is bevoegd op basis van artikel 40 - 41 van het decreet lokaal bestuur.

Het overlijden van een persoon leidt in Vlaanderen tot een uitgebreid administratief proces, met uitwisseling van papieren attesten tussen de betrokken partijen (gemeenten, uitvaartondernemer, artsen, Departement Zorg en Statbel) om aan hun wettelijke verplichtingen te voldoen. Ook nabestaanden krijgen te maken met deze administratieve rompslomp. Het digitaal uitwisselingsplatform eLys digitaliseert de administratieve processen en procedures die gepaard gaan met het overlijden van een persoon en zorgt voor een efficiënte en veilige gegevensdeling tussen alle betrokken stakeholders.

Het eLys platform kwam tot stand via een projectdossier bij het programma 'Gemeente zonder Gemeentehuis'. Op 9 december 2022 besliste de Vlaamse regering een subsidie van 1.968.455,32 euro te verlenen voor dit project. Omdat de aangifte van overlijden zich op kruispunt van Vlaamse en federale bevoegdheden situeert en er zoveel actoren betrokken zijn, werd Athumi - Het Vlaams Datanutsbedrijf, een verzelfstandigd Vlaams agentschap, gevraagd om als onafhankelijke partij met de projectsubsidie het uitwisselingsplatform te ontwikkelen, de verschillende actoren samen te houden en te werken aan de uitbouw van één digitaal ecosyteem waarin alle deelnemers worden verbonden. De voorbije twee jaar werd stevig doorgewerkt om de volgende modules te ontwikkelen binnen één gegevensuitwisselingsplatform:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        vaststellen van het overlijden: het registreren en beheren van de data met betrekking tot het vaststellen van het overlijden door artsen en ziekenhuizen;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        registratie van het overlijden: het realiseren van de officiële registratie (opmaken overlijdensakte) door de gemeenten;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        organiseren van de uitvaart, crematie of begraving: regelt de informatiestromen inzake laatste wilsbeschikking/uitvaartcontract, natuurlijk of verdacht overlijden, bijkomende adviezen artsen, aanvraag en toelating tot begraven/cremeren tussen uitvaartondernemers (in opdracht van de naasten) en gemeenten;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        delen van data: deze module is verantwoordelijk voor het delen en verwerken van de medische gegevens in functie van de overlijdensstatistiek.

Ondertussen kwam het decreet van de Vlaamse Regering van 14 juli 2025 over het platform voor overlijdensadministratie dat de naam eLys kreeg, tot stand waardoor de digitalisering van de
overlijdensadministratie vanaf donderdag 1 januari 2026 verplicht wordt opgelegd.

Binnen dit decreet zijn specifiek de volgende artikelen relevant voor de lokale overheden in kader van de verwerkingen die plaatsvinden op het eLys-platform:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor de gegevens van de vaststelling van het overlijden: artikelen 11 tot en met 14;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor het attest: artikelen 15 tot en met 17;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor het verslag van de beëdigd arts: artikelen 18 tot en met 20

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor het uittreksel of afschrift van de akte van overlijden: artikelen 22 en 23;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor de laatste wilsbeschikking: artikelen 25  en 26;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de deeltoepassing voor de toestemming tot begraven of crematie: artikelen 27 tot en met 29;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de toepassing voor de gegevens voor overlijdensstatistieken: artikel 30;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        de afgeleide deeltoepassing voor het ontsluiten van gegevens aan de gemeente waar de overleden persoon wordt begraven: artikel 35 tot en met 37;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        gemeenschappelijke bepalingen: artikel 38.

De voordelen van eLys bestaan uit:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        een vermindering van de administratieve lasten en kosten per lokaal bestuur;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        een verkorting van de doorlooptijd;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        een betere dienstverlening aan de burger die ontlast wordt van administratieve rompslomp;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        voor de dienst Burgerzaken, zit de concrete winst in het wegvallen van de fysieke opvolging van de papieren stroom van de modellen IIIC/D, het vervangen van de talrijke elektronische contacten met de uitvaartondernemers door het gebruiken één gezamenlijk platform, het vermijden van fouten bij het overtypen van de gegevens van de overledene of van het overlijden en het automatisch verrijken waar mogelijk van de socio-economische statistiek;

                                                                                                                                                                                                                                                                                        dit besluit heeft geen financiële implicaties.

De AVG-wetgeving (Algemene Verordening Gegevensbescherming) verplicht de gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijken van het platform een toetredingsovereenkomst te ondertekenen. Die overeenkomst regelt de verdeling van de verantwoordelijkheden voor de verwerking van de persoonsgegevens. De werkgroep informatie en cyberveiligheid van VVSG die de DPO’s van de verschillende steden en gemeenten verenigt, keek dit document na en valideerde het. Concreet sluit elk lokaal bestuur een toetredingsovereenkomst af met Athumi dat verder blijft instaan voor de bouw en het beheer van eLys.

De toetredingsovereenkomst werd nagekeken door de informatieveiligheidsconsulent van het lokaal bestuur Kapellen alsook de dienst ICT.

Het is hierbij aangewezen om de toetredingsovereenkomst voor de verwerking van persoonsgegevens in het kader van het platform voor overlijdensadministratie met het Vlaams Datanutsbedrijf met merknaam Athumi goed te keuren voor een vlotte implementatie van de toepasselijke wetgeving. Deze overeenkomst dient getekend voor 1 december ontvangen te worden en werd toegevoegd als bijlage.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             het decreet lokaal bestuur

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             het decreet van 14 juli 2025 over het platform voor overlijdensadministratie

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                             de algemene verordening gegevensbescherming

Kennisname

Artikel 1

De gemeenteraad neemt kennis van de toetreding tot Elys en de daaraan gekoppelde toetredingsovereenkomst.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

24. Toetreding raamovereenkomst telecommunicatie.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

De Vlaamse Gemeenschap sloot een nieuwe raamovereenkomst voor telecommunicatie af waarin Perceel 2 wordt toegewezen aan Orange Belgium NV (beslissing Vlaamse Regering 30 juni 2023). Volgens het meegedeelde commerciële en technische materiaal zijn voor dit perceel zeer competitieve tarieven voorzien. De gemeente neemt vandaag reeds diensten af bij Orange. Orange berekende voor onze organisatie dat toetreding tot de raamovereenkomst een kostenreductie tot 70 procent kan opleveren.

Onder meer de volgende elementen dragen bij tot deze besparing: lage vaste profielkosten, zeer lage PAYU-datatarieven van 0,4096 euro per GB, optimale afstemming tussen verbruik en kost en extra functionaliteiten zoals invoice split, waarbij privégebruik automatisch aan de medewerker gefactureerd wordt. De FAQ bevestigt dat premiumdiensten buiten een werkgeversbudget vallen en automatisch aan de medewerker aangerekend worden wanneer invoice split actief is.

Door gebruik te maken van de raamovereenkomst moet de gemeente geen eigen plaatsingsprocedure organiseren. De Vlaamse overheid treedt op als aankoopcentrale en beschikt over de nodige expertise. De continuïteit van de bestaande dienstverlening wordt verzekerd en de toetreding valt binnen het wettelijk kader voor overheidsopdrachten.

Juridisch kader

Conform het modelbesluit voor lokale besturen gelden de volgende rechtsbronnen:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Wet van 17 juni 2013 betreffende motivering, informatie en rechtsmiddelen

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende de plaatsing van overheidsopdrachten

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 14 januari 2013 betreffende de algemene uitvoeringsregels

                                                                                                                                                                                                                                                                                        De contractuele documenten van de raamovereenkomst Telecommunicatiediensten (besteknr. 2022/HFB/MPMO/96984)

De gemeente behoort tot het klantenbereik dat gerechtigd is om toe te treden, zoals opgenomen in de raamovereenkomst. Toetreding gebeurt via de ondertekende Toetredingsovereenkomst die aan Orange Belgium NV wordt bezorgd.

Financiële gevolgen

De toetreding heeft een positief budgettair effect. De verwachte besparing tot 70 procent is gebaseerd op de doorgerekende profielen en het huidige verbruik van de gemeente. De vaste profielkosten binnen de raamovereenkomst bedragen tussen 0,50 en 1,50 euro per maand. Het PAYU-tarief van 0,4096 euro per GB zorgt voor een nauwkeurige afrekening zonder verlies door ongebruikte databundels. Privégebruik kan via invoice split rechtstreeks bij de medewerker worden aangerekend.

De totale besparing zal afhangen van het effectieve gebruikspatroon, maar de algemene verwachting is dat de structurele kosten aanzienlijk dalen ten opzichte van de huidige contracten.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

De gemeenteraad treedt toe tot Perceel 2 van de raamovereenkomst Telecommunicatiediensten (besteknr. 2022/HFB/MPMO/96984) van de Vlaamse Gemeenschap. Dit betreft mobiele telefonie, mobiele datacommunicatie voor professioneel gebruik en toepassingen voor Machine to Machine en Internet of Things, gegund aan Orange Belgium NV.

Artikel 2

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit en met de praktische bestellingen binnen dit perceel, volgens de geldende delegatieregels.

Artikel 3

De Toetredingsovereenkomst wordt ondertekend en bezorgd aan Orange Belgium NV.

Artikel 4

De ICT-dienst coördineert de migratie van de huidige mobiele telefoniediensten naar de raamovereenkomst, in overleg met Orange Belgium NV.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

25. Aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer. Driehoevenseweg. Algemeen reglement.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Naar aanleiding van vernieuwde bovenbouw van de Driehoevenseweg als gevolg van het rioleringsproject 'Grensstraat' wordt het algemeen aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer herschreven.

Wijzigingen:

Er wordt een tonnagebeperking van maximum 5 ton opgenomen, om te vermijden dat vrachtwagens via de Driehoevenseweg naar de KMO-zone in Woensdrecht achter de Bosweg zouden rijden.

Op het kruispunt van de Driehoevenseweg met de Grensstraat moeten de bestuurders op de Driehoevenseweg voorrang verlenen aan de bestuurders op de Grensstraat.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd door het koninklijk besluit van 16 maart 1968

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 1 december 1975

                                                                                                                                                                                                                                                                                        ministerieel besluit van 11 oktober 1976

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet lokaal bestuur, 22 december 2017

                                                                                                                                                                                                                                                                                        gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet van 16 mei 2008

                                                                                                                                                                                                                                                                                        uitvoeringsbesluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 17 december 2012 betreffende het verbod voor vrachtwagens in de Driehoevenseweg

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

opheffing

Het aanvullend reglement voor de Driehoevenseweg van 17 december 2012 betreffende het verbod voor vrachtwagens wordt opgeheven.

Artikel 2

voorrang

Op het kruispunt van de Driehoevenseweg met de Grensstraat moeten de bestuurders op de Driehoevenseweg voorrang verlenen aan de bestuurders op de Grensstraat.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersbord B1

       verkeersborden B15

Artikel 3

tonnagebeperking

In de Driehoevenseweg is de toegang verboden voor bestuurders van voertuigen waarvan de massa in beladen toestand hoger is dan 5 ton; de maatregel geldt niet voor plaatselijk verkeer.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden C21

       onderborden GIV

Artikel 4

kennisgeving

Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse Overheid.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

26. Aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer. Grensstraat. Ertbrandstraat. Driehoevenseweg. Zone 30.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Naar aanleiding van vernieuwde bovenbouw van de Grensstraat en Driehoevenseweg als gevolg van het rioleringsproject van aan de Ertbrandstraat tot aan de terreinen van Putte SK wordt een nieuwe zone 30 ingevoerd.

Het gebied wordt met zonale verkeersborden afgebakend vanaf Ertbrandstraat nr. 282 - waar het fietspad overgaat in een fietssuggestiestrook - tot Grenstraat 70 zodat het kruispunt met de Driehoevenseweg juist mee in de zone 30 zit. Vevolgens loopt de zone 30 over de gehele lengte van de Driehoevenseweg, tot aan de Bosweg (NL).

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd door het koninklijk besluit van 16 maart 1968

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 1 december 1975

                                                                                                                                                                                                                                                                                        ministerieel besluit van 11 oktober 1976

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet lokaal bestuur, 22 december 2017

                                                                                                                                                                                                                                                                                        gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet van 16 mei 2008

                                                                                                                                                                                                                                                                                        uitvoeringsbesluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

zone 30

In het gebied begrensd door de/het:

       Ertbrandstraat (N11) t.h.v. huisnummer 282 (incl.);

       kruispunt Ertbrandstraat - A.C. Swinnestraat - Grensstraat (incl.);

       Albert-Louisastraat (excl.);

       Achterstraat (NL) (excl.);

       Tulpstraat (NL) (excl.);

       St.-Dionysiusstraat (excl.);

       Grensstraat t.h.v. huisnummer 70 (incl.);

       Schaepmanstraat (NL) (excl.);

       Begoniastraat (NL) (excl.);

       Bosweg (NL) (excl.);

wordt een zone 30 wordt afgebakend. Het begin van de zone 30 wordt aangeduid; ook het einde van de zone 30 wordt aangeduid.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden F4a

       verkeersborden F4b

 

Artikel 2

goedkeuring

Dit aanvullend reglement wordt ter goedkeuring overgemaakt aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse Overheid.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

27. Aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer. Grensstraat. Algemeen reglement.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Naar aanleiding van vernieuwde bovenbouw van de Grensstraat als gevolg van het rioleringsproject van aan de Ertbrandstraat tot aan de terreinen van Putte SK wordt het algemeen aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer herschreven.

Volgende wijzigingen worden opgenomen:

                                                                                                                                                                                                                                                                                        voorrangsregeling (artikel 2):

                                                                                                                                                                                                                                                               de Driehoevenseweg moet voorrang verlenen aan het verkeer op de Grensstraat

                                                                                                                                                                                                                                                               op de andere kruispunten blijft de voorrang van rechts van kracht

                                                                                                                                                                                                                                                                                        tonnagebeperking (artikel 3):

                                                                                                                                                                                                                                                               om te vermijden dat er via de Grensstraat naar de KMO-zone in Woensdrecht achter de Bosweg wordt gereden, geldt er een tonnagebeperking van maximum 5 ton

                                                                                                                                                                                                                                                                                        fietspaden (artikels 5 en 6):

                                                                                                                                                                                                                                                               het fietspad begint in de nieuwe situatie al aan het kruispunt van de Tulpstraat. Daarvoor rijden fietsers op de fietssuggestiestrook, door 'lopers' aangeduid op de rijbaan.

 Het fietspad wordt vanaf de Tulpstraat tot de Oosthoevestraat aangeduid door het   verkeersbord D9 (fietspad en voetpad gescheiden van mekaar). Op die manier                              mogen ook speedpedelecs het fietspad volgen.

 Vervolgens, tussen Oosthoevestraat en Klinkaardstraat waar geen fysiek voetpad    meer aanwezig is, behoudt het fietspad een gemengd statuut als voet- en fietspad,                             aangeduid met het verkeersbord D10.                                           Speedpedelecs moeten in deze 50 km per uur zone op de rijbaan rijden.

                                                                                                                                                                                                                                                                                        parkeerregime (artikels 7 en 8):

                                                                                                                                                                                                                                                               de parkeerstroken op grondgebied Kapellen worden voorbehouden voor motorfietsen, personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen

                                                                                                                                                                                                                                                               buiten de parkeerstroken geldt een parkeerverbod, opdat er geen voertuigen zouden parkeren op de fietssuggestiestroken

 

De inrichting van een zone 30 in een gedeelte van de Grensstraat, Ertbrandstraat en Driehoevenseweg wordt in een apart aanvullend reglement opgenomen. 

Buiten de bebouwde kom maakt de Grensstraat reeds deel uit van een zone 50, tot aan de Klinkaardstraat.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd door het koninklijk besluit van 16 maart 1968

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 1 december 1975

                                                                                                                                                                                                                                                                                        ministerieel besluit van 11 oktober 1976

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet lokaal bestuur, 22 december 2017

                                                                                                                                                                                                                                                                                        gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet van 16 mei 2008

                                                                                                                                                                                                                                                                                        uitvoeringsbesluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 24 juli 1972 betreffende gewichtsbeperking in de Grensstraat

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 15 november 2004 betreffende snelheidsbeperking in de Grensstraat

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 19 november 2018 betreffende tonnagebeperking in de Grensstraat

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

opheffing

Volgende aanvullende reglementen voor de Grensstraat worden opgeheven:

       het AR van 24-7-1972 betreffende gewichtsbeperking;

       het AR van 15-11-2004 betreffende snelheidsbeperking;

       het AR van 19-11-2018 betreffende tonnagebeperking.

 

Artikel 2

voorrang

Op het kruispunt van de Grensstraat met de Driehoevenseweg hebben de bestuurders op de Grensstraat voorrang op de bestuurders op de Driehoevenseweg.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersbord B1

       verkeersborden B15

 

Artikel 3

tonnagebeperking

Op de Grensstraat is de toegang is verboden voor bestuurders van voertuigen waarvan de massa in beladen toestand hoger is dan 5 ton; de maatregel geldt niet voor plaatselijk verkeer.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden C21

       onderborden GIV

 

Artikel 4

afslagverbod

Op het kruispunt van de Grensstraat met de Albert Louisastraat is het verboden af te slaan naar de Albert Louisastraat; de maatregel geldt niet voor fietsers, bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A en speed pedelecs.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersbord C31a

       verkeersbord C31b

       onderborden M12

 

Artikel 5

fietspad

Op de Grensstraat, vanaf het kruispunt met de Tulpstraat tot het kruispunt met de Oosthoevestraat moeten voetgangers, fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A het deel van de openbare weg dat voor hen is voorbehouden volgen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden D9

 

Artikel 6

deel van de openbare weg voorbehouden voor voetgangers en fietsers

Op de Grensstraat, vanaf het kruispunt met de Oosthoevestraat tot het kruispunt met de Klinkaardstraat (N111) moeten voetgangers en fietsers het deel van de openbare weg dat voor hen is voorbehouden volgen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden D10

 

Artikel 7

parkeerverbod

Op de Grensstraat,

       vanaf het kruispunt met de Ertbrandstraat tot het kruispunt met de Achterstraat (NL), aan de kant van Nederland;

       vanaf het kruispunt met de Ertbrandstraat tot het kruispunt met de Tulpstraat (NL), aan de kant van de pare huisnummers;

       vanaf het kruispunt met de Driehoevenseweg tot het kruispunt met de Oosthoevestraat, aan de kant van de pare huisnummers;

is het stilstaan en parkeren verboden; het begin van de parkeerreglementering wordt aangeduid; het einde van de parkeerreglementering wordt aangeduid.

 

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden E3

       onderborden GXa, GXb en GXd

 

Artikel 8

parkeerregime E9b

Op de Grensstraat, in de parkeerstroken

       tussen de Tulpstraat (NL) en de St. Dionysiusstraat, aan de kant van de pare huisnummers;

       tussen de St. Dionysiusstraat en de Driehoevenseweg, aan beide zijden van de straat;

       voorbij de Driehoevenseweg, in de richting van de Klinkaardstraat (N111), aan de kant van de onpare huisnummers;

is het parkeren voorbehouden voor motorfietsen, personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen; het begin van de parkeerreglementering wordt aangeduid; het einde van de parkeerreglementering wordt aangeduid.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden E9b

       onderborden GXa en GXb

 

Artikel 9

kennisgeving

Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse Overheid.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

28. Aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer. Hoogboomsteenweg. Algemeen reglement.  Goedgekeurd.

 

Feiten en motivering

Het algemeen aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer voor de Hoogboomsteenweg wordt aangepast om volgende redenen:

 

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Wijziging statuut fietspad (artikel 13)

Bij de aanleg van het nieuwe fietspad langs de Hoogboomsteenweg verkreeg deze rood geasfalteerde strook het gemengd statuut van fietspad en voetpad, aangeduid met het verkeersbord D10.

Dit verkeersbord D10 verbiedt (om veiligheidsredenen) speed pedelecs om de gemengde strook te gebruiken, waardoor zij verplicht de rijbaan moeten volgen. Omdat echter het fietspad vanaf de gemeentegrens met Brasschaat aangeduid is met het verkeersbord D7 (fietspad) en de snelheid op de rijbaan in Brasschaat verhoogt naar 70 km per uur, zijn de speed pedelecs verplicht om - komende van Kapellen - op de grens het fietspad op te rijden. De gemeentegrens bevindt zich echter in een bocht waar bovendien de fietsers slecht zichtbaar zijn door het aanwezige boomkruinendek, waardoor het risico op aanrijdingen bestaande is. Omdat het uiteraard niet de bedoeling is van een verkeersmaatregel om de situatie onveiliger te maken, wordt als oplossing voorgesteld om de speed pedelecs komende van Kapellen al te laten oversteken ter hoogte van het zebrapad aan de kerk door op die locatie het verkeersbord D10 (gemengd voet- en fietspad) te vervangen door D7 (fietspad). Het gedeelte vanaf de kerk tot aan de gemeentegrens met Brasschaat krijgt voortaan het statuut 'fietspad'. Voetgangers - sporadisch aanwezig op dit gedeelte - mogen er wandelen, maar moeten voorrang geven aan de fietsers.

 

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Toevoeging afslagverbod naar Bosdreef voor vrachtverkeer (artikel 10)

De eerdere invoering van het verbod op voertuigen zwaarder dan 3,5 ton uitgezonderd plaatselijk verkeer in de Bosdreef (volgens raadsbesluit 20 januari 2025) wordt gesignaleerd vanop de Hoogboomsteenweg door een afslagverbod vanuit beide rijrichtingen. Deze maatregel was nog niet eerder opgenomen in het algemeen reglement van de Hoogboomsteenweg.

Juridisch kader

                                                                                                                                                                                                                                                                                        wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd door het koninklijk besluit van 16 maart 1968

                                                                                                                                                                                                                                                                                        Koninklijk besluit van 1 december 1975

                                                                                                                                                                                                                                                                                        ministerieel besluit van 11 oktober 1976

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet lokaal bestuur, 22 december 2017

                                                                                                                                                                                                                                                                                        gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 42

                                                                                                                                                                                                                                                                                        decreet van 16 mei 2008

                                                                                                                                                                                                                                                                                        uitvoeringsbesluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 18 maart 2024 over het algemeen aanvullend reglement van de Hoogboomsteenweg

                                                                                                                                                                                                                                                                                        raadsbesluit van 20 januari 2025 over het algemeen aanvullend reglement van de Bosdreef

Financiële gevolgen

Niet van toepassing.

Besluit

STEMMING :

 Eenparig aangenomen.
 

Artikel 1

opheffing

Het aanvullend reglement van 18 maart 2024 voor de Hoogboomsteenweg wordt opgeheven.

 

Artikel 2

driekleurige verkeerslichten

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met de:

       Antwerpsesteenweg (N11);

       Koningin Astridlaan;

       Jagersdreef;

       Kazerneweg;

       Bosdreef;

       Leeuw Van Vlaanderenlaan;

       verbindingsweg naar lagere school De Platanen (t.h.v. huisnummer 120);

moeten de bestuurders de lichten van de driekleurige verkeerslichten naleven; de plaats waar de bestuurders moeten stoppen ingevolge het verkeerslicht wordt aangeduid.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeerslichten VL61.1

       wegmarkeringen WM76.1

 

Artikel 3

fietserslichten

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met:

       Koningin Astridlaan (voor het oversteken van de Koningin Astridlaan);

       Jagersdreef (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       verbindingsweg naar lagere school De Platanen (op het “fietspad” aan de zijde van huisnummer 120);

       Bosdreef (voor het oversteken van de Bosdreef en Hoogboomsteenweg);

moeten de fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen de driekleurige verkeerslichten met het fietssilhouet naleven.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeerslichten VL61.1.6

 

Artikel 4

voetgangerslichten

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met de:

       Antwerpsesteenweg (N11) (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       Koningin Astridlaan (voor het oversteken van de Koningin Astridlaan en Hoogboomsteenweg);

       Jagersdreef (voor het oversteken van de Jagersdreef);

       verbindingsweg naar lagere school De Platanen (t.h.v. huisnummer 120, voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       Kazerneweg (voor het oversteken van de Kazerneweg en Hoogboomsteenweg);

       Bosdreef (voor het oversteken van de Bosdreef en Hoogboomsteenweg);

       Leeuw Van Vlaanderenlaan (voor het oversteken van de Leeuw Van Vlaanderenlaan);

moeten de voetgangers de lichten van de tweekleurige voetgangerslichten naleven.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeerslichten VL63.1

 

Artikel 5

voorrangsweg

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met de/het:

       Oude Bergsebaan;

       Koningin Astridlaan;

       Jagersdreef;

       Poeldreef;

       Vinusakker;

       Rododendronlaan;

       Kazerneweg;

       Jef Verbercklaan;

       Bernard De Vadderlaan;

       Claessensdreef;

       Bosdreef;

       Leeuw Van Vlaanderenlaan;

       pleintje aan de kerk van Hoogboom (t.h.v. huisnummer 280);

wordt de voorrangsweg aangeduid.

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van:

       het kruispunt met de Antwerpsesteenweg (N11);

       de gemeentegrens met Brasschaat (t.h.v. huisnummer 292);

wordt het einde van de voorrangsweg aangeduid.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden B9

       verkeersborden B11

 

Artikel 6

voorrang verlenen

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van bovenvermelde kruispunten in artikel 5, moeten de bestuurders (stoppen en) voorrang verlenen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden B1 (enkel pleintje aan de kerk van Hoogboom)

       wegmarkering WM76.2 (enkel pleintje aan de kerk van Hoogboom)

       wegmarkeringen WM76.1 (tenzij deze al aangeduid werden ingevolge een verkeerslicht)

       onderborden M10 (enkel de straten aan de kant van het "deel van de openbare weg voorbehouden voor het verkeer van voetgangers en fietsers")

       verkeersborden B5 (alle overige straten)

 

Artikel 7

eenrichtingsverkeer

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het pleintje aan de kerk van Hoogboom, geldt eenrichtingsverkeer in de richting van Kapellen-centrum.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersbord C1

       verkeersbord F19

 

Artikel 8

afslagverbod

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het pleintje aan de kerk van Hoogboom, tegenover huisnummer 229, is het verboden af te slaan naar het pleintje.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersbord C31a

       verkeersbord C31b

 

Artikel 9

afslagverbod

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van de

       Poeldreef;

       Oude Bergsebaan;

is het verboden af te slaan naar de Poeldreef; de maatregel geldt niet voor fietsers, bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A en speed pedelecs.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden C31a en C31b

       onderborden M12

 

Artikel 10

afslagverbod

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met de Bosdreef, is het verboden af te slaan naar de Bosdreef; de maatregel geldt alleen voor de bestuurders van voertuigen waarvan de massa in beladen toestand hoger is dan 3,5 ton; de maatregel geldt niet voor plaatselijk verkeer.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden C31a en C31b

       onderborden GVIIa

 

Artikel 11

snelheidsbeperking

Op de Hoogboomsteenweg, vanaf de Antwerpsesteenweg (N11) tot de bebouwde kom (t.h.v. de Koningin Astridlaan), en vanaf de gemeentegrens met Brasschaat (t.h.v. huisnummer 292) tot de bebouwde kom, is het verboden voor bestuurders sneller te rijden dan 50 km per uur.

Aan de gemeentegrens met Brasschaat (t.h.v. huisnummer 292) wordt het einde van de opgelegde snelheidsbeperking aangeduid.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden C43

       verkeersbord C45

 

Artikel 12

deel van de openbare weg voorbehouden voor voetgangers en fietsers

Op de Hoogboomsteenweg, vanaf het kruispunt met de Antwerpsesteenweg tot de kerk van Hoogboom (huisnummer 294) moeten voetgangers en fietsers het deel van de openbare weg dat voor hen is voorbehouden volgen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden D10

 

Artikel 13

fietspad

Op de Hoogboomsteenweg, vanaf de kerk van Hoogboom (huisnummer 294) tot de gemeentegrens met Brasschaat, moeten fietsers en bestuurders van tweewielige bromfietsen klasse A het dubbelrichtingsfietspad volgen, voor zover het in de door hen gevolgde rijrichting is gesignaleerd.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden D7

 

Artikel 14

parkeerregime E9b

Op de Hoogboomsteenweg, van huisnummer 251 tot huisnummer 271, is het parkeren voorbehouden voor motorfietsen, personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden E9b

       onderbord GXa

       onderbord GXb

 

Artikel 15

parkeerregime beperkte tijd

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van huisnummer 143, is het parkeren voorbehouden voor motorfietsen, personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen; de parkeerreglementering is beperkt in de tijd en geldt van 7 uur tot 19 uur, voor een maximumduur van 15 minuten; de parkeerreglementering geldt over een afstand van 12 m.

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van huisnummer 159, is het parkeren voorbehouden voor motorfietsen, personenauto's, auto's voor dubbel gebruik en minibussen; de parkeerreglementering is beperkt in de tijd en geldt van 9 uur tot 18 uur, van maandag tot en met zaterdag, voor een maximumduur van 15 minuten; de parkeerreglementering geldt over een afstand van 6 m.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       verkeersborden E9b

       onderborden GVIIc

       onderborden GV

       onderborden GXc

 

Artikel 16

rijstroken met doorlopende streep

Op de Hoogboomsteenweg,

       vanaf de Antwerpsesteenweg, over een lengte van +- 17 meer;

       van huisnummer 16 tot 18;

       van huisnummer 23 tot 25;

       van huisnummer 31 tot 37;

       van huisnummer 96 tot 98;

       van huisnummer 116 tot 120;

       van huisnummer 119 tot 121;

       van huisnummer 215 tot 219;

       van huisnummer 275 tot 292 (de gemeentegrens met Brasschaat);

is het iedere bestuurder verboden de doorlopende streep te overschrijden, alsook links van de streep te rijden wanneer deze de twee rijrichtingen scheidt.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       wegmarkeringen WM72.2

 

Artikel 17

rijstroken met onderbroken streep

Op de Hoogboomsteenweg,

       van huisnummer 2c tot 16;

       van huisnummer 19 tot 23;

       van huisnummer 25 tot 31;

       van huisnummer 37 tot 96;

       van huisnummer 98a tot 116;

       van huisnummer 120 tot 119;

       van huisnummer 127 tot 215;

       van huisnummer 219 tot 275;

       daar waar de witte doorlopende streep wordt onderbroken t.h.v. de respectievelijke op- en afritten;

is het iedere bestuurder verboden de onderbroken streep te overschrijden, behalve om in te halen, om links af te slaan, om te keren of om van rijstrook te veranderen.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       wegmarkeringen WM72.3

 

Artikel 18

oversteekplaats voor voetgangers

Op de Hoogboomsteenweg, ter hoogte van het kruispunt met de:

       Antwerpsesteenweg (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       verbindingsweg naar de Schapendreef (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       verbindingsweg naar de Lijsterlaan (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg)

       Koningin Astridlaan (voor het oversteken van de Koningin Astridlaan en Hoogboomsteenweg);

       Jagersdreef (voor het oversteken van de Jagersdreef en Hoogboomsteenweg);

       Poeldreef (voor het oversteken van de Poeldreef en Hoogboomsteenweg);

       Vinusakker (voor het oversteken van de Vinusakker en Hoogboomsteenweg);

       verbindingsweg naar lagere school De Platanen (t.h.v. huisnummer 120, voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       Kazerneweg (voor het oversteken van de Kazerneweg en Hoogboomsteenweg);

       Jef Verbercklaan (voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

       Bernard de Vadderlaan (voor het oversteken van de Bernard De Vadderlaan en Hoogboomsteenweg);

       Claessensdreef (voor het oversteken van de Claessensdreef en Hoogboomsteenweg);

       Bosdreef en de Leeuw van Vlaanderenlaan (voor het oversteken van de Bosdreef, Hoogboomsteenweg en Leeuw Van Vlaanderenlaan);

       kerk van Hoogboom (huisnummer 294, voor het oversteken van de Hoogboomsteenweg);

moeten voetgangers de oversteekplaats volgen om de rijbaan over te steken.

Dit wordt aangeduid door verkeerstekens:

       wegmarkeringen WM76.3

 

Artikel 19

Dit aanvullend reglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse Overheid.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

 

Zitting van 15 december 2025

 

Openbare zitting

 

Openbare zitting

29. Actualiteitsvraag. - Kennisname.

 

Feiten en motivering

Een week geleden werden we door enkele bewoners van de Grensstraat/Driehoevenseweg gevraagd om ons ter plaatse te komen vergewissen van de toestand van de aan de gang zijnde wegenis- en rioleringswerken. Deze bewoners zitten niet enkel met de handen in het haar, maar staan ook al (7) maanden met de schoenen in de modder.

Akkoord, men kan geen omelet maken zonder eieren te breken, maar wat we daar allemaal gezien hebben, tart werkelijk alle verbeelding.

Met betrekking tot de Veiligheid:

       Putdeksels in donkere kleuren liggen ca. 10 cm boven de grond op een onverlicht voetpad;

       Opgestapelde stenen/paletten/buizen liggen zonder signalisatie opgestapeld op het enige begaanbare voetpad;

       Geen signalisatie aan de vele putten;

       Een niet geaarde diesel generator die vlak naast een werfkeet stond opgesteld;

       Putdeksels op de rijweg die iedere keer verschuiven wanneer en overgereden wordt;

       Steenslag van de funderingslaag die opgeworpen wordt wanneer er wagens passeren;

       Geen duidelijk zichtbare markering einde fietspad waar dit opgebroken werd;

       Veel te smal voetpad (soms 2, soms 3, vaak geen tegels) waardoor een rolstoelgebruiker enorm geschrokken is toen speed pedelecs hem voorbijraasden;

       Bij calamiteiten in de Driehoevenseweg kunnen de hulpdiensten niet ter plaatse geraken. Met betrekking tot de aanwezige straatbomen :

       De graafmachines hebben ernstige schade veroorzaakt aan het wortelstelsel;

       De berm waarop die bomen zich bevinden bevindt zich ca. 20 cm boven de straatgoot.

 

Met betrekking tot praktische problemen voor de bewoners:

       Bewoners moeten ver lopen met hun huisvuilcontainers over niet verharde wegen en huisvuil wordt soms niet opgehaald wegens geen toegang (idem postbode);

       Bewoners met een elektrische wagen kunnen deze niet thuis laden;

       Schade aan de nutsvoorzieningen tijdens de graafwerken;

       Scheuren in muren in diverse woningen;

       Bezoekers ontvangen is bijna onmogelijk, niet fijn met de feestdagen voor de deur;

       Wegenwerkers werpen hun afval gewoon op de openbare weg

 

Met betrekking tot de expertise van de aannemer:

       Rioolbuizen die niet op de bodem van de gracht liggen, maar 30 cm daarboven waardoor huizen en kelders op de lager gelegen percelen onderlopen.

Naar we vernomen hebben, minimaliseren medewerkers van de dienst ‘Publieke ruimte & leefmilieu’ de problemen die er duidelijk wel zijn (foto’s bijgevoegd ter staving). Ook een ‘hoera’ bericht op sociale media begin november dat de rioleringswerken voltooid werden (na ruim zes maanden ellende) werd bij vele buurtbewoners niet goed onthaald. Wij zijn van mening dat de bewoners van beide straten een betere opvolging van de werken verdienen en dat problemen worden aangepakt wanneer ze zich voordoen i.p.v. deze weg te lachen of te minimaliseren. Ook een verscherpt toezicht tijdens de weekends zouden de bewoners zeker op prijs weten te stellen.

       Bent u op de hoogte van de vele klachten die wij hier aankaarten ?

       Indien ja, waarom werd er niet bijgestuurd ?

       Indien neen, gaat u de nodige bijsturingen doen en de aannemer tot enige spoed manen ?

Juridisch kader

       Huishoudelijk reglement gemeenteraad artikel 11

Kennisname

Artikel 1

De gemeenteraad neemt kennis van de actualiteitsvraag.

 

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.